Ik heb een online werkafspraak, en het onderwerp ‘werk combineren met thuis lesgeven’ komt voorbij. ‘Bij ons is het lekker ruim, maar bij jullie is dat natuurlijk wel een uitdaging, met de kinderen iedere dag thuis’, zegt mijn gesprekspartner ineens. Ik val even stil, ik begrijp niet direct wat ze bedoelt. ‘Nou, in zo’n klein huis’, vervolgt ze.

Ik kijk naar buiten en zie mijn driejarige zoontje Berend met een te grote piratenhoed op zijn hoofd trampolinespringen. Zijn zus Juliette loopt rond met een kip in haar armen. ‘Dat valt wel mee’, zeg ik.

Het blijft mij verbazen als mensen de buitenruimte niet meetellen als leefruimte, terwijl wij daar de helft van het jaar de meeste tijd doorbrengen. ‘Ik zou tegen de muren opvliegen’, hoor ik wel eens als ik ons tiny house beschrijf. Maar waarom zou dat gevoel je overvallen, als je vanaf de bank via de openslaande deuren zo het groen in kijkt? Of als je een boek leest op de veranda terwijl de regen op het dak tikt? Of, zoals de afgelopen zonnige weken, als je alleen maar buiten eet aan de picknicktafel? Zeker in tijden van een rondwarend virus is buiten, mits op gepaste afstand tot anderen, de beste plek om te zijn.

Om de beurt geeft een ouder een ochtend thuis les zodat de andere ouders kunnen werken

We hebben sinds de coronacrisis een en ander anders moeten aanpakken. Omdat ze de speeltuin van Kleinhuizen delen en het voor het contact toch niet meer uitmaakt, vormen onze kinderen met de twee buurkinderen nu een klein klasje. Om de beurt geeft een ouder een ochtend thuis les zodat de andere ouders kunnen werken. Behalve een uurtje binnenshuis een werkboekje invullen, gebeurt dat vooral buiten: ze maken robots van afvalmateriaal, zaaien groenten, maken muziek. In de middag fietsen ze rondjes over het terrein, hangen in het klimrek of bouwen geheime hutten met takken uit het bos.

Natuurlijk vraag ik me af hoe de quarantaine was geweest als het de afgelopen vijf weken aan een stuk door had geregend. Als mijn man geen vitaal beroep zou hebben en dus ook thuis was. Natuurlijk hebben we, net als iedereen, geluk met het mooie weer. Maar na bijna drie jaar in een tiny house te wonen, heb ik geleerd om altijd in oplossingen te denken. Als het onophoudelijk had geregend, hadden we voor de duur van de crisis misschien wel een bouwkeetje tot tijdelijke werkplek omgebouwd en naast ons huis geplaatst.

De zorgen die anderen over onze quarantaine hebben, zijn nergens voor nodig. Ons thuis is een tiny house met een vloeroppervlakte van 24 vierkante meter, maar het buitenterrein is zo groot dat ik vaak op zoek moet naar mijn kinderen. Die buitenruimte en de buren zijn de twee redenen waarom ik mij in deze bizarre tijden geen betere plek kan wensen om te wonen.

Geen tijd voor verveling

Wat nu die prachtige buitenruimte is, was afgelopen winter nog een grote zandvlakte met hier en daar stukken bemoste grond. Dáárvoor stond er een enorm gebouw dat in rap tempo is afgebroken. En nu mogen wij met onze buren het braakliggende en omheinde terrein in Zeist beheren. Na twee jaar in Nieuwegein is dit de nieuwe locatie van ons mobiele dorpje met de toepasselijke naam Kleinhuizen. Er staan inmiddels vijftien tiny houses, bewoond door in totaal ongeveer dertig mensen.

Nu de dagen langer en de temperaturen hoger worden, trekken de bewoners naar buiten en gaat iedereen aan de slag rond de huisjes. Er wordt opgeruimd, geschoffeld, er worden paden en moestuintjes aangelegd, er wordt grond gestort en aarde ingezaaid. De natuur ontwaakt, het gras begint te groeien, wilde bloemen komen op: hondsdraf, dovenetel en paardenbloemen.

Artikelen met ‘Tien tips om corona thuis uit te zitten’ hebben wij niet nodig

De eerste citroenvlinder fladdert voorbij en steekt vrolijk af tegen de strakblauwe lucht zonder vliegtuigsporen. Ik geniet van het kale stukje grond voor ons huis dat we hebben geadopteerd, waar we bloembollen hebben gepoot en een moestuintje zijn gestart. Het lijkt wel of de aarde het afval naar boven werkt. Als een splinter uit de huid. Iedere keer vind ik er weer nieuwe glasscherven, schroeven, plastic en stukjes afvoerbuis. Artikelen met ‘Tien tips om corona thuis uit te zitten’ hebben wij niet nodig.

IMG-20200319-WA0010
Beeld door: Karin Prins

Voorproefje van de toekomst?

Ondertussen, netjes op anderhalve meter afstand, kletsen wij met de buren. Op eerste paasdag zochten wij gewoon naar eieren, die verstopt lagen rond de huisjes. Toch is ook in Kleinhuizen het leven niet perfect en coronaloos. Ook in ons mobiele dorp maken bewoners zich zorgen om hun eigen gezondheid en die van familieleden. Een groot aantal van ons is freelancer of heeft een eigen bedrijf. Sommigen zijn hun werk van de ene op de andere dag kwijt geraakt, anderen leven in onzekerheid.

We missen vrienden, familie, collega’s. We moeten soms wennen aan elkaar, omdat we net als in een ‘normale’ woonwijk onze buren niet hebben uitgekozen. De wens om klein te wonen in een (zelfgebouwd) huis op maat is de gemene deler. Maar mijn ervaring is, dat als ik hulp nodig heb, van het lenen van een fiets tot het passen op de kinderen zodat ik alleen naar de markt kan, ik altijd bij een buur terechtkan.

Soms meen ik in de manier waarop wij hier leven, verbonden met onze omgeving en tevreden met minder, een weerspiegeling te zien van hoe de samenleving eruit zou kunnen zien na de coronatijd. Een samenleving waarin we onze verantwoordelijkheid nemen voor de venijnige splinters die de aarde in deze wereldwijde crisis blootlegt: dierenleed, milieuvervuiling, eenzaamheid, sociale ongelijkheid. In een wereld waarin de natuur haar grenzen verlegt omdat de mens minder ruimte inneemt.

Zal het zo gaan? Of blijkt de mensheid hardleers? De tijd zal het ons vertellen. Ondertussen zorg ik goed voor dit hele kleine stukje aarde dat ons tijdelijk is toevertrouwd.

We leven in onzekere tijden door het coronavirus. Er is behoefte aan betrouwbare informatie én verdieping. We hopen dat je dit bij ons vindt en wil bijdragen aan onze onafhankelijke journalistiek.

Dit kan je doen door te doneren of je te abonneren op ons magazine. Alvast bedankt!

photo-1469131792215-9c8aaff71393

Buitenles in levensgeluk

Twee kinderen opvoeden op 24 vierkante meter, hoe is dat?

IMG_8400

Samen delen, samen leven (ook in coronatijd)

Een reportage over de (stro)wijk van de toekomst.

DITL-Tiny-House_6736-klein-768×512

Over de auteur

Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief