Elke twee seconden trouwt ergens ter wereld een meisje jonger dan 18 jaar, gedwongen en tegen haar wil. En elke vier seconden wordt een meisje onder de 18 jaar zwanger. OneWorld in gesprek met Anne-Birgitte Albrectsen, adjunct-directeur van het bevolkingsfonds van de VN.

Zo jong in verwachting raken is ‘risky business’, want het lichaam is niet klaar voor een bevalling, meisjes hebben grote kans op complicaties en kunnen vaak hun baby niet goed voeden doordat ze zelf nog niet volgroeid zijn. “In ontwikkelingslanden betekent zwanger worden voor je 18e een groter risico op overlijden dan aan hiv/aids”, aldus Anne-Birgitte Albrectsen, adjunct-directeur UNFPA. Het Bevolkingsfonds van de Verenigde Naties promoot het recht van iedere man, vrouw en kind op een gezond leven met gelijke kansen. Eind oktober kwam hun rapport ‘Motherhood in Childhood: Facing the Challenge of Adolescent Pregnancy’ uit.

Nieuwe inzichten
Albrectsen is blij met het rapport. Voor het eerst is duidelijk de link gelegd tussen het belang van educatie voor meisjes en  hun rol in de economische ontwikkeling van hun land. Daarnaast maakt het rapport duidelijk dat er een nauwe relatie bestaat tussen het hoge aantal kindhuwelijken en de bevolkingsgroei in een land. Voorheen werd vooral gekeken naar factoren die bepalen waarom meisjes niet in staat zijn om onderwijs te volgen. Dan hebben we het over kindhuwelijken en kindzwangerschappen, over meisjes die ‘onzichtbaar’ zijn en geen eigen keuzes kunnen maken, over het ontbreken van informatie rondom voorbehoedsmiddelen, family planning en het simpelweg niet voorhanden hebben van anticonceptie als de pil en condooms. De interventies waren vooral gericht op hoe je deze blokkades kan doorbreken. Op zich goed, maar: “We moeten kijken naar de betekenis die educatie van meisjes heeft voor haarzelf en haar omgeving, zodat het besef doordringt dat het een enorm gemiste kans is als meisjes niet naar school gaan omdat ze te vroeg getrouwd zijn en kinderen kregen”.

Economisch voordeel
Uit het rapport blijkt dat het economisch voordeel oplevert om meisjes naar school te laten gaan. “Voor China betekent het dat hun bruto nationaal product met 1% groeit, als alle meisjes onderwijs volgen. De economie van Uganda groeit met 30%, als meisjes een opleiding volgen en afmaken. Dit is een gigantische boost voor het Afrikaanse land. Het gaat er concreet om, dat meisjes in Uganda informatie krijgen over voorbehoedsmiddelen en de vrijheid krijgen om zelf keuzes te maken. Uiteindelijk is het meisje zelf de beste ambassadeur voor deze boodschap. Zodra zij kan laten zien wat ze bereikt heeft en daarin gesteund wordt door leiders in haar nabije omgeving, gaan anderen dit ook zien als een kans.” Kern van het rapport is dan ook dat je het vrouwelijk potentieel in een land moet versterken. Dat de rechten van meisjes veilig gesteld en gehandhaafd moeten worden en dat meisjes gesterkt moeten worden in het maken van hun eigen keuzes zodat ze onderwijs kunnen volgen. Maar hoe doe je dat?

Alternatieven
Gedragsverandering en het doorbreken van traditionele patronen moeten op allerlei niveaus plaatsvinden. Op internationaal, nationaal en lokaal niveau, in de familie, op school en in de gemeenschap en tot slot in de sociale omgeving. Hierbij spelen vooral jongens en mannen, religieuze leiders en ‘wijze ouderen’ (“vooral grootmoeders zijn vaak dominant”, aldus Albrectsen) een belangrijke rol. Want voor veel meisjes is het lastig, zo niet onmogelijk om zelfstandig keuzes te maken. Hun ouders, of de gemeenschap bepalen dat het goed is voor hun kind om uitgehuwelijkt te worden. “Dit gebeurt overigens vanuit het idee, dat dit het beste is voor het kind. Iedere ouder, of die nou in Nederland of in Senegal of in Bangladesh woont, wil het beste voor zijn of haar kind” zegt Albrectsen. “Maar het gaat erom, dat je aan die ouders, aan die gemeenschap, kunt laten zien dat er alternatieven zijn, die óók goed zijn voor je kind. Of zelfs beter, zoals het meisje dat naar school is geweest, een baan krijgt en een inkomen en daarna pas trouwt en kinderen krijgt”. Op de vraag of dit niet verschrikkelijk moeilijk is, antwoordt Albrectsen simpelweg dat het mogelijk is. “Het kost veel tijd, inspanning en geld maar het kan wel”. Een mooie ‘best practice’ is het terugdringen van genitale verminking bij vrouwen, een culturele traditie die veel voorkomt in plattelandsgebieden in West-Afrika. Samen met Unicef heeft UNFPA ervoor gezorgd dat deze praktijk in 10.000 dorpen is afgeschaft. “Die verandering ontstond natuurlijk niet door de inzet van blanke ontwikkelingswerkers. Juist zeer betrokken lokale ngo’s en grass roots-bewegingen zorgden voor nieuwe overtuigingen en gewoonten”. Albrectsen ziet dit als een hoopvolle ontwikkeling, die ook toegepast kan worden in het anders omgaan met gedwongen huwelijken en tienerzwangerschappen.

Geen prioriteit 
Hoewel sprake is van een daling in het aantal tienerzwangerschappen in ontwikkelingslanden, zijn er ook landen waar deze trend niet opgaat. In enkele Zuid-Amerikaanse landen en het Caribisch gebied is zelfs sprake van een stijging van het aantal meisjes onder 15 jaar dat zwanger wordt. En het aantal gedwongen huwelijken in een aantal landen in West-Afrika, Zuid-Azië en India is toe- in plaats van afgenomen. Volgens Albrectsen komt dit doordat vrouwenrechten en kansen voor meisjes daar laag op de politieke agenda staan. De verklaring hiervoor is volgens haar een gebrek aan interesse bij de leiders van die landen. En vooral: andere problemen die belangrijker lijken zoals natuurrampen, werkloosheid, voedselschaarste, economische crisis. Terwijl een focus op meisjes juist kan werken als een belangrijke katalysator in het oplossen van deze problemen. ”Gelukkig staat het in een land als Nederland wél hoog op de agenda. Hou dit zo, want alleen een continue aandacht voor de seksuele en reproductieve rechten en gezondheid van vrouwen kan ervoor zorgen dat andere wereldleiders dit onderwerp uiteindelijk ook gaan oppakken.”

Nog twee jaar te gaan
In 2015 lopen de huidige millenniumdoelen af. Streven van de UNFPA is om waarborging van vrouwenrechten in de nieuwe doelen verankerd te zien. Zelf gelooft Albrectsen dat dat haalbaar is. Hun wensen zijn relatief bescheiden en bovendien vormen ze een onderdeel van de gezondheidsdoelen die al besproken zijn in de VN. Maar makkelijk zal het niet worden. “Er zijn veel agenda’s die uiteindelijk allemaal moeten bijdragen aan een betere wereld. Ik hoop dat de grote kracht van onze missie; de jonge vrouwen zelf en de kansen die zij creëren voor economische ontwikkeling, de doorslag zal geven”. Hoog tijd om het interview af te ronden. Want er moet hard gewerkt worden aan het verkondigen van deze boodschap, niet alleen bij de VN in New York maar ook in de dorpen en steden waar elke seconde telt.

Foto: UNFPA

670

Over de auteur

Kari Postma is global communications consultant en freelance journalist. Ze schrijft voor OneWorld Love over vrouwenrechten, gender en …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief