Journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld

Voordat je verder leest:

Onafhankelijke journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld kost tijd en geld. Als Vriend van OneWorld steun je voor € 6 per maand onze missie, lees je dagelijks bijzondere verhalen, ontvang je ons magazine en meer!

Ja, ik word Vriend Ik lees eerst verder

Op 25 december is Syrië met hulp van Rusland een offensief begonnen in de de-escalatiezones. Het gaat om de provincie Idlib in het noorden, om het aangrenzende Noord Hama (waar ook Iraanse troepen meevechten), plus Oost-Ghouta, het door regime belegerde oostelijke deel van Damascus. Ook de zuidelijke provincie Deraa wordt sindsdien door het regime bestookt, meldde de Syrische Monitor SN4HR (Syrian Network for Human Rights) in hun rapportage van 9 januari jongstleden. Volgens de Syrische Monitor kwamen in het zuiden en oosten van de provincie Idlib in de afgelopen drie weken 138 burgers om, waaronder 41 kinderen en 35 vrouwen.

Deze gebieden, alle vier in handen van de oppositie, waren nu juist afgelopen september definitief als de-escalatiezones aangemerkt door het trio Rusland, Iran en Turkije tijdens de zesde ronde van de door Rusland geïnstigeerde vredesbesprekingen in Astana, Kazachstan. De gevechten in deze gebieden zouden worden gestaakt, militaire vluchten zouden er worden opgeschort en zowel medische als humanitaire hulp zou er worden toegestaan.

Inmiddels heeft Turkije de ambassadeurs van Rusland en Iran op het matje geroepen vanwege het geweld in Idlib. Het land ziet de bui al hangen: er is sinds het offensief opnieuw een grote stroom vluchtelingen naar de Turkse grens op gang gekomen. Turkije bouwt nu inderhaast extra tentenkampen bij de grens en breidt oude kampen uit.

Er is sinds het offensief opnieuw een grote stroom vluchtelingen naar de Turkse grens op gang gekomen

Volgens Al-Jazeera, dat zich op lokale bronnen baseert, zijn er inmiddels zo’n 280.000 mensen op de vlucht vanuit de bestookte gebieden in Idlib en Noord Hama. CNN sprak maandagavond over honderdduizenden vluchtelingen. In Arwa Damons reportage vanuit Idlib is te zien hoe groot de verwoesting is. Mensen die een jaar geleden uit Aleppo zijn gevlucht, vertellen dat ze zich veilig waanden in Idlib maar daar nu worden bestookt. Zelfs in de kampen tegen de Turkse grens voelen ze zich niet langer veilig.

De Syrische en Russische bombardementen ontzien niets; ook vluchtelingenkampen en ziekenhuizen zijn doelwit. Afgelopen zaterdag was een verslaggever van Al-Jazeera er onbedoeld getuige van dat een raket zo’n kamp raakte, de man moest rennen voor zijn leven. Een paar dagen geleden meldde de Syrische Monitor een bombardement op een ander kamp, op 15 januari; daags erna werd een Russische luchtaanval op Tabesh, in het zuiden van Idlib, gerapporteerd.

De provincie Idlib herbergt het grootste aantal Syrische vluchtelingen

In de provincie Idlib, die in handen van de oppositie is, bevinden zich naar schatting ruim een miljoen vluchtelingen uit andere delen van Syrië. Vorig jaar werden vluchtelingen en oppositiestrijders vanuit verschillende belegerde plaatsen naar de provincie afgevoerd. Dat gebeurde nadat deze rebellen zich hadden overgegeven, meestal omdat het regime hun stad belegerde en de bevolking uithongerde. (Dit filmpje geeft een goed overzicht van de transporten/deportaties uit steden elders naar Idlib).

Je kunt de opvang in Idlib – misschien met uitzondering van de vluchtelingenkampen die Turkije aan de grens heeft opgezet – nauwelijks ‘kampen’ noemen,. Ze bestaan meestal uit weinig meer dan tenten opgehangen tussen bomen, vaak zonder enige sanitaire voorziening.

De grens met Turkije zit potdicht. Er wordt zelfs af en toe geschoten op vluchtelingen die alsnog proberen vanuit Syrië binnen te komen. Smokkelaars zijn alleen voor fikse bedragen bereid je ergens over de grens te krijgen. Voor de Libanese grens geldt hetzelfde, “Het kost 250 dollar om alleen al de grens over te komen,” vertelden Syrische vluchtelingen in Libanon vorige maand aan OneWorld.

Volgens de VN zijn er de afgelopen weken 70.000 vluchtelingen naar Idlibs dichtbevolkte steden getrokken, of naar de Turkse grens, waar ze zich met de vluchtelingen in bestaande kampen hebben gemengd, in de zware winterkou. Lokale bronnen en media rapporteren echter nog hogere aantallen.

Ook Syrische vluchtelingen uit Libanon trekken naar Idlib

Afgelopen zomer vertrokken er zo’n 8000 Syrische vluchtelingen vanuit een vluchtelingenkamp in Libanese Arsaal naar Idlib, vooral vanwege de beroerde omstandigheden in hun kamp. Ze werden in konvooi naar vluchtelingenkampen in de Syrische provincie Idlib overgebracht. Volgens Syrische activisten kwamen ze oorspronkelijk echter vooral uit plaatsen tussen Damascus en de Libanese grens: Al-Quseyr, Qara en Zabadani.

Oost Ghouta: die andere de-escalatiezone

“In Oost Ghouta, waar een verlammende belegering een humanitaire catastrofe heeft veroorzaakt, worden woonwijken dag en nacht geraakt door bombardementen vanaf de grond en vanuit de lucht. Burgers zijn gedwongen om in kelders te schuilen”, zei de Hoge Commissaris voor Mensenrechten Zeid Ra’ad al-Hussein al eerder in verklaring.

In Oost Ghouta – het oostelijke deel van Damascus – worden circa 400.000 burgers sinds 2013 belegerd door het regime. Volgens hulpwerkers worden ook ziekenhuizen bestookt; de VN probeert ondertussen toestemming te krijgen van het regime om de 500 ernstigste gevallen uit de enclave te mogen halen. Op Arabische zenders komen regelmatig schrijnende beelden van uitgehongerde kinderen voorbij.

Bron: twitter.com

Hoe zat het ook alweer met die de-escalatiezones in Syrië?

Vorig jaar mei presenteerde Rusland in het Kazakse Astana het plan om vier de-escalatiezones in Syrië in te stellen. Het gaat om vier no fly zones in de provincie Idlib en delen van aangrenzende provincies (Aleppo, Latakiya en Hama), een noordelijk deel van de provincie Homs, delen van oostelijke voorsteden en buitengebieden van Damascus, en de twee zuidelijke provincies Quneitra en Suweida aan de grens met Jordanië. Aan de grenzen van deze vier gebieden zouden checkpoints worden geïnstalleerd. Binnen de de-escalatiezones zouden humanitaire en medische hulp van buitenaf mogelijk worden gemaakt.

Het plan omvatte vier zones, waaronder twee gebieden waar het FSA (Vrije Syrische Leger) en Jaish al-Islam toen al enige weken een groot offensief tegen het regime en haar bondgenoten, zoals Hezbollah, waren gestart: in oostelijke buitenwijken van Damascus en in Deraa, de zuidelijke stad waar de opstand tegen het Assadregime in 2011 begon. In september werden tijdens Astana 6 de definitieve grenzen van de de-escalatiezones vastgesteld.

Eind januari begint de Sotchi-conferentie, een door Rusland opgezette bijeenkomst over de toekomst van Syrië, waar door Rusland geselecteerde Syrische deelnemers overleggen. Rusland wil hier haar plannen voor Syrië beklinken: in Sotchi zou de nieuwe grondwet geschreven moeten worden, en verkiezingen uitgeroepen. Rusland zorgde er met de Astana-conferenties al eerder voor dat de door de VS gesteunde VN-vredesbesprekingen in Genève zouden mislukken. Vrijwel de gehele Syrische oppositie heeft al aangekondigd niet naar Sotchi te zullen komen.

Inmiddels zijn de rebellen een paar dagen geleden een contra-offensief begonnen, en wisten zij een aantal dorpen te heroveren op het regime; dit ondanks de overweldigende overmacht van het regime en diens buitenlandse supporters, Rusland en Iran. Brigades van het Vrije Syrische Leger meldden afgelopen zaterdag in een persverklaring dat ze willen proberen om alle door regime ingenomen plaatsen te heroveren. Gezien de steun die het regime krijgt – vanuit de lucht door Rusland en op de grond van door Iran geleverde sjiitische strijders – is dat een vrijwel onmogelijke taak.

Ondertussen zegt de VN dat 13 miljoen mensen in Syrië dringend hulp nodig hebben.

Voor het maken van verhalen hebben we jouw steun nodig.

Ja, ik word vriend (€6 per maand)
5628d2340f468b3c134d6b469e278abf_400x400

Rena Netjes

Rena Netjes is journalist en arabist. 
Profielpagina