Verder lezen?

Rechtvaardige journalistiek verdient een rechtvaardige prijs.
Maak jij OneWorld mogelijk?

ja, ik word nu lid vanaf 6,- per maand

Na de berichtgeving over seksueel grensoverschrijdend gedrag bij The Voice of Holland en Ajax viel regelmatig het woord ‘vertrouwenspersoon’. Daar zouden slachtoffers terecht moeten kunnen als ze last hebben van (seksueel) grensoverschrijdend gedrag binnen een organisatie. Maar in de praktijk blijkt dat niet de heilige graal: niet alleen is een vertrouwenspersoon niet verplicht, waardoor veel bedrijven en organisaties er geen hebben, ook zijn er geen richtlijnen voor de kwaliteit of de werkwijze van zo’n luisterend oor.

Sinds 1994 zijn bedrijven verplicht om te voorkomen dat werknemers last hebben van agressie, pesten, geweld, seksuele intimidatie of discriminatie op het werk. Twee derde van de bedrijven heeft daar echter geen plan van aanpak voor, blijkt uit cijfers van de arbeidsinspectie (2020). De wet van 1994 stelde het aanstellen van een vertrouwenspersoon niet verplicht. De helft had in 2019 dan ook geen vertrouwenspersoon. Sindsdien is dat niet veranderd, al betreft dat meestal bedrijven met minder dan honderd werknemers.

 

Het zijn niet altijd de mensen waarbij je het gevoel hebt je hart te kunnen luchten

Een wetsvoorstel om vertrouwenspersonen verplicht te stellen ligt momenteel bij de Tweede Kamer (daarover verderop meer). Door het ontbreken van regelgeving of een wettelijke verplichting voor het aanstellen van een vertrouwenspersoon, hebben veel werknemers momenteel geen aangewezen persoon tot wie zij zich kunnen wenden na wangedrag of in een andere vervelende situatie. Bij de bedrijven die wel werk maken van vertrouwenspersonen, zijn dat niet altijd de mensen waarbij je het gevoel hebt je hart te kunnen luchten. Of zoals Sheila Peeters, vertrouwenspersoon bij ArboNed en trainer van vertrouwenspersonen, het zegt: “In sommige gevallen wordt de secretaresse aangewezen met de gedachte: die is altijd zo aardig en haar wordt toch al veel verteld.”

Maar hoe aardig een collega ook is, zwijgen over wat iemand vertelt kan lastig zijn. Al helemaal wanneer iedereen binnen de organisatie elkaar goed kent. Dat is ook de reden dat Sandra (25)*, redacteur bij een kleine uitgever, de klachten die ze had over haar baas pas durfde te melden toen ze al had besloten ontslag te nemen. “De vertrouwenspersoon was mijn collega. Via via zou mijn klacht toch wel bij mijn baas terechtkomen. Gelukkig had ik al besloten dat ik wegging, anders was ik waarschijnlijk niet snel naar haar toegegaan.”

Dat is natuurlijk niet de bedoeling, aldus Inge te Brake, voorzitter van de Landelijke Vereniging van Vertrouwenspersonen. Volgens haar mag je ervan uitgaan dat het gesprek vertrouwelijk is, niemand hoeft ervan te weten. “Een vertrouwenspersoon hoeft niet op te treden na een melding. Je kunt ook alleen voor advies aankloppen.”

Geen veilige meldomgeving

Bedrijven kunnen een interne of externe vertrouwenspersoon aanstellen. Een interne vertrouwenspersoon is meestal iemand van het personeel, een externe vertrouwenspersoon is een deskundige van buiten die wordt ingehuurd. “Een interne vertrouwenspersoon is vaak benaderbaar, maar sommige mensen vertellen hun verhaal liever aan een onbekende,” vertelt Te Brake.

Bovendien zijn de voordelen van een interne vertrouwenspersoon vaak ook tegelijkertijd de nadelen, volgens het Landelijk Instituut Vertrouwenspersonen. Iemand van binnenuit kent de bedrijfscultuur beter, maar kijkt dus ook niet met een frisse blik naar de situatie. En een collega is bekend en vertrouwd voor de rest van het personeel, maar heeft dus ook contacten die voor belangenverstrengeling kunnen zorgen. De drempel om naar iemand van binnenuit te stappen kan dus lager zijn, maar ook juist hoger.

Een externe vertrouwenspersoon zou meer vertrouwen kunnen wekken, omdat die geen binding heeft met het bedrijf en daardoor mogelijk objectiever en onafhankelijker is. Te Brake vindt zelfs dat bedrijven het beste een intern én een extern aanspreekpunt kunnen aanstellen.

Toch gaat het ook met mensen die verderaf staan niet altijd goed, weet Anne van Dijk (18). Zij was dertien jaar toen haar volleybalcoach haar tijdens het omkleden in de kleedkamer probeerde te filmen. Eerder deelde zij haar ervaringen al op OneWorld.nl. Na de aangifte wilde ze ook een melding maken bij de vertrouwenspersoon van de volleybalvereniging. Maar omdat veel inwoners van het kleine dorp waar de vereniging zit de vertrouwenspersoon goed kenden, vond ze het ‘geen veilige meldomgeving’.

De vertrouwenspersoon zei niet te kunnen geloven dat hij zoiets zou doen

Ze zocht daarom contact met de vertrouwenspersoon van de Nederlandse sportkoepelorganisatie NOC*NSF. Die persoon drukte haar op het hart om geen aangifte te doen: ‘Ze waarschuwde mij dat ik voor smaad aangeklaagd kon worden. Gelukkig had ik al aangifte gedaan.’ Ook na het tweede gesprek voelde Van Dijk zich onvoldoende gehoord. Daarom zocht ze contact met de vertrouwenspersoon van de Nederlandse Volleybalbond. Diegene bleek een ex-collega van de dader. Van Dijk: ‘Ze vertelde mij dat ze niet kon geloven dat hij zoiets zou doen.’

Beide organisaties erkennen dat er destijds niet goed op de situatie is gereageerd. De Nederlandse Volleybalbond heeft van Dijk en andere slachtoffers later nog wel aanvullende ondersteunding geboden. Na felle kritiek op het handelen van de vertrouwenspersonen van het NOC*NSF, werd in 2019 het Centrum voor Veilige Sport Nederland opgericht.

Vertrouwenspersoon lang niet altijd benaderd na seksueel wangedrag

Een groot deel van de werknemers krijgt te maken met seksueel grensoverschrijdend gedrag op de werkvloer. Uit onderzoek uit 2021 van vakbond CNV blijkt dat werknemers in veel gevallen geen contact zoeken met de vertrouwenspersoon.

• Meer dan 40 procent van de ondervraagde personen geeft aan niet naar de vertrouwenspersoon te stappen. 30 procent houdt de gebeurtenissen stil.

• 61 procent van de ondervraagde vrouwen en 18 procent van de ondervraagde mannen kreeg ooit te maken met seksueel getinte opmerkingen, schunnige woorden, sissen of vervelend, seksueel getint taalgebruik op de werkvloer.

• 30 procent van de ondervraagde vrouwen en 5 procent van de ondervraagde mannen kreeg ooit te maken met aanranding of een andere fysieke vorm van seksuele intimidatie op de werkvloer.

Veilige omgeving creëren

Vertrouwenspersoon Sheila Peeters van ArboNed merkt dat als er echt iets aan de hand is, veel vertrouwenspersonen niet goed weten wat ze moeten doen. Niet alleen Peeters maar ook het Landelijk Instituut Vertrouwenspersonen (LIVP) leidt daarom vertrouwenspersonen op. Tijdens een vierdaagse opleiding leren deelnemers naast de theorie en juridische aspecten, ook een veilige omgeving te creëren, te luisteren zonder oordeel en om te gaan met emoties.

Volgens ArboNed zouden vertrouwenspersonen als volgt te werk moeten gaan: allereerst vangen ze de persoon die komt aankloppen op. Vervolgens analyseren ze het probleem en waar nodig verwijzen ze door naar hulpverleners of andere professionals voor advies of begeleiding. Verder informeren ze het personeel of andere betrokkenen over de rol van vertrouwenspersonen. En last but not least: ze adviseren het management hoe ze ongewenst gedrag kunnen voorkomen.

Een vertrouwenspersoon staat naast de werknemer en oordeelt niet over de situatie

In de praktijk werkt dat zo: als werknemers bij haar komen, probeert Peeters eerst de context beter te begrijpen. “Ik vraag naar de aanleiding en wat de werknemer wil dat er gebeurt. Vervolgens leg ik uit welke stappen iemand kan nemen en de mogelijke consequenties daarvan.” Loes Wevers, die als vertrouwenspersoon bij verschillende organisaties werkt, probeert werknemers altijd zelf met een oplossing te laten komen en zo min mogelijk te adviseren. “Een vertrouwenspersoon staat naast de werknemer en oordeelt niet over de situatie.”

Maar in veel gevallen is er dus geen vertrouwenspersoon of biedt het aanspreekpunt dat er wel is geen soelaas. Dan kan iemand die ongewenst gedrag ervaart niets anders dan zelf naar een collega, een leidinggevende of de persoon in kwestie toe stappen. “Als diegene dat al durft”, vertelt Wevers.

Sinds 2020 ligt er een initiatiefwetsvoorstel van GroenLinks bij de Tweede Kamer om vertrouwenspersonen verplicht te maken. Maar volgens Wevers is een verplichte vertrouwenspersoon niet genoeg. “Het is een eerste stap in de goede richting, maar een organisatie moet vooral actief een veilige werkomgeving creëren. Dat gaat het beste door bepaalde kwesties die tot ongewenst gedrag leiden vooraf al bespreekbaar te maken.”

Alternatieven voor de vertrouwenspersoon

Ook bij sommige externe partijen kun je als werknemer terecht voor hulp na een vervelende situatie op werk. Zo kan iemand advies inwinnen via het huis voor klokkenluiders, een meldpunt voor maatschappelijke misstanden. Voor sommige sectoren bestaan onafhankelijke meldpunten, zoals het meldpunt Mores voor de culturele sector. Tot slot is het nog mogelijk om een klacht in te dienen bij het College van de Rechten van de Mens of naar de rechter te stappen. Vertrouwenspersoon Loes Wevers begrijpt dat dat laatste voor veel mensen een te grote stap is: “Veel werknemers willen de situatie juist laagdrempelig oplossen.”

victimg blaming boos

Wat is ‘victim blaming’ en waarom komt het zo vaak voor?

'Victim blaming' heeft veel nare gevolgen.

Girl crying two faces

Als je door je aangifte van seksueel misbruik nóg eens slachtoffer wordt

Het strafproces zou zich te veel op de dader richten, zeggen experts.

Processed with VSCO with b5 preset

Over de auteur

Yara van Buuren is druk bezig met het afronden van haar masteropleiding journalistiek. Met een achtergrond in internationale betrekkingen …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief