Op het zonovergoten en lege terras van een gesloten restaurant aan de Amstel zitten Lidwien Groeneveld en Martijn Wilms te werken. Ze kijken uit over het water, de laptops opengeklapt en de telefoons naast ze op tafel. Die rinkelen onafgebroken: aan de lijn hangen maatschappelijke organisaties, vrijwilligers en bedrijven die voedsel willen doneren.

In de keuken van restaurant Amstel Boathouse, die ze gratis mogen gebruiken, staan vrijwilligers Nando Schuring en Jade Castelijn – op gepaste afstand van elkaar, plastic handschoentjes aan – al drie uur lang sla vanuit grote zakken over te hevelen naar kleine bakjes. Die bakjes gaan straks in kratjes – of dozen, net wat er voorhanden is – samen met rijst, eieren, verse groenten en fruit en kant en klare maaltijden. De ontvangers moeten er zeker drie dagen van kunnen eten. ‘Sorgbasis’ is een initiatief van horecaondernemer Bryan Steba, die eerder een pop-up restaurant runde waar de strijd tegen voedselverspilling ook centraal stond.

Door het sluiten van de horeca zijn er enorme voedseloverschotten, terwijl de nood bij voedselbanken hoog is

Zijn team krijgt voedseloverschotten van de gesloten horeca en hun leveranciers en maakt elke week vijfhonderd voedselpakketten die ze bezorgt bij Amsterdammers die het goed kunnen gebruiken. Groeneveld: “We gaan voedselverspilling tegen en helpen tegelijkertijd mensen die het nu het hardst nodig hebben.” Met name via Facebook en via bestaande maatschappelijke initiatieven vonden ze zorgmedewerkers en ouderen, maar ook minima-gezinnen en andere mensen die door het coronavirus in de financiële problemen zijn geraakt. Een kleine kring van vrijwilligers helpt met het ophalen van gered voedsel, pakketten inpakken en rondbrengen.

2foto’s-oneworld-2
Lidwien Groeneveld en Martijn Wilms van Sorgbasis in de de keuken van restaurant Amstel Boathouse. Beeld door: Judith Tielemans

Restaurantgroente in de supermarkt

Sorgbasis is een van de vele initiatieven die mensen helpen die in het nauw zijn gedreven door de coronacrisis, en tegelijkertijd voedselverspilling tegengaan. Want door het sluiten van de horeca zijn er veel partijen met enorme overschotten, terwijl tegelijkertijd de nood bij de voedselbanken hoog is en de supermarkten meer levensmiddelen verkopen dan ooit. Toch is het niet makkelijk om vraag en aanbod met elkaar te verbinden. Er ontstaan lokale initiatieven om voedselverspilling tegen te gaan, maar een centrale oplossing voor de oogsten, producten en voorraden is er niet.

In supermarkten is het op dit moment een stuk drukker dan normaal: omzet verschuift deels van de horeca naar de supermarktbranche. De maaltijden die we anders op het terras, in de concertzaal of op congres zouden consumeren, worden nu thuis gegeten. De oplossing lijkt voor de hand te liggen: voedsel dat bedoeld is voor de horeca, verkopen via supermarkten.

De Verspillingsfabriek verkoopt, onder het mom van ‘thuis uit eten’, soepen aan consumenten via supermarktketen Coop

Lidl maakte bijvoorbeeld afspraken met duurzame eierboerderij Kipster om de overschotten die bedoeld waren voor de horeca over te nemen. Ook Albert Heijn laat desgevraagd weten vlees en eieren uit de ‘food service keten’, zoals de horecabranche wordt genoemd, in de winkel te hebben liggen. Enerzijds om aan de toenemende vraag naar die producten te voldoen; anderzijds om de horecaleveranciers een helpende hand te bieden.

Vanaf dit weekend zijn bij grote AH-filialen speciale Restaurant Groenteboxen te koop, met daarin ‘bijzondere groenten’ die bedoeld waren voor de horeca en die de supermarkt normaal niet verkoopt: kiemgroente, gele courgette, witpuntradijsjes, biologische cherrytomaatjes en anijschampignons. De Verspillingsfabriek, die normaal gesproken van snijresten en op uiterlijk afgekeurde groentesoepen en sauzen maakt voor restaurants, cateraars en hotelketens, verkoopt nu, onder het mom van ‘thuis uit eten’, soepen aan consumenten via supermarktketen Coop. En zo zijn er nog andere voorbeelden van horecazaken die maaltijden verkopen via de plaatselijke supermarkt.

3000 ton aardappels

Maar landbouwbedrijven kunnen niet zomaar alles bij de supermarkt kwijt. De supers hebben niets aan grootverpakkingen en te veel kant-en-klaarvoedsel. Ook zijn er producten die de horeca veel gebruikt, maar die in het gemiddelde Nederlandse huishouden niet geconsumeerd worden. Zo weet de gewone thuiskok zich waarschijnlijk geen raad met de producten van Coppert Kress, die kruiden en kleine plantjes (zoals tuinkers) aan duizenden restaurants over de hele wereld levert.

Of neem de aardappels van boer Kees Trouw uit Hellevoetsluis, speciaal bedoeld om friet van te maken. Trouw: “Mijn frietaardappelen eet je in voetbalstadions, in restaurants, bij fastfoodketens, op festivals. Waar plezier is, daar is patat, voor die momenten zijn mijn aardappelen gekweekt. Ze zijn heel anders dan de aardappels op je bord.” En al zouden we de bezwaren van andere smaak, textuur, grootte en bereidingswijze overboord gooien, dan nog is het geen oplossing om de aardappels in de supermarkt te verkopen, zegt Trouw. “Dan zit ik in het vaarwater van mijn collega’s die tafelaardappelen telen. We gaan niet opeens met zijn allen thuis veel meer aardappels eten.”

Crises zijn de aardappelboer niet onbekend: hij maakte in zijn 34-jarige carrière al verschillende mislukte oogsten mee door hevige regenval of juist droogte. Iets waar hij zich als ondernemer altijd op moet voorbereiden, zegt hij. Maar deze keer is het anders. Door de sluiting van de horeca zit Trouw met 3000 ton aardappels. De investeringen die hij doet bij het poten, zouden zich in deze tijd, na het oogsten, moeten terugverdienen. En de kosten voor de oogst van volgend jaar staan ook weer voor de deur.

Het doet pijn om al dat goede voedsel hier te zien liggen zonder bestemming

Gisteren liet minister Carola Schouten (Landbouw) in een brief aan de kamer weten dat er een steunpakket komt van 650 miljoen euro voor mensen als Trouw. Het gaat om een financiële compensatie voor producenten die op dit moment hun waar niet kwijt kunnen. Het is nog niet duidelijk of er ook een centrale oplossing voor de voedseloverschotten komt. Wel laat een woordvoerder van het ministerie weten met de sector te kijken hoe verspilling tegengegaan kan worden. Dat een flink deel van de overschotten toch moet worden vernietigd, is niet uitgesloten.

Boer Trouw noemt het ‘een goede handreiking’, maar het blijft de vraag of hij het gaat redden. Hij leeft in onzekerheid. “Voor ieders gezondheid moesten deze lockdownmaatregelen worden genomen. Maar het doet pijn om al dat goede voedsel hier te zien liggen zonder bestemming.” Hij verwacht dat zijn overschotten uiteindelijk verwerkt zullen worden tot zetmeel, veevoer of naar de biovergister gaan.

Groothandels

Naast de boeren zitten ook partijen verderop in de keten met volle magazijnen. Zoals horecagroothandel De Kweker, tegenwoordig onderdeel van Sligro. Jaap Sloof, normaal gesproken culinair adviseur bij het Amsterdamse bedrijf, is op dit moment ‘chef tegen verspilling’. “Plotseling moest de horeca dicht, en daar sta je dan, met 28.000 artikelen op voorraad. Karrenvrachten met producten die snel over datum zouden gaan: groenten, fruit, verse pasta’s, vleeswaren, zuivel. De Kweker is nog wel open omdat een deel van de horeca is overgegaan op thuisbezorgen en nog wel mondjesmaat inkopen bij ons moet doen. Maar het is niets vergeleken met hoe het normaal is. Catering, hotelketens, evenementen; het valt allemaal weg.

Een deel van onze voorraad hebben we in kunnen vriezen en we hebben er nu onze handen vol aan om de rest een bestemming te geven. Een deel verwerken we nu tot soepen en salades, een ander deel doneren we aan organisaties als Sorgbasis en Stichting Barmhartig Amsterdam die het weer verder verspreiden. Ook gaat een deel naar de daklozenopvang.” Voor bedrijven als De Kweker is de lockdown, net als voor horecaondernemers, een flinke strop. Sloof: “Het is fijn om iets voor anderen te kunnen doen nu. Maar we weten nog niet hoe we hier uit gaan komen.”

Een deel van de voedseloverschotten uit de horeca vindt zijn weg naar de voedselbanken. Die trokken in het begin van de coronacrisis aan de bel: door het hamstergedrag van mensen ging er veel minder surplus uit de supermarktketen naar de voedselbanken. In verschillende steden hebben de voedselbanken inmiddels contacten in de horeca en bij horecaleveranciers en krijgen ze via die weg hun voorraden.

Caroline van Sluis van de voedselbank in Arnhem vertelt dat eerst de lokale horeca aanklopte met overschotten, en daarna de horecagroothandels. “Afgelopen week leek het hier wel een luxe groentekraam. We krijgen ook heel veel aardappels binnen.” Maar het is niet overal zo. Er zijn grote verschillen tussen de regio’s: op sommige plekken is er nog steeds een tekort, dat deels veroorzaakt wordt door de alsmaar toenemende vraag. Daar zijn grote zorgen over: sinds het begin van de coronacrisis zien de voedselbanken dat het aantal gezinnen dat hulp nodig heeft, toeneemt.

Bij sommige bedrijven staat 20.000 kilo aan producten te verpieteren

Maar niet alle producten zijn zomaar geschikt om aan de voedselbank te geven. Dezelfde bezwaren als bij de supermarkten gelden ook hier. En hoewel horecaleveranciers blij zijn dat voorraden een goede bestemming krijgen door het aan de voedselbanken te geven, is donatie voor hen geen echte oplossing. Online initiatief etenover.nl verzacht de pijn enigszins. Hier kunnen horecaleveranciers hun waar direct aan consumenten aanbieden. Er worden frietaardappelen per twintig kilo aangeboden, maar ook losse broden en aspergepakketten.

Laura Boon van de initiator van het platform, Food Inspiration (de ‘inspiratie- en netwerkorganisatie’ van de horeca) vertelt dat de intussen honderd aangesloten leveranciers blij zijn met het platform. “Sommige ondernemers raken op deze manier veel kwijt, voor anderen is alles wat ze nog kunnen verkopen mooi meegenomen. Maar bij sommige bedrijven, waarvoor verkoop aan consumenten geen echte oplossing is, staat 20.000 kilo aan producten te verpieteren. Het blijft een zeer moeilijke situatie.”

We leven in onzekere tijden door het coronavirus. Er is behoefte aan betrouwbare informatie én verdieping. We hopen dat je dit bij ons vindt en wil bijdragen aan onze onafhankelijke journalistiek.

Dit kan je doen door te doneren of je te abonneren op ons magazine. Alvast bedankt!

maria-bobrova-YzteUs1jsBg-unsplash

‘Niet nóg een pandemie? Dan moeten we duurzamer leven’

Klimaatverandering vergroot het risico op een pandemie, weet Marcel Beukeboom.

38297272172_183df3fc8b_k

#Coronahulp genoeg, maar weten ouderen die te vinden?

Zo zorg je dat jouw hulp bij de juiste persoon terecht komt.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
loudi foto linkedin blauwe trui

Over de auteur

Loudi Langelaan (25), journalist. Denkt en schrijft het liefst over de vraagstukken rond klimaatverandering en duurzaamheid.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief