Een G8 initiatief om de Afrikaanse landbouw een boost te geven, riekt volgens critici naar kolonialisme. Dat meldde the Guardian afgelopen maand. Tien Afrikaanse landen hebben zich achter deze New Alliance for Food Security and Nutrition geschaard. Gezamenlijk deden zij meer dan 200 toezeggingen, onder andere op het gebied van zadenwetgeving.

Nieuwe regels rondom zaadgoed moeten private investeringen aantrekken. Officieel zou dit kleine boeren ten goede moeten komen, maar juist zij waren niet uitgenodigd aan de onderhandelingstafel. Wel aanwezig: vertegenwoordigers van machtige multinationals als zaadveredelingsgigant Syngenta. Volgens Olivier de Schutter, speciaal VN-rapporteur voor het recht op voedsel, hebben de overheden hun beloftes aan investeerders ‘compleet achter de schermen’ gedaan, ‘zonder een langetermijn visie op de toekomst van de kleine boer’.

Afgelopen september keurden de ministers in de Common Market for East and Southern Africa (Comesa) reguleringen goed die stellen dat alle zaden in handel voortaan geregistreerd dienen te worden als ‘uniform, stable and genetically distinct’. De zorg van de criticasters is dat dit de traditionele boerenpraktijk van het bewaren en uitruilen van zaden zal criminaliseren. Zij vrezen dat arme boeren voor hun zaadgoed afhankelijk zullen worden van een aantal grote bedrijven die zich het registratieproces kunnen veroorloven.

Zitto Kabwe, voorzitter van de public accounts comittee van het Tanzaniaans Parlement, zegt zich compleet tegen het besluit van zijn overheid te keren. ‘Als private partijen worden voorgetrokken, zullen boeren afhankelijk worden van geïmporteerd zaadgoed. Dit zal kleine boeren benadelen en innovatie op het lokaal niveau uitroeien. We hebben het ook zien gebeuren met de fabricagesector. Alleen grote bedrijven zullen profiteren. Het zal zijn als het kolonialisme.’

Ook Million Belay, co-ordinator van de Alliantie voor Voedselsoevereiniteit in Afrika, voorspelt weinig goeds: ‘Deze wetgeving legt de productie en distributie van zaden duidelijk in de handen van bedrijven… Het klopt dat de landbouw investeringen nodig heeft, maar dat mag geen excuus zijn om zoveel macht uit te oefenen op het leven van boeren.’

Wat er precies op het spel staat? Bijvoorbeeld de nationale zadenbank van Ethopië, die nauw samenwerkt met de agrarische gemeenschap. Volgens Regassa Feyissa, oprichtster van de NGO Ethio-Organic Seed Action, waarborgt deze community seed bank een grotere genetische diversiteit dan een private zadenbanken ooit zou kunnen doen. Omdat de zaden niet alleen worden opgeslagen in de vrieskast, maar vrij toegankelijk zijn voor boeren, evolueren ze mee met veranderende milieuomstandigheden. Resultaat: meer biodiversiteit om weer op te slaan.

De nationale zadenbank van Ethiopië werd in de jaren 80 opgericht door pionier Melaku Worede. Inmiddels zijn zadenbanken een begrip. De beroemde Wereldzaadbank op Spitsbergen is het bekendste voorbeeld. Lang niet alle nationale zadenbanken werken echter samen met agrariërs en veel zaadjes liggen al tientallen jaren te verstoffen in ongeschikte opslagplaatsen. De FAO probeert publieke zadenbanken daarom te ondersteunen.

The Guardian maakte een dossier over de G8 Alliantie, met gedetailleerde informatie over de gemaakte afspraken. Ook produceerde ze deze korte video over Melaku’s werk (met fragmenten uit de film Seeds of Justice, die later die jaar zal verschijnen):

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief