Hi Quinsy,

Hoe gaat het met je? Lang niet gezien, gesproken of gehoord, vooral niet over het onderwerp waar jij precies acht jaar geleden letterlijk wereldberoemd mee werd: zwarte Piet. Ik heb tegenwoordig echt moeite die woorden uit mijn vingers, laat staan mijn strot, te krijgen. Plaatjes ervan kan ik niet aanzien. Elk jaar groeit mijn weerstand tegen een traditie die tegenwoordig openlijk verweven is met extreemrechtse groeperingen. Ik ben het zo ontzettend zat dat ik mezelf jaar in jaar uit geestelijk moet verarmen met dit infantiele onderwerp. Dat ik volwassen mensen moet aanspreken op zulke opzichtige, groteske uitingen van raciale ongelijkheid. Ik vind het beschamend; de culturele identiteit van het land waar ik woon, dé splijtzwam van de samenleving, past in een potje schoensmeer. Wat een armoe.

Tegelijk kom ik er niet onderuit om het er steeds weer over te hebben omdat het symbool staat voor hoe Nederland nog tot in 2019 met racisme omgaat; polderend. Alsof racisme onderhandelbaar in plaats van strafbaar is. Alsof onrecht ooit door middel van consensus is uitgebannen, in plaats van door keiharde strijd door de mensen die eronder lijden.

Maar waar ben jij, nadat jij min of meer het boegbeeld van de strijd tegen de racistische karikatuur werd toen jij in 2011 met een T-shirt met de tekst ‘Zwarte Piet is racisme’ zwijgend bij de intocht in Dordrecht stond? De beelden van je gewelddadige arrestatie  gingen door merg en been. Ik stond op de redactie van Trouw te trillen van woede en was meteen genezen van mijn eigen afstand tot het onderwerp.

Zwarte Nederlanders voelen zich collectief gesterkt om racisme op de agenda te houden. Maar het verzet daartegen wordt ook steeds groter

Want weet je nog dat je een half jaar daarvoor een stunt uithaalde op mijn boekpresentatie? Je vroeg me wat mijn boek over de connectie tussen coltanmijnen in Congo en de gewapende strijd daar met racisme te maken had en bood me – ten overstaan van mijn familie, vrienden en collega’s – een T-shirt aan met de tekst ‘Zwarte Piet is racisme.’ Het onderwerp stond nog niet permanent op de agenda, het was juni, ik nam het T-shirt zenuwachtig lachend aan. Iedereen was in de war – ik ook. Later hebben we nog gelachen om mijn reactie en die van de aanwezigen. We waren er nog niet klaar voor. Nu, acht jaar later, is er veel gebeurd en heb jij veel teweeg gebracht, bij ons allemaal.

Zwarte Nederlanders voelen zich collectief meer gesterkt om racisme het hele jaar door op de agenda te houden. Maar het verzet daartegen wordt ook steeds groter. De leden van antiracismebeweging Kick Out Zwarte Piet (KOZP) zijn aangevallen tijdens een vergadering; twee jaar eerder werden ze ook al in een levensgevaarlijke situatie gebracht door de Blokkeerfriezen. En bijna erger: elk jaar worden ze door politie of burgemeesters gehinderd in hun protest, onrechtmatig vastgezet en constant gecriminaliseerd. Geen wonder dat mensen als de Haagse ondernemer John van Zweden openlijk en onbevreesd oproepen tot geweld aan het adres van KOZP: de autoriteiten geven het voorbeeld. Net zoals jouw leven totaal overhoop werd gehaald en in gevaar gebracht nadat je een belangrijke stem tegen zwarte piet, racisme en (neo)kolonialisme werd.

We kunnen op incidenten reageren, maar die in een breder perspectief plaatsen: dat kan of wil Nederland niet

We lijken als land niet te groeien in dit debat. Ondanks boeken als Witte Onschuld van Gloria Wekker of Hallo Witte Mensen van Anousha Nzume, die glashelder duidelijk maken wat het Nederlandse koloniale verleden te maken heeft met onze huidige omgang met hedendaags racisme. Ondanks het werk van The Black Archives, waarmee oprichters Jessy de Abreu en Mitchell Esajas via zwarte literatuur bewustzijn proberen te creëren rond het Nederlandse slavernijverleden. Ondanks de obsessie met ‘diversiteit’ (een ontzettend hol begrip waar we wat mij betreft snel een ander woord voor moeten vinden) van media en politiek. Wij lijken niks te leren. We kunnen enkel en alleen op incidenten reageren. Die incidenten in een breder, historisch perspectief plaatsen, lukt Nederland niet. Of cynischer: dat wil Nederland niet.

Ik kijk dan ook met een mengeling van opluchting en irritatie – maar dat laatste heeft de overhand – naar hoe heel Nederland opeens racisme veroordeelt na de breed uitgemeten scheldpartij van FC Den Bosch-supporters tegen Excelsior-speler Ahmad Mendes Moreira. Een minuut stilte voor alle wedstrijden, Oranjespelers zeggen hand in hand in een kring “nee tegen racisme”, politiekorpsen door het land deden hetzelfde met de tekst “genoeg is genoeg.”

Beide teksten waren trouwens in het Engels. Het lijkt alsof we het onderwerp beter aankunnen in een andere taal, vind je ook niet? Want racisme wordt hier nog steeds gezien als een ‘Amerikaans’ fenomeen. Exemplarisch daarvoor was dat Nick (van Simon) bij Pauw commentaar mocht leveren op racisme in Nederland – vraag me niet waarom – en op de proppen kwam met Martin Luther King. Hij refereerde niet aan de racistische moord in Amsterdam op de 15-jarige Kerwin Duinmeijer in 1983 (zijn naam zal de meeste Nederlanders niks zeggen), de gewelddadige dood van Mitch Henriquez nadat de Haagse politie hem tegen de grond werkte, of het absurde proces tegen de Hilversumse ijssalonhoudster Gilly Emanuels nadat zij zich had verdedigd tegen racistische aanvallen. Nee, Nick greep terug op de VS. Dat is ver weg en dus veiliger.

Ineens is Nederland wakker: racisme, hier?! Ik erger me steeds weer aan die verbazing

Maar na de scheldpartij op Mendes Moreira – iets wat overigens voortdurend gebeurt op voetbalvelden, deze keer pikte de dappere speler het alleen écht niet en werd hij gesteund door de scheidsrechter – is héél Nederland opeens wakker: racisme, hier?! Hoe is het mógelijk?!

Ik erger me aan steeds weer die verbazing, juist bij de groep welwillenden. Want ook al was het heel goed dat bondscoach Ronald Koeman en speler Georginio Wijnaldum het racisme vanaf de tribune hard veroordeelden, ook bij Wijnaldum overheerste het ongeloof. Dat dit juist in Néderland gebeurde. Alsof koloniseren, plunderen en genocide plegen geen onderdeel uitmaken van de Nederlandse geschiedenis. Alsof er niet elk jaar een groot deel van het land strijdt om mensen als Wijnaldum op racistische wijze te portretteren.

De marketing van Nederland als linkse smeltkroes is zo succesvol geweest dat we er zelf in zijn gaan geloven. Maar een paar jaar onverzettelijke zwarte (online) emancipatie en het vernis is er zo af; opdonderen naar Afrika, ondankbare gast. Dat onze politiek partijbreed al sinds het tijdperk Fortuyn wordt gedomineerd door rechts gedachtegoed wil maar niet doordringen. Dat mainstream media dat genormaliseerd hebben, ook niet. Dat écht pijnlijke gesprek en de daarbij behorende maatregelen, daar wil niemand aan beginnen. Dan liever een fotomoment. Voelt goed, kost niks.

Zo voelen deze steunbetuigingen voor mij; goedkoop. Want alleen als racisme in hapklare brokken wordt geserveerd, wordt het erkend. Yes, gezien, bewezen: racisme. Maar het nare van racisme is dat het vaak niet schreeuwt, maar fluistert. Dat het meestal niet expliciet, maar impliciet is. Het is nogal makkelijk om zulk opzichtige incidenten  te veroordelen, maar wanneer gaan we het nou hebben over het racistische systeem? Over hoe bizar het is dat politiechef Fatima Aboulouafa door de Nationale Politie op non-actief is gesteld nadat ze racisme binnen het korps aankaartte? Waarom springen agenten daar niet voor in de bres in plaats van tijd te besteden aan zo’n fotomoment?

Kortom: ik ben gefrustreerd. Jij ook? Dat je al zo lang uitleg geeft over het institutionele karakter van racisme, en dat je dan acht jaar later hier en daar roetveegpieten en luchtfoto’s van agenten hand in hand krijgt. Ik voel achteruitgang bij de vooruitgang, als je begrijpt wat ik bedoel. Zoals dat niet jij, met een schuimbekkende Henk Westbroek tegenover je, maar  Johan Derksen en Jandino Asporaat bij Pauw racisme becommentariëren. De eerste maakt zelf constant racistische opmerkingen, de laatste is groot geworden met stereotyperingen van zwarte mensen. Is dat de oogst van de afgelopen acht jaar debat en verzet? Voorheen was racisme onbespreekbaar, nu kan iedereen erover aanschuiven. Hoe onkundig of ongepast ook. Racisme is mainstream geworden, maar  daarmee dus ook plat. Meng jij je daarom niet meer in het gesprek? Ben je het debat zat?

Ik hoop van je te horen.

Seada

Quinsy Gario_RogerCremers

‘Geen mening hebben over zwarte Piet is niet meer mogelijk’

Quinsy Gario reageert op de brief die hij ontving van Seada Nourhussen.

_MG_9706

‘We willen niet over racisme praten omdat we er niets van begrijpen’

Zawdie Sandvliet biedt zijn leerlingen een nieuw perspectief op de koloniale geschiedenis.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Over de auteur

Hoofdredacteur

Seada Nourhussen (Gondar, Ethiopië 1978) is sinds februari 2018 hoofdredacteur van One World. Tot eind 2018 was ze columnist voor Trouw en …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief