Verder lezen?

Rechtvaardige journalistiek verdient een rechtvaardige prijs.
Maak jij OneWorld mogelijk?

ja, ik word nu lid vanaf 6,- per maand

“Als ik ga stemmen, moet ik dan een eigen pen meenemen of hebben ze die voor me? Daar maak ik me dus echt druk over”, lacht Shatha Tamim (39). Zij is een van de honderdduizend nieuwe Nederlanders die dit jaar voor het eerst een stembiljet mag invullen. Voor Tamim is dat niet alleen voor het eerst sinds ze vanuit Syrië naar Nederland kwam, maar voor het eerst in haar leven. Dat geldt ook voor Ambassadjir Fisseha (19) uit Eritrea en Reda Abo Assaf (50) uit Syrië. Alle die ontvluchtten ze hun land vanwege het gebrek aan veiligheid, vrijheid en kansen. Nu maken ze zich op voor hun eerste verkiezingen in Nederland. Hoe komen zij tot hun keuze in een onbekend politiek systeem? Welke onderwerpen vinden ze belangrijk en hebben ze het gevoel dat hun stem ertoe doet?

Nieuwe stemmers in Nederland

Ongeveer 100.000 nieuwkomers mogen dit jaar voor het eerst stemmen. Dit gaat voor een groot deel om vluchtelingen die tijdens de vluchtelingencrisis tussen 2014 en 2016 naar Nederland kwamen en nu een Nederlands paspoort hebben. Zij komen grotendeels uit Syrië en Eritrea; daarnaast uit Afghanistan, Irak en Iran.

Om deze nieuwe Nederlanders aan te sporen om te gaan stemmen, lanceerde Stichting Nieuwlander – een collectief van ervaringsdeskundigen dat nieuwkomers en hun dienstverleners begeleidt – de campagne ‘Ik Stem Ook’. Uit onderzoek blijkt namelijk dat migranten minder gebruik maken van hun stemrecht: tussen 2006 en 2017 lag de opkomst onder stemgerechtigden met een niet-westerse migratieachtergrond op 58 procent, tegenover 83 procent van de Nederlanders zonder migratieachtergrond. Stichting Nieuwlander vermoedt dat de opkomst onder nieuwkomers nog lager zal zijn.

'Gelijkwaardigheid is belangrijk; veel nieuwkomers krijgen met discriminatie te maken'

Shatha staand
Shatha Tamim Beeld door: Ernst Coppejans

Shatha Tamim (39) komt uit Syrië en woont met haar drie kinderen in Zaandam. Ze is sinds 2015 in Nederland en werkt bij NewBees, een stichting die nieuwkomers aan werkervaringsplekken koppelt.

“Voor Nederlanders is het normaal om te stemmen, maar voor mij niet. Mijn ouders waren Palestijnse vluchtelingen; ik ben geboren in Algerije, groeide op in Syrië en woonde met mijn man in Saoedi-Arabië. We hadden nergens een paspoort en mochten niet stemmen. Ik was nooit bezig met politiek, want de politiek was niet bezig met mij. Dat ik nu mag stemmen voelt heel bijzonder, maar het is lastig kiezen. Veel andere nieuwkomers stemmen daarom niet. Er zijn zoveel partijen, de partijprogramma’s zijn ingewikkeld. Of ik de debatten kijk? Ik zag daar geloof ik gisteren iets van, dan gaan ze ruziemaken, toch?

Een belangrijk onderwerp vind ik hoe we nieuwkomers aan het werk krijgen. Voor mijn werk koppel ik nieuwkomers aan vrijwilligerswerk en stages, maar een betaalde baan vinden is héél lastig, zeker als ze wat ouder zijn. De politiek kan bedrijven pushen om nieuwkomers een kans te geven, en hun beter helpen passend werk te vinden. Het inburgeringsexamen zou ik juist afschaffen; zo’n papiertje moet niet het doel zijn.

We leven samen in Nederland, waarom hebben we aparte christelijke en islamitische partijen nodig?

Gelijkwaardigheid is ook belangrijk voor mij; veel nieuwkomers krijgen met discriminatie te maken. Mijn kinderen willen zichzelf geen ‘vluchteling’ noemen: ‘Nee mam, we zijn Nederlanders’, zeggen ze. Waarschijnlijk omdat mensen neerkijken op vluchtelingen, ze denken dat we arm en ongeschoold zijn. De politiek kan iets aan die beeldvorming doen. Laat ik het zo zeggen: van de PVV lees ik het programma niet eens.

Ik heb zelf ook niet alle antwoorden rond het thema ‘vluchtelingen’. Je kan niet iedereen laten komen, maar de grenzen sluiten is ook niet goed. Misschien kan Nederland andere landen dwingen óók de deuren te openen. Saoedi-Arabië stuurde ons in 2015 – middenin de oorlog! – terug naar Syrië omdat mijn man overleed en we daar verbleven op zijn werkvisum. Als iemand de macht heeft om dat te veranderen, of nog beter, om Syrië veilig te maken, is het de politiek. Dat is misschien makkelijk gezegd, maar nu hoor je er helemaal niets over.

Ik twijfel zelf tussen GroenLinks, PvdA en D66. Eerst dacht ik aan DENK, omdat het een islamitische partij is, maar juist daarom wil ik níet op ze stemmen. We leven samen in Nederland, waarom hebben we aparte christelijke en islamitische partijen nodig? Ik wil mezelf niet in één hokje stoppen. Ik ben moslim, maar ook Nederlander, nieuwkomer, Arabisch, vrouw en moeder. Daarom is het ook zo moeilijk kiezen: ik weet niet waar ik bij hoor.”

'Links’ of ‘rechts’ zegt me niet veel, als je mensen maar gelijk behandelt'

Ambassadjir staand
Ambassadjir Fisseha Beeld door: Ernst Coppejans

Ambassadjir Fisseha (19) komt uit Eritrea, is sinds 2015 in Nederland en woont in Heerenveen. Hij volgt een opleiding tot Bedrijfsadministrateur.

“Onderwijs en economie vind ik belangrijke thema’s – en dan vooral gelijke kansen daarin. Als je een stage of baan zoekt moet je een eerlijke kans krijgen, ook als nieuwkomer. Ik heb al drie keer bij de supermarkt gesolliciteerd, maar krijg geen reactie. En ik wilde naar het volwassenonderwijs, om een middelbareschooldiploma te halen zodat ik naar de universiteit kan. Bij de aanmelding zeiden ze dat ik het niet zou halen, terwijl ik nog geen enkele test had gedaan. Dat is geen gelijkheid. Nu moet ik na het mbo doorstromen, dat duurt erg lang. Het onderwijssysteem kan beter op dat gebied.

Er moet ook meer aandacht komen voor immigratie en asielzoekers, dat is voor mij noodzakelijk. Een vriend van mij komt ook uit Eritrea en woont hier al vijf jaar, maar heeft nog steeds geen verblijfsstatus. Hij kan geen opleiding volgen, is dakloos. Dat is niet eerlijk. Er zijn gelukkig een paar partijen die meer willen doen voor vluchtelingen.

Ik lees veel van de partijen en ik heb de stemwijzer gedaan, maar ik ben er nog niet over uit. ‘Links’ of ‘rechts’ zegt me niet zoveel, als je mensen maar gelijk behandelt. Met sommige partijen ben ik het op economisch vlak eens – ik vind dat je makkelijk een bedrijf moet kunnen starten en ik ben voor lage belastingen – maar als ze niet voor gelijke kansen voor vluchtelingen zijn, kan ik er niet op stemmen.

Als ik eenmaal een partij heb gekozen, wil ik ook de persoon met de sterkste ideeën vinden. Ik vind het zo leuk om ermee bezig te zijn! In Eritrea leerde ik niets over politiek, ik wist niet precies wat het was. Nu begrijp ik hoe het werkt, misschien wil ik zelf ooit wel de politiek in.

Dat geldt niet voor iedereen: veel nieuwkomers die ik spreek gaan niet stemmen, ze geloven niet in politiek. Ze komen uit landen waar toch nooit iets verandert. Ik vind het juist belangrijk dat nieuwkomers hun mening uiten, net zoals alle Nederlanders.”

'In Syrië had ik niet het gevoel dat stemmen iets zou uitmaken'

Reda 2
Reda Abo Assaf Beeld door: Foto: privécollectie

Reda Abo Assaf (50) komt uit Syrië en is sinds 2014 in Nederland. Hij woont in Arnhem met zijn vrouw en drie kinderen. Hij werkte voorheen in de bouw, maar door gezondheidsproblemen gaat dat niet meer.

“Het is de eerste keer in mijn leven dat ik ga stemmen. In Syrië hield ik me niet bezig met politiek, ik had niet het gevoel dat stemmen iets zou uitmaken. Dat maakt het nu moeilijk om te kiezen: ik heb geen ervaring met politiek, ik spreek de taal nog niet goed, er zijn zoveel partijen en ik ken er niet één.

Ik heb op internet wat programma’s gelezen en een samenvatting voor mezelf gemaakt. GroenLinks wil meer doen voor vluchtelingen, en ik las dat D66 voor veilige migratieroutes is, dat vind ik heel belangrijk. Andere partijen doen juist alsof we hier vrijwillig naartoe komen, alsof we het makkelijk hebben. Maar eigenlijk voelt het alsof alle partijen – links en rechts – vluchtelingen gebruiken voor hun partijprogramma’s. Ik heb nog nooit het idee gehad dat politici écht naar ons luisteren.

Het is moeilijk om als vluchteling je stem te laten horen

Ik zou willen dat politici snappen hoe moeilijk het is om de weg te vinden. Ik krijg veel brieven die ik niet begrijp, en als ik hulp vraag begrijpt de begeleider mij niet, of andersom. Het eerste jaar of twee na aankomst krijg je hulp van Vluchtelingenwerk, daarna mogen wijkinitiatieven het overnemen. Sommigen mensen weten die hulp te vinden, maar anderen niet. En als er iets misgaat, wordt het snel op ons afgeschoven.

Het is ook moeilijk om als vluchteling je stem te laten horen. Er zijn wel organisaties die namens ons met de overheid praten. Maar ik weet niet of zij ons echt goed begrijpen. Politici moeten er niet zomaar van uitgaan dat die organisaties voor ons spreken.

Als ik ga stemmen vind ik onderwijs belangrijk, en dan vooral dat we rekening houden met migrantenkinderen. Mijn dochter moest een dyslexietest doen, precíes dezelfde als kinderen die hier geboren zijn. Zoiets zouden ze toch beter moeten afstemmen? Zij is gelukkig goed in taal en spreekt bijna perfect Nederlands, maar dat geldt niet voor elk kind van migranten.”

thumbnail_PHOTO-2021-02-18-18-57-56 kopiëren1613727906309

De Dutch Squad: ‘Wij willen meer zwarte stemmers én Kamerleden’

Vier vrouwelijke politici van verschillende partijen vormen samen een nieuwe coalitie.

Spot-2

‘Waar blijft de linkse kritiek op Ruttes rechtse coronabeleid?’

De avondklokrellen komen Rutte prima uit, zegt Reijer Hendrikse.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Over de auteur

Redacteur

Roxane Soudagar studeerde Politicologie (Internationale betrekkingen) en volgde een master in Conflict Studies & Human Rights.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief