“Wij bepleiten leefbaar loon voor iedereen in de wereld,” zegt woordvoerder Eelco Fortuijn van Fairfood. “Ongetwijfeld wordt er ook in het Westen op plekken onder het leefbaar loon uitbetaald, maar wij concentreren ons op de brandhaarden. In de Filippijnen werken zo’n veertigduizend arbeiders in de ananassenoogst en fabrieken waar ze verse ananassen in blik verwerken. Het overgrote deel doet dat op losse slecht betaalde contracten. Werken onder het leefbaar loon staat aan de basis van armoede. Je kunt van wat je verdient nét niet leven. Het betekent dat talloze gezinnen moeten uitwijken naar kinderarbeid en werknemers structureel te lange uren maken. Dat willen we onder de aandacht brengen.”

Vanuit het vliegtuig is goed te zien wat tienduizenden hectares ananasplantages betekenen voor het landschap van het eiland Mindanao. De lappendeken aan kleine groene akkers vol kokos- en bananenpalmen, ordeloos verstrooid over heuvels en bergen, wordt in strenge lijnen onderbroken door grijs-paarse akkers als vliegvelden zo groot. Hier floreren de ananassen van grote bedrijven waar zo’n veertigduizend mensen werken. 

[[{“fid”:”29734″,”view_mode”:”file_styles_artikel_halve_breedte”,”fields”:{“format”:”file_styles_artikel_halve_breedte”,”field_file_image_alt_text[und][0][value]”:””,”field_file_image_title_text[und][0][value]”:””},”type”:”media”,”attributes”:{“class”:”styles file-styles artikel_halve_breedte media-element file-file-styles-artikel-halve-breedte”,”id”:”styles-4-0″}}]]Fairfood Campagne"made with long working days, extremely low wages, child labour, harmful pesticides"

Gemene stekels
De 39-jarige John werkt al negentien jaar onafgebroken in de ananasoogst in Mindanao, in het zuiden van de Filippijnen. Hij heeft er net een nachtdienst op zitten. Zwaar werk, vindt hij. Met een handbeweging doet hij na hoe hij de ananassen uit de grond draait. Hij draagt handschoenen en beschermende kleding tegen de gemene stekels van de ananasplant. Kleding die volgens onderzoek van Fairfood niet altijd voor iedereen voorhanden is. De ananassen gooien ze vervolgens op een lopende transportband die uitkomt in de laadbak van een vrachtwagen. “Je moet oppassen dat je vingers niet tussen de radars van de band komen. Dat gebeurt twee tot drie keer per jaar. Sommigen verliezen er hun vingers door.” Hij laat zijn handen zien, grote handen. “Gelukkig zitten die er van mij nog allemaal aan. Ik ben voorzichtig.” Hoewel John na al die jaren leider is van de zestienkoppige ploeg die de ananassen op het veld oogst, krijgt hij nog steeds niet meer dan het minimum loon uitgekeerd.

Geen extraatjes
Het is een wereldwijde trend, zeker in ontwikkelingslanden, om met dagloners en contractarbeiders te werken. Ze zijn goedkoop, flexibel inzetbaar en makkelijk te ontslaan. Daarom ook is John bang om te praten. Bang voor ontslag. Op voorwaarde dat hij anoniem blijft, vertelt hij hoe zijn leven eruit ziet. In zijn functie als teamleider werkt hij tegen het wettelijke minimumloon van 270 pesos, 4 euro 60 per dag. Met zes werkdagen van acht uur, komt zijn bruto salaris op 110 euro per maand. Vaste werknemers verdienen in de regel wel drie keer zoveel.

John zegt dat hij de helft van zijn salaris kwijt is aan sociale premies en een bescheiden spaarloonregeling die hij heeft getroffen. Gemiddeld houdt hij zo’n vijftig euro per maand over om van te leven. Ook voor Filippijnse begrippen is dit weinig.

“Uit bezuinigingsoverwegingen hebben we besloten het bij één kind te houden. We gaan nooit uit en al zeker niet op vakantie. Op betaaldag kopen we vis, maar vlees eten we eigenlijk nooit. We hebben gelukkig een tuintje waar we wat groenten verbouwen. Extraatjes zitten er niet in. Om kosten te besparen delen we de elektriciteit met de buren. Gelukkig, dankzij mijn moeder die een stuk land voor me kocht, hebben we wel een eigen huis. Ik heb jaren gewerkt om dat te kunnen bouwen.”

Quota
Soms komt het voor dat er geen werk is. Vanwege laagseizoen, een tegenvallende oogst of minder vraag op de markt. Geen werk betekent ook geen inkomen. “Soms horen we dat er geen werk is, als we al op het werkterrein zijn”, vertelt John. “Dan pakt het nog gunstig uit, omdat we dan nog drie van de acht uur krijgen uitbetaald.

Is er sprake van overwerk, dan maken ze lange werkdagen van soms twaalf uur. “Nu draai ik zo’n drie keer per week overuren en daar verdien ik 70 eurocent per uur extra mee. Op een normale dag oogsten we twee vrachtwagens vol ananassen. Soms oogsten we meer dan het doel van de dag. Dan krijgen we een extraatje, waarmee het loon kan oplopen tot 5 euro 80.”

John en zijn team hebben geluk; ook als ze het quota van de dag niet halen, krijgen ze het minimum loon uitgekeerd. Dat gaat volgens onderzoek van Fairfood vaak anders. Contractarbeiders, en zeker dagloners, moeten in zo’n geval soms onbetaald overwerken om alsnog hun quota te halen.

[[{“fid”:”29763″,”view_mode”:”file_styles_artikel_volle_breedte”,”fields”:{“format”:”file_styles_artikel_volle_breedte”,”field_file_image_alt_text[und][0][value]”:””,”field_file_image_title_text[und][0][value]”:””},”type”:”media”,”attributes”:{“class”:”styles file-styles artikel_volle_breedte media-element file-file-styles-artikel-volle-breedte”,”id”:”styles-6-0″}}]]

Slimme wijze
Johns werkgever is een arbeidscoöperatie waar de ananasproducent zijn werknemers rekruteert. Het is een slimme manier om de wet te omzeilen, die bepaalt dat werknemers niet langer dan een jaar onafgebroken op een los contract voor hetzelfde bedrijf mogen werken. De coöperaties zijn geen commerciële bedrijven. Ze werken niet met werknemers, maar met leden, die een kleine maandelijkse contributie betalen. Tegen de inleg van een ander klein bedrag kunnen ze desgewenst sparen of als aandeelhouder meeprofiteren van de gezamenlijke winst. Die komt in praktijk nauwelijks boven de inleg uit. Ook doen de leden mee aan een sociaal verzekeringsplan, waarvoor ongeveer een derde van hun bruto loon wordt afgetrokken. Waar vaste werknemers in werkjaren kunnen opbouwen tot 25 vakantiedagen en 15 dagen ziekteverzuim per jaar, voorziet de regeling voor contractarbeiders in slechts  5 dagen vakantie en 5 dagen ziekteverzuim. Ze bouwen daarbij niets op.

Arbeidsvoorwaarden voor contractarbeiders zijn niet in een cao vastgelegd, en dus kan het gebeuren dat vakantie- en ziektedagen niet worden uitgekeerd, er onder het minimumloon wordt uitbetaald, premies worden achtergehouden en veiligheidsmaatregelen worden geschonden. Een zogenaamde ‘mislook’ of een vergissing op de loonstrook, komt ook regelmatig voor.

Geen verjaardagen
“Ik vertrouw de coöperaties niet”, zegt contractarbeider Jolene (32). “Ze houden geld achter. De loonstrookjes zijn ingewikkeld, dus dat zien we niet altijd.”

Jolene, die nu acht jaar tegen het minimumloon van 4 euro 25 werkt, staat in de fabriek aan de lopende band en schilt en ontpit de ananassen. Ze was liever onderwijzeres geworden, maar had niet voldoende geld om examen te doen. Bij het bedrijf  ontmoette ze haar man, die ook op contractbasis in de oogst werkt. “Mijn droom is een vast dienstverband, maar daarvoor moet je de goede connecties hebben.” Thuis heeft ze een zes maanden oude zoon en een dochter van drie jaar. “Kinderen zijn duur. Vooral als er niet genoeg werk is. Om de huur te kunnen betalen, meng ik de melkpoeder voor de baby met borstvoeding. Onze prioriteit ligt bij de kinderen. Soms is er nog wel eens wat extra’s voor vlees of kip en heel soms gaan we naar het winkelcentrum. Daar kopen we luiers en kleertjes. Verjaardagen slaan we over. Daar hebben we simpelweg geen geld voor.” 

Geen vakbond
Met de coöperaties omzeilen bedrijven soms ook de heikele kwestie van een onafhankelijke vakbond. Wettelijk kunnen alleen vaste werknemers zich verenigen, met als consequentie dat alle contractarbeiders buiten de boot vallen. “De relevantie van de vakbond is er eigenlijk niet meer”, stelt een ex-vakbondman die anoniem wenst te blijven wat bitter vast. “Vaste werknemers zijn een uitstervend ras. De vakbond die er nu is voor de vaste werknemers, is het bedrijf erg toegewijd. Ze kunnen bovendien toch niets doen voor de contractarbeiders. Wij willen een kritische organisatie, een echte vakbond.”

“In de Filippijnen gaan we in gesprek met de ananasproducenten en bekijken we samen wat we kunnen doen om de omstandigheden te verbeteren,” licht Fortuijn toe.“We zetten leefbaar loon op de kaart, hopen dat bedrijven wereldwijd dit oppikken en dat het zich als een olievlek over de wereld uitspreidt.” 

Op Wereld Voedseldag maakt ze de feiten en de ananasproducenten bekend die gelinkt zijn aan een onleefbaar loon.  

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
Tj3DANNS_400x400

Over de auteur

Edith Tulp is freelance journalist en schrijver.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief