Een paginagrote advertentie hadden de Italianen in de Duitse krant Frankfurter Allgemeine Zeitung gekocht, om de Duitsers op te roepen zich vooral niet als Nederland te gedragen inzake Europese noodsteun in hun strijd tegen corona. Nederland is volgens de Italianen ‘in alle opzichten een voorbeeld van gebrek aan ethiek en solidariteit’ en ‘een toonbeeld van bekrompen nationaal egoïsme’.

Verbijstering alom dus, bij de Italianen over de ‘onethische en onsolidaire houding’ van een EU-partner die weigert financieel bij te springen in tijden van coronacrisis. 1 Niets nieuws onder de zon, zullen veel Caribische koninkrijksgenoten bij dit bericht hebben gedacht. En dat is ook wat ik als yu di tera (kind van de Caribische eilanden) dacht toen ik dit las.

Wie betaalt bepaalt

Nederland heeft er namelijk in het Caribisch gebied al jarenlang een handje van om juist in tijden van nood, eisen en voorwaarden door te drukken. ‘Wie betaalt bepaalt’, is de gedachte. Toen Sint-Maarten in 2017 totaal werd verwoest door orkaan Irma en om financiële bijstand vroeg, wilde Nederland dat alleen geven in ruil voor het inwilligen van twee langgekoesterde wensen.

Zo moest er op Sint-Maarten een integriteitskamer komen (een driekoppige commissie bestaande uit twee Europese Nederlanders en één ‘eilander’, die de Sint-Maartense regering adviseert op het gebied van integriteit en onderzoek doet naar belangenverstrengeling, fraude en corruptie). En Nederland wilde dat de Koninklijke Marechaussee bij de grenscontrole van het eiland zou worden betrokken.

Los van de discussie of deze maatregelen wel of niet goed zijn voor zo’n eiland, vraag ik mij vooral af: was dit het juiste moment om zulke eisen te stellen? Is het oké om over de rug van mensen in nood in een kwetsbaar gebied een onderhandeling te starten over hulp? Hoe kunnen we dan spreken van een eerlijke onderhandeling? En wat zegt zo’n houding over de menselijkheid van de Nederlandse regering ten opzichte van het Caribisch deel van ons Koninkrijk?

Nederland heeft verantwoordelijkheden

Wat veel Europese Nederlanders niet weten is dat dit jaar precies tien jaar geleden de Nederlandse Antillen werden opgeheven. Er werd een nieuwe structuur in het Koninkrijk der Nederlanden opgetuigd, waarin elk eiland een nieuwe positie kreeg. Zo zijn Bonaire, Sint-Eustatius en Saba bijzondere gemeenten van Nederland en zijn Curaçao en Sint-Maarten volledig autonome landen, net zoals Nederland. Aruba was dat al sinds 1986.

Nederland heeft Bonaire, Sint-Eustatius en Saba achtergesteld op het gebied van pensioen, kinderbijstand en andere sociale voorzieningen

Ondanks de verandering van positie zijn alle eilanden nog steeds onderdeel van het Koninkrijk en heeft Den Haag dus nog steeds verantwoordelijkheden ten opzichte van deze gebieden. Al zou je dat niet zeggen als je ziet hoe Nederland de bijzondere gemeenten in de afgelopen tien jaar heeft achtergesteld op het gebied van pensioen, kinderbijstand en andere sociale voorzieningen. Sinds de overgang naar de status van gemeenten van Nederland zijn de prijzen op de eilanden enorm gestegen, maar de sociale voorzieningen zoals kinderbijslag, minimumloon, WW, AOW, zijn achtergebleven. Hierdoor leven veel eilandbewoners, mensen met een Nederlands paspoort, in bittere armoede op de toch al dure eilanden.

Vorige week werd weer pijnlijk duidelijk hoe ongelijk de verhoudingen zijn in het Nederlands Koninkrijk. Door de wereldwijde coronacrisis zijn de eilanden genoodzaakt om alle toeristische bezoeken te weren. Een maatregel met enorme economische gevolgen voor de eilanden die vooral afhankelijk zijn van toerisme. Duizenden mensen zijn nu werkloos in gebieden die vóór de coronacrisis economisch al slecht gingen en waar een groot deel van de bevolking al in armoede leefde.

Deze crisis kunnen de eilanden er gewoonweg niet bij hebben. Het is het duwtje naar de financiële afgrond. De wanhoop grijpt veel mensen naar de keel. Voor onze Caribische koninkrijksgenoten is deze crisis dus niet een kwestie van thuis Netflixend afwachten en WW aanvragen. Die sociale voorzieningen zijn, dankzij onwil uit Den Haag, amper toereikend daar. Aruba, Curaçao en Sint-Maarten hebben zeker miljoenen nodig om hun land van een financiële ondergang te redden. Geld dat deze zelfstandige landen en partners in het Nederlands Koninkrijk absoluut niet hebben.

Onderhandelingsdrift

Het zal ze bovendien jaren kosten om deze crisis te boven te komen. In al die jaren zullen gezinnen, ondernemers en ouderen nog verder wegzakken in armoede. Wat een opluchting was het daarom om op 20 maart vanuit het Nederlandse kabinet te horen dat de eilanden in de strijd tegen corona ‘absoluut niet worden vergeten’. De deceptie liet echter niet lang op zich wachten. Want al gauw bleek dat de Nederlandse hulp aan Aruba, Sint-Maarten en Curaçao zich vooral zal vertalen in een lening.

Met onderhandelingsdrift is het Koninkrijk der Nederlanden ooit overzees ontstaan, toen ten koste van mensen en nu opnieuw

‘Er moet heel goed gekeken worden hoe dit geld toch uiteindelijk voor een heel groot deel terug kan komen’, zei minister Raymond Knops van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties vorige week in een interview met Caribisch Netwerk. VVD-Kamerlid André Bosman doet er nog een schepje bovenop en zei tegen hetzelfde netwerk dat hij ‘in ruil voor hulp een contract voor tien jaar wil, waarin de eilanden beloven zich aan de begrotingsafspraken te houden. Met Nederland als toezichthouder’.

Dit zijn de afspraken in het Koninkrijk der Nederlanden

Alle afspraken tussen de eilanden en Nederland staan vastgelegd in het ‘Statuut voor het Koninkrijk’. Dat statuut kwam in 1954 tot stand en daarin staat dat de landen van het Koninkrijk (Nederland, Sint-Maarten, Curaçao en Aruba) een gelijkwaardige positie hebben.

Naar Curaçao, Sint-Maarten en Aruba houdt die verantwoordelijkheid in dat er op het gebied van buitenlandse betrekkingen, mensenrechten, defensie en nationaliteit (paspoort) wordt samengewerkt. Ook moet Nederland als partner in het koninkrijk de eilanden bijstaan en hulp bieden. Wat betreft de eilanden Bonaire, Saba en Sint-Eustatius zijn de verantwoordelijkheden groter, omdat dit sinds 2010 bijzondere gemeenten zijn van Nederland. Nederland is op die eilanden dus verantwoordelijk voor alles waar het elke andere Nederlandse gemeente ook verantwoordelijk voor is: van onderwijs, gezondheidszorg tot aan sociale voorzieningen. Op dat laatste heeft Nederland de afgelopen tien jaar steken laten vallen.

In het Statuut staat verder dat de landen zelfstandig hun eigen aangelegenheden behartigen, dat zijn de Landsaangelegenheden; justitie, financiën, onderwijs, economie en sociale zaken. Maar ook staat in het Statuut (artikel 36) dat de landen voor elkaar klaar moeten staan als er hulp of bijstand nodig is.

Bovendien zijn er ook zaken waar de landen gezamenlijk verantwoordelijk voor zijn, dat zijn de Koninkrijksaangelegenheden; defensie, nationaliteit (paspoort), mensenrechten en buitenlandse betrekkingen.

En dan zijn er nog aparte afspraken tussen de landen in het Koninkrijk, neergelegd in consensus Rijkswetten. Het Koninkrijk mag op de eilanden ingrijpen als er sprake is van ‘ondeugdelijk bestuur’ of ‘ondeugdelijk financieel beheer’. Dat mag pas als een meerderheid van de Rijksministerraad, waar alle landen in zitten, hiermee instemt. Goed om te weten: Nederland heeft in die raad de grootste vertegenwoordiging.

En daar was het weer: de onderhandelingsdrift waar Nederland zich in de geschiedenisboeken graag mee prijst. Diezelfde onderhandelingsdrift waar het Koninkrijk der Nederlanden ooit overzees mee is ontstaan. Toen ten koste van mensen, en nu opnieuw. In het Koninkrijk der Nederlanden geldt, net als in de Europese Unie, de afspraak dat de partners elkaar bijstaan en in tijden van nood solidariteit tonen en hulp bieden. Het betreft hier op papier een gelijkwaardig partnerschap. Maar wat is er gelijkwaardig aan een relatie als de ene partner de andere in een afhankelijke positie houdt?

Waarom is Nederland er wel om toe te zien op de financiële huishouding van de eilanden, maar niet als het gaat om het handhaven van mensenrechten? Terwijl dat laatste ook een Koninkrijkaangelegenheid is. Hoe kan er ooit sprake zijn van vooruitgang als Nederland de eilanden net genoeg steunt om ternauwernood het hoofd boven water te houden, maar nooit genoeg zodat er ook echt zelfstandig gezwommen kan worden?

Nederland stelt voorwaarden die de eilanden alleen maar dieper in de schulden steken

Het is makkelijk en populistisch om te zeggen dat de eilanden corrupt zijn, dat hun bestuur niet deugt en dat ze de Nederlandse belastingbetaler alleen maar geld kosten. Maar we weten ook allemaal dat armoede, ongelijkheid en een instabiel politiek klimaat de perfecte voedingsbodem vormen voor corruptie en nepotisme. Nederland kan daar als koninkrijkspartner verandering in brengen, maar kiest er liever voor om in een noodsituatie te onderhandelen en voorwaarden te stellen die de eilanden alleen maar dieper in de schulden steken. De eilanden zouden iedere maand wel een paginagrote advertentie in de krant kunnen kopen om Nederland te wijzen op haar verantwoordelijkheden. Maar ja, advertenties kosten geld…

We leven in onzekere tijden door het coronavirus. Er is behoefte aan betrouwbare informatie én verdieping. We hopen dat je dit bij ons vindt en wil bijdragen aan onze onafhankelijke journalistiek.

Dit kan je doen door te doneren of je te abonneren op ons magazine. Alvast bedankt!

barrio-546244_1280

‘Vergeet Duitsland, vertel over Venezuela’

Kees Broere over de verhoudingen tussen Aruba en Venezuela Vergeet Duitsland. Het…

seven-shooter-cEoefXEvKHA-unsplash

Hoe corona misbruikt wordt om de democratie af te breken

Wie niet luistert, wordt buitensporig gestraft.

  1. Na een week vol woedende reacties stelde Nederland afgelopen woensdag voor om toch een tijdelijk noodfonds op te tuigen. ↩︎

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
natasja gibbs

Over de auteur

Natasja Gibbs (1979) werkte jarenlang als correspondent op de Caribische eilanden voor onder andere de Wereldomroep, The Economist en Radio …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief