Verder lezen?

Rechtvaardige journalistiek verdient een rechtvaardige prijs.
Maak jij OneWorld mogelijk?

ja, ik word nu lid vanaf 6,- per maand

Er trekt een kleine #MeToo-golf door de lhbti+-gemeenschap. Na onthullingen in de media over Martijn N. en Sidney Smeets delen steeds meer jonge mannen hun ervaringen over seksueel grensoverschrijdend gedrag door oudere mannen. De verhalen tonen opvallende parallellen: de jongens en mannen schrijven over eenzaamheid, naïviteit tegenover paaiende oudere mannen en schaamte over wat hun is overkomen.

De verhalen kwamen ook mij bekend voor. Vier jaar geleden stond ik na een bliksemgesprek op datingapp Grindr voor de deur van een wildvreemde man in een mij onbekende stad. Ik was net een paar weken student en kon eindelijk ‘werk gaan maken’ van mijn geaardheid. Maar dat ik daar stond voelde geen moment als een vrije keuze: hij wilde het, mijn lichaam wilde het. Het werd mijn eerste keer en mijn grenzen werden genadeloos overtreden. Ik smeekte hem om te stoppen; daar had hij geen boodschap aan.

In de gay community is seks met oudere mannen genormaliseerd

Ik deed de ervaring lang af als een lollige anekdote over een naïeve jongen, continu bagatelliserend en mezelf aanrekenend wat hij me had aangedaan. Pas jaren later durfde ik met anderen te delen hoe onveilig ik me toen had gevoeld. Maar door de verhalen van de afgelopen tijd besefte ik: dit gebeurt nog al te vaak onder mannen die seks hebben met mannen. Onderling, in wat we bij gebrek aan een betere term de gay community noemen, is seks met oudere mannen genormaliseerd. Dat je ze al jong van je af moet slaan ‘hoort erbij’, lijkt de consensus. Onder het mom van vrije seks als een groot goed wordt grensoverschrijdend gedrag te vaak getolereerd.

Ik wist niet, schrijven veel slachtoffers, dat dergelijke ervaringen zo gemeengoed zijn. Vaak is het de eerste keer dat ze erover praten. Hoe kan het dat we zo vaak hetzelfde meemaken maar niemand het van elkaar weet?

Erbij horen

Ik bespreek het met therapeut Jeremy Heshof (44). Heshof ontvangt in zijn ‘Praktijk voor mannen’ regelmatig mannen die worstelen met hun seksleven, coming-out en zelfbeeld. De eerste vragen die hij ze stelt gaan over hun opvoeding, vertelt hij. “Als je als jongen van je ouders te horen kreeg dat je te verwijfd liep, of niet met poppen mocht spelen, zijn er giftige boodschappen ingeprent. Mannen leren hun gedrag aan te passen aan wat wenselijk wordt geacht.”

En niet alleen ouders programmeren de kinderen, legt Heshof uit. Al vanaf jonge leeftijd maakt de maatschappij ze op subtiele en minder subtiele wijze duidelijk dat ze anders zijn. “Ze groeien op in een wereld die is ingericht naar het heteronormatieve ideaal van mannetje-vrouwtje plus kinderen. Sterker nog: het alternatief wordt vaak, bewust of onbewust, weggezet als iets slechts.”

Als puber wil je één ding: erbij horen. Kleine signalen – schelden met ‘homo’, homofobe grapjes op televisie, stereotyperingen in de media – zijn genoeg om je het gevoel te geven dat je er níet bij hoort, signaleert Heshof. En zolang ouders, scholen, media en maatschappij niet expliciet duidelijk maken dat iedereen op het lhbti+-spectrum mee mag doen, zullen kwetsbare jongeren in een hoek worden gedreven, denkt hij.

Spelen dat je hetero bent

Om toch op te kunnen gaan in de massa leren pubers hun gedrag aan te passen op wat gewenst lijkt, zegt Heshof. “Vaak gaat een nieuwe cliënt tegenover me zitten met zijn benen over elkaar, kijkt mij aan en zet zijn benen weer naast elkaar, met een meter ertussen. Het ‘foute’, ‘vrouwelijke’ gedrag wordt meteen gecorrigeerd.” Volgens Heshof slaat dat terug op de jeugd; deze mannen hebben zichzelf weggecijferd. “Daarmee zet je een belangrijk stuk identiteit en persoonlijkheid aan de kant. Je moeten gedragen op een manier die voor jou niet natuurlijk is, constante alertheid om niet ‘ontmaskerd’ te worden en je seksuele en romantische impulsen wegstoppen heeft een grote invloed op je zelfbeeld.”

Uitgekotst door de wereld komen jonge homo’s in een afgesloten omgeving terecht waar ze complimentjes krijgen

De Amerikaanse klinisch psycholoog Alan Downs beschreef die psychologische impact in zijn controversiële boek The Velvet Rage (2005, in 2019 vertaald naar het Nederlands). Zijn analyse van homoseksuele mannen kon op veel herkenning rekenen, maar sommige lezers voelden zich vooral gepathologiseerd. Heshof herkent Downs’ observaties uit zijn eigen praktijk.

Volgens Downs slaan veel jongens aan het acteren om te kunnen voldoen aan masculiene rolpatronen. Ze ‘speelden’ dat ze hetero, macho waren. Het gevolg: deze jongens kunnen de voor iedere puber broodnodige bevestiging niet krijgen. Een complimentje over aangeleerd en niet-authentiek gedrag (zoals de ‘verovering’ van een meisje) zou geen daadwerkelijk validerend effect hebben, omdat het niet op hun eigenlijke identiteit slaat. Het resultaat is volgens Downs een diepgeworteld gebrek aan eigenwaarde en zelfvertrouwen dat lang kan doorwerken. Een gevoel dat jongeren, diep in de kast, bovendien met niemand kunnen delen.

Ongelijkwaardige situatie

Ondertussen gieren de hormonen door het lijf, en kiezen veel jongens voor de eenvoudigst ogende weg: het internet. Vier op de vijf jonge homo’s maakt gebruik van een of meerdere dating-apps. Wie vóór de smartphonerevolutie opgroeide kon terecht op anonieme chatrooms. Uitgekotst door de wereld – of met de angst daarvoor – komen ze in een afgesloten, anonieme omgeving terecht waar de complimentjes ze opeens om de oren vliegen. Vaak van oudere mannen die deze jongens voor het eerst bejubelen om wie ze écht zijn: jong en gay. Uit angst voor nieuwe afwijzing laten ze zich, onervaren als ze zijn, overhalen tot een ontmoeting waarbij grenzen niet zelden overschreden worden.

Heshof hoort zulke ervaringen van veel van zijn homoseksuele cliënten, en benadrukt dat slachtoffers geen enkele blaam treft. “Jonge jongens zijn op zoek naar aandacht en erkenning, terwijl zo’n oudere man met hele andere dingen bezig is. Dan kan het zomaar gevaarlijk worden. Het is een ongelijkwaardige situatie. Deze jongeren hebben vaak niet geleerd wat oprechte aandacht is, konden het vaak nergens afkijken, en weten dan ook niet door de vleierij heen te prikken.” Zijn boodschap aan iedereen die in aanraking is gekomen met seksueel geweld is helder: “Praat erover. Het is oké om toe te geven dat je slachtoffer bent, en het is nooit jouw schuld.”

Het gevoel van schaamte en minderwaardigheid wordt na zo’n desastreuse vroege ervaring alleen maar vergroot. Weer moeten mannen zich aanpassen aan de verwachtingen van de maatschappij: ze staan zichzelf niet toe slachtoffer te zijn, ziet Heshof. Want hoewel seksueel geweld jegens vrouwen langzaamaan bespreekbaarder wordt, heerst bij mannen het hardnekkige misverstand dat zij niet verkracht worden – of daar geen last van zouden hebben.

“Dit taboe op mannelijk slachtofferschap kan grote gevolgen hebben als het jongens daardoor niet lukt om professionele hulp te zoeken”, verklaart Heshof. “Alcohol- of drugsgebruik, overmatig sporten: ze grijpen van alles aan om maar niet bij die pijn te hoeven komen.” Ook kan onverwerkt trauma later tot burn-outklachten leiden.

Externe bevestiging

Downs beschrijft in zijn boek dat homoseksuele mannen op zoek gaan naar bevestiging van buiten. ‘Als je zelf niet het idee hebt dat je ertoe doet moet je het van anderen horen, op alle mogelijke manieren’, schrijft hij. Het gedrag dat daaruit volgt ziet Heshof bij veel van zijn cliënten. Dit ligt, zo stelt hij, aan de basis van bepaalde seksuele patronen: zolang er iemand in je bed ligt voelt het alsof je liefde waard bent en hoef je niet alleen te zijn. “Voor vrije seks is het nodig dat je het echt als vrij persoon doet; ik vraag me af in hoeverre homoseksuele mannen altijd vrij zijn om te doen wat goed voor ze is. Vervelende, pijnlijke of ongemakkelijke seks wordt voor lief genomen omdat het desondanks een stukje bevestiging van buiten is.”

En wie mede hierdoor altíjd vervelende of niet bevredigende seks heeft gehad, legt hij uit, kan gaan geloven dat dat de enige soort is. Bovendien kan iemand zonder solide zelfbeeld moeilijker opkomen voor het eigen genot. “Als je altijd validatie nodig hebt van je partner kun je je eigen plezier niet vooropstellen. Daarmee loop je het risico dat je hem teleurstelt, en hij je verlaat. Dat beangstigt: eenzaamheid is geregeld een nachtmerrie voor homoseksuele mannen. Dan voelen ze zich weer dat 12-jarige jongetje dat zich op school zo alleen voelde, als homo in een heteronormatieve wereld.”

Als je zelf niet het idee hebt dat je ertoe doet moet je het van anderen horen, op alle mogelijke manieren

Seks kan zo een manier worden om eigenwaarde op te doen die je op andere momenten hebt gemist, legt Heshof uit. Dat maakt jongens vatbaar voor toespelingen van meer ervaren mannen die op hun beurt ook op zoek zijn naar gezelschap en fysieke intimiteit. Als grenzen aangeven ook nog wordt bemoeilijkt door de angst voor afwijzing, creëert dit een voedingsbodem voor grensoverschrijdend gedrag.

Dit alles vraagt om meer verantwoordelijkheidsgevoel van de maatschappij om jonge lhbti’ers veiliger op te laten groeien, vindt Heshof, al merkt hij dat het met de nieuwste generatie queer jongeren al beter gaat. Toch doet hij een beroep op ouders, scholen en de gehele maatschappij om een ondubbelzinnig signaal af te geven dat deze kids er mogen zijn en liefde verdienen. “Maak alles bespreekbaar, en draag actief uit dat je seksuele diversiteit verwelkomt. Scholen en ook de media hebben hier een belangrijke rol in.”

PLLRAAK_PORTRET_26

‘De zoektocht naar queer liefde is onveilig’

‘Al mijn gay vrienden hebben meegemaakt dat oudere mensen seks willen.’

NAOMI VELDWIJK – THUMBNAIL hb

‘Ons boek laat queer jongeren zien dat ze alles kunnen worden’

'Queer bedtijdverhalen' laat queer jongeren dromen over zichzelf.

_MG_2101 2

Over de auteur

Nigel van Schaik (20) is freelance journalist en student. Hij schrijft over identiteit, gelijkheid, (sub)cultuur en de stad Rotterdam.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief