Ik was acht jaar oud toen ik voor het eerst naar een diëtist ging. Ik was mollig en hield van lekker eten, twee factoren die – zo begreep ik al snel – gevaarlijk zijn, vooral in combinatie met elkaar. Ik vond het dan ook niet meer dan normaal dat ik op mijn voedselinname zou gaan letten zodat ik af zou vallen, dik wilde ik tenslotte niet worden. Dat de wereld dikke lichamen afkeurde, was me op jonge leeftijd al wel duidelijk. “Ze heeft korte, dikke benen,” zei een verkoopster afkeurend toen ze een leverancier belde om na te vragen of er ook laarzen te krijgen waren die om mijn kuiten zouden passen. “Wow, mijn pols past wel twee keer in die van jou!” zeiden vriendinnetjes trots wanneer ze hun pols naast de mijne hielden. De opmerking “Lisa die eet niet, die vreet” is denk ik de pijnlijkste die ik ooit te horen heb gekregen.

Ik belichaam datgene wat bijna twintig jaar mijn grootste nachtmerrie is geweest, maar ik ben gelukkiger dan ooit

Inmiddels ben ik 27 jaar oud en dik. Ik belichaam datgene wat bijna twintig jaar mijn grootste nachtmerrie is geweest, maar ik ben gelukkiger dan ooit. Als je mij een paar jaar geleden had verteld dat ik over een paar jaar een onderkin, een flinke buik en vetrollen op mijn rug zou hebben, maar tegelijkertijd tevredener door het leven zou gaan dan ooit tevoren, dan had ik je niet geloofd. Wat ik wél geloofde was wat er al die jaren tegen mij was gezegd, op meer en minder subtiele manieren: dik zijn is slecht. Dik zijn is voor luie mensen. Dik zijn is voor mensen zonder discipline. Dikke mensen zijn niet begeerlijk. Dikke mensen zijn niet succesvol. Dikke mensen moeten op dieet om dunne mensen te worden, want dán pas begint je leven.

Eigen schuld

De wereld heeft er een handje van om ons te vertellen hoe we eruit moeten zien. Voldoen we niet aan het geschetste ideaalbeeld (dat meestal tot stand is gekomen met behulp van Photoshop), dan is dat onze eigen schuld. We moeten dan gewoon meer sporten, meer dieetshakes drinken, vaker scheren en meer crèmes op onze huid smeren. Ondertussen worden bakken met geld verdiend aan onze onzekerheden; in de wereldwijde beauty– en dieetindustrie worden jaarlijks miljarden omgezet.

Ik streef naar een wereld waarin we minder bezig zijn met ons uiterlijk: er zijn namelijk zó veel dingen zó veel interessanter aan ons dan hoe we eruitzien. Ik ben niet tegen zelfexpressie, integendeel zelfs – ik ben er dol op. Maar ik ben wel tegen de intense druk die op ons wordt gelegd om er op een bepaalde manier uit te zien. Vrouwen moeten slank zijn, maar wél met rondingen op de juiste plek. Mannen moeten gespierd zijn, maar niet té, tenzij je een trans man bent. Non-binaire personen moeten er androgyn uitzien, anders klopt dat plaatje niet voor de rest van de wereld. Trans vrouwen moeten er ultra vrouwelijk uitzien, anders raken we in de war.

Body shaming, wat is dat?

Body shaming is het bekritiseren of belachelijk maken van iemands lichaam, om welke reden dan ook. Je komt het overal tegen: op de voorkant van het tijdschrift dat je vertelt dat je nog maar heel even hebt om je lichaam ‘bikiniproof’ te krijgen tot in de reacties onder een reclame met plussize-modellen waarin ‘eindelijk eens échte vrouwen te zien zijn!!!’ Het is die tante die je zegt dat je ‘toch echt eens wat meer moet eten’ omdat je enorm dun bent, de willekeurige ‘puistenkop’-, ‘vet varken’- of ‘gratenpakhuis’-opmerking die je op straat te horen krijgt en de zoveelste ‘grap’ die dikke mensen neerzet als dom, onhygiënisch of lui.

Body shaming kun je niet los zien van onderdrukkende systemen als racisme, klassisme en validisme. Fat-shaming (het bekritiseren of belachelijk maken van dikke mensen) vindt haar origine in de koloniale blik op de lichamen van Zwarte mensen 1. Het is dan ook niet toevallig dat de negatieve eigenschappen die worden toebedeeld aan dikke mensen (dom, onhygiënisch en lui) óók vaak toebedeeld worden aan personen van kleur, met zwarte personen als het meest populaire doelwit.

Personen met een lager inkomen hebben gemiddeld dikkere lijven dan mensen met een hoger inkomen (wat weer leidt tot meer body shaming) en hebben in het geheel minder geld om uit te geven, dus óók minder geld om te besteden aan uiterlijk. Zo is de tandarts voor veel mensen onbetaalbaar geworden, waardoor we armoede soms letterlijk af kunnen lezen van iemands gebit. Lichamen met een beperking worden gebruikt als grap óf bewust buiten beschouwing gelaten – ze worden niet eens waardig genoeg geacht om mee te doen in de lichamelijke rat race. Bij body shaming geldt dus (net als bij alle andere onderdrukkende systemen): hoe verder je van de witte, slanke, (op het oog) gezonde norm afstaat, hoe meer discriminatie je zal ervaren.

Deze lichaamsgerichte discriminatie kan serieuze vormen aannemen; van het moeilijker kunnen vinden van een baan als dik persoon of het harder moeten werken dan dunnere collega’s om evenveel waardering te krijgen, tot het anders worden behandeld door medisch personeel, met alle gevolgen van dien. Dit laatste geldt niet alleen voor dikke personen, maar ook voor personen van kleur die over het algemeen slechtere medische zorg ontvangen dan witte mensen. Ook kan body shaming bijdragen aan het ontwikkelen van eetstoornissen die een dodelijke afloop kunnen hebben. De samenvatting van dit verhaal: niemand heeft iets aan body shaming, behalve de industrieën die er rijkelijk van profiteren.

Stel je voor

Stel je eens voor wat er zou gebeuren als wij van de ene op de andere dag zouden beslissen niet meer te hoeven voldoen aan dat universele, lichamelijke ideaalbeeld: complete miljardenindustrieën die leven van onze diepste onzekerheden zouden vrijwel direct failliet gaan. Stel je voor dat we alle moeite die we stoppen in het proberen onszelf letterlijk en figuurlijk kleiner te maken, zouden omzetten in het écht goed zorgen voor onszelf en elkaar.

Dik is geen gevoel, gebruik dit woord dus ook niet om jezelf op een negatieve manier te omschrijven als je niet dik bent

Dat we signalen van ons lichaam én onze geest niet langer negeren, maar dat we de tijd en de rust nemen om te ervaren wat onze diepste behoeftes zijn en hiernaar te handelen. Dat we de inhoud van onze kledingkast en make-uptas niet langer laten bepalen door wat ‘hoort’, maar door wat wij zélf willen. En boven alles: dat we niet langer onze waarde ontlenen aan hoe mooi we zijn volgens het nu heersende schoonheidsideaal, maar inzien dat onze waarde daar compleet los van staat en dat we die al lang bezitten – simpelweg omdat we bestaan.

Deze dingen kun jij doen om body shaming binnen jezelf en je omgeving aan te pakken:

  • Leer over body shaming, zodat je het sneller herkent; bij anderen, maar zeker ook bij jezelf. Wijs jezelf en elkaar op bodyshamende uitingen, ideeën en gedragingen en leg elkaar uit waarom die problematisch zijn.
  • Wil je loskomen van de huidige ideeën rond schoonheid? Verdiep jezelf dan in body positivity en (nog belangrijker vind ik zelf) body neutrality, bijvoorbeeld door het boek Beyond Beautiful van Anuschka Rees en het boek The Body Is Not an Apology van Sonya Renee Taylor te lezen. Lees ook The Beauty Myth van Naomi Wolf.
  • Volg online mensen met zo veel mogelijk verschillende lichaamstypen. Wanneer ik de dikste persoon ben die je volgt, is je feed niet divers genoeg.
  • Gebruik altijd een trigger warning (TW) wanneer je over body shaming gaat praten op social media, zo kunnen mensen die het aangaat je post of story vermijden.
  • Stuur nooit zomaar voorbeelden van body shaming door naar mensen die getarget worden door het specifieke voorbeeld. Zij weten al heel goed hoe de wereld over hen denkt en hen behandelt, je hoeft ze daar niet nog eens extra op te wijzen.
  • Verdiep je in thema’s als fat-shaming en skinny-shaming (en het belangrijke verschil daartussen) en lees je in over fat acceptance; ook (juist!) als je zelf niet dik bent. Het boek Happy Fat van Sofie Hagen is goed om mee te beginnen.
  • Leer over de racistische oorsprong van fat-shaming en hoezeer deze vorm van discriminatie nog altijd verbonden is aan racistische ideeën. Lees hiervoor Fearing the Black Body van Sabrina Strings.
  • Dik is geen gevoel, gebruik dit woord dus ook niet om jezelf op een negatieve manier te omschrijven wanneer je niet dik bent, bijvoorbeeld door te verzuchten dat je je zo dik voelt en daarom het huis niet uit wil (dit is body shaming!). Wees lief voor jezelf door te ontdekken wat het wél is dat je voelt: schaamte? Ongemak? Angst? Verdriet?
  • Wil je een leuke opmerking over iemand maken? Maak dan ook eens een compliment dat niet uiterlijk-gebonden is. Complimenten zijn zo goed bedoeld, maar kunnen onbewust pijnlijk zijn. Zo denken mensen mij als dik persoon blij te maken met opmerkingen als ‘je bent afgevallen, hè?’ of ‘wat kleedt dat jurkje mooi af!’, terwijl ik daar alleen maar onzeker en ongelukkig door word.

Dit is een fragment uit Laat je horen: Zo maak jij een positief verschil in de wereld, dat op 24 augustus verschijnt bij Nieuw Amsterdam.

20190821DikkeVingerfotoshootAnoesjkaMinnaard(745)

‘Fat-shaming brengt in coronatijd extra levens in gevaar’

'De opmerking dat ik minder recht heb op een IC-bed, komt als een genadeklap.'

Foto voor bij artikel – Lemon & Peach Photography

‘Hoe kun je zo dik zijn, je bent toch veganist?’

Waarom de focus op dun en gezond zijn de strijd voor een leedvrije wereld geen goed doet.

  1. De auteur schrijft Zwart met een hoofdletter om aan te geven dat Zwart niet enkel naar een huidskleur, maar ook naar een cultuur verwijst. ↩︎

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
Foto voor de bio – Lemon & Peach Photography

Over de auteur

Lisa Jansen (1992) is schrijver, spreker en podcastmaker. Ze strijdt voor een wereld waarin we niet alleen liever zijn voor elkaar, maar …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief