Terwijl hij op zijn eigen groene dak staat, tuurt Maarten Epema naar de daken van zijn buren. “Het zou toch een feestje zijn als al dat zwarte dakleer groen wordt? Dat is mijn missie. Ik heb net zo lang op de buren hiernaast ingepraat tot ze om waren. En aan de overkant heb ik geregeld dat al het regenwater van hun dak in mijn water wall terecht komt.” Zo’n water wall, ontworpen door Nederlandse studenten, is een voorbeeld van klimaatadaptatie bij wateroverlast: een reeks verticale buizen vangt regenwater op om de riolering te ontlasten. “Ik heb het zo aangesloten dat het water onder mijn trampoline terecht komt. In de winter gebruik ik het om de grond te infiltreren, in de zomer besproei ik de tuin ermee. Het was een flinke klus om het te installeren, vooral omdat ik af en toe klem zat tussen de buizen en de schuur – wat mijn zoon natuurlijk op video heeft vastgelegd.”

Dagelijks zetten mensen zich in voor een betere buurt, school of werkomgeving. De Verenigde Naties en miljoenen betrokken burgers spraken hiervoor duurzame werelddoelen af (SDG’s), die we binnen nu en tien jaar moeten halen. Géén armoede, gendergelijkheid, betaalbare en duurzame energie en kwaliteitsonderwijs voor iedereen. Deze Goal Getters gaan er nu al voor. Wie zijn zij?

Epema en Halbesma wonen met hun gezinnen al ruim twintig jaar in de wijk Assendorp in Zwolle. “Ik woonde eerst in de binnenstad, maar toen we een tweeling kregen hadden we meer ruimte nodig”, vertelt Halbesma. “Assendorp is een karaktervolle wijk, met veel sociale verbinding, we wonen hier heel graag. Maar ik zag ook wat er beter kon: er was erg weinig groen, de smalle straten staan vol met auto’s, huizen zijn slecht geïsoleerd en sommige straten liggen zó laag dat de riolering de steeds hevigere regenval niet aankan. Ik was niet zo met het klimaat bezig, maar ik werk in het vastgoed: ik weet dat bouwen en wonen véél duurzamer kan.” Epema heeft daarentegen al van jongs af aan groene vingers, en installeerde al zonnepanelen toen het grootste deel van Nederland nog niet wist wat het waren. “Ik zag vooral heel veel mogelijkheden in de wijk, en tegelijk dacht ik steeds vaker: hoe kan ik dit verbinden met de buren?”

Een olievlek

Een olievlek, zo omschrijven Epema en Halbesma hun wijkinitiatief. Een vreemde vergelijking misschien, voor een duurzaam project, maar het klopt wel: ze begonnen met een ‘kerngroep’ van een paar mensen, en hebben nu meer dan twintig ‘straatambassadeurs’ die hun buren activeren om aan de projecten mee te doen, waardoor ze een bereik hebben van bijna duizend adressen. “Je leert mensen kennen”, zegt Halbesma terwijl hij voor de zoveelste keer een voorbijganger begroet. “Daarom begonnen we met de geveltuintjes: al weet je niets van duurzaamheid, dat is gewoon leuk om te doen met buren en kinderen. We hebben op één dag bijna vijftig tuintjes aangelegd in drie straten. Wij spraken met de gemeente af dat de tegels werden opgehaald en grond werd gebracht. Plantjes moesten de mensen zelf kopen.”

Groene daken, zonnepanelen en geveltuintjes die de karakteristieke, vooroorlogse huizen opfleuren: de Zwolse wijk Assendorp heeft nogal wat veranderingen gezien in de afgelopen anderhalf jaar. Toen werd, op initiatief van Epema en wijkgenoot Dirk Pieter Halbesma, het duurzame wijkproject 50 Tinten Groen Assendorp opgericht.

Dat is altijd de insteek: 50 Tinten Groen faciliteert de collectieve actie, bewoners betalen de individuele kosten. Na de geveltuintjes volgde een informatieavond over zonnepanelen, waarna zeker vijfentwintig adressen deze installeerden; daarna volgde een actie voor vloerisolatie. Epema: “Wat ik heb geleerd: als je mensen langs de groene kant in beweging krijgt – zoals met de geveltuintjes – raken ze daarna geïnteresseerd in schone energie. Daarom willen we niet met alleen maar een groep techneuten aan de slag, zoals je vaak ziet met dit soort initiatieven.” Het project maakt gebruik van talent uit de buurt. Een bewoner die goed kan lassen hielp met de geveltuintjes; de groene daken en stadstuinen werden ontworpen door een stadshovenier uit de buurt en een communicatie-experts helpt de boodschap te verspreiden. Epema: “Eerst hadden we een nogal saaie naam, Klimaatactief Assendorp, totdat de communicatie-expert 50 Tinten Groen bedacht.”

Iets verderop parkeren: ‘een kleine moeite voor meer groen in de straat’

Bewerkt 1

Maar niet iedereen is enthousiast. Vooral de stadstuintjes op voormalige parkeerplaatsen roepen weerstand op van buurtbewoners die hun auto nu ergens anders moeten parkeren. We bellen aan bij buurtbewoner Frederike, die vertelt dat ze zelf op afstand is gaan parkeren, ‘een kleine moeite voor meer groen in de straat’, maar ruzie kreeg met mensen die nu twee minuten moeten lopen naar hun auto. Halbesma kreeg die reactie zelfs op zijn geveltuintjes, omdat mensen hun fiets daar wilden neerzetten. “Met een belletje naar de gemeente heb ik gezorgd dat er fietsenrekken op de straathoek kwamen te staan; probleem opgelost. En we hebben met de lokale school afgesproken dat ze een deel van hun parkeerplaatsen afstaan aan bewoners. Datzelfde willen we doen met de supermarkt.”

Klimaatontkenners

Halbesma: “Er zijn ook mensen die het allemaal flauwekul vinden en vooral aan de portemonnee denken. Toch worden zelfs zij nieuwsgierig als de buren iets allemaal wél doen.” Daarom organiseert 50 Tinten Groen woonkamergesprekken, juist met bewoners die hun twijfels hebben. Ook geven ze voorlichting over mogelijke subsidies en leningen waardoor duurzaam wonen betaalbaar wordt. Epema: “De grootste klimaatontkenners krijg je niet zo snel aan tafel, maar soms lukt het wel; zeker als je de lage energierekening noemt. Zelf heb ik met al mijn kleine initiatieven – zonnepanelen, een elektrische boiler en goede isolatie – mijn energiegebruik gehalveerd.”

Tegen het einde van de tour belt Epema bij zijn buurman Olaf aan, de eerste buurtbewoner die van het gas af is. Hij is er niet, maar Epema maakt wel kennis met diens nieuwe buurvrouw, die druk aan het verbouwen is. Of ze toevallig ook iets met duurzaamheid doet bij haar verbouwing? “Ja, ik ga zelfs van het gas af. Ik hoorde dat Olaf het al doet, hij kan mij advies geven en het blijkt dat er allerlei leningen voor beschikbaar zijn. Dus ik dacht: waarom ook niet?”

“Dat bedoel ik nou”, zegt Epema glunderend. “Natuurlijk kan niet alles van onderop komen. Je hebt de gemeente nodig voor een energietransitie in de hele wijk – daarom hebben we nu al nauw contact met de gemeente. Dus áls we straks aan de beurt zijn om van gas naar stroom te gaan, beginnen we niet bij nul. En dan vinden mensen het allemaal niet zo spannend meer.”

SDG-icon-NL-RGB-11
thomas-richter-56177-unsplash

‘Hoeveel stroom hebben we al opgewekt, buurman?’

Een energiecoöperatie oprichten doe je niet zomaar, maar het zorgt voor veel verbinding.

Ook jij koelt af van een groen dak

Hoe heter de stad wordt, hoe groter de roep om groene daken.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Over de auteur

Redacteur

Roxane Soudagar studeerde Politicologie (Internationale betrekkingen) en volgde een master in Conflict Studies & Human Rights.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief