Tijdens haar bezoek aan de antiracismedemonstratie op de Dam droeg burgemeester Femke Halsema een button met het jaartal 1873. Dat werd haar niet door iedereen in dank afgenomen. Zij had ‘neutraal’ op de Dam moeten verschijnen, ze zou daar ‘niet als burgemeester, maar als activist‘ zijn. Later bleek dat zij de button eerder die dag opgespeld had gekregen bij de aftrap van de Keti Koti-maand. Maar wat betekent de button eigenlijk? Dit is het verhaal van de man achter de button, de vorig jaar overleden Amsterdamse activist Perez ‘Apakanaike’ Jong Loy.

Tien jaar ná de afschaffing van slavernij werkten tot slaaf gemaakte mensen nog steeds op Nederlandse plantages

Je zou denken dat er na de formele afschaffing van slavernij in 1863 inderdaad geen mensen meer als slaaf werkten. Maar de eerste tien jaar ná deze afschaffing waren tot slaaf gemaakte mensen nog steeds aan het werk op de Nederlandse plantages in Suriname en de Nederlandse Antillen: onder dwang ondertekenden ze een contract dat stelde dat zij tien jaar lang hun vrijheid moesten ‘verdienen’ door te blijven werken. Ze stonden ‘onder Staatstoezicht’.

Nederland verbood in 1814 de handel in tot slaaf gemaakte mensen, maar daarmee was de slavernij nog niet afgeschaft, er kwamen alleen geen nieuwe tot slaaf gemaakten bij. Als een van de laatste Europese landen schafte Nederland in 1863 de slavernij alsnog officieel af. Het ‘Staatstoezicht’ dat daarop volgde duurde tot 1873 en gold voor vrijwel alle tot slaaf gemaakten, behalve mensen die een ambacht uitvoerden: zij waren vrij.

De Nederlandse staat wilde dat de vrijgemaakten werden ‘opgevoed’ tot gehoorzame en onderdanige arbeiders. Ze konden de periode van Staatstoezicht bijvoorbeeld verkorten door zich tot het christendom te bekeren.

Een eerdere versie van dit artikel verscheen in 2013 op de site van het Amsterdam Museum. Op 7 december 2019 overleed Perez Jong Loy op 65-jarige leeftijd.

Begin 2011 hoorde Perez Jong Loy voor het eerst over de Staatstoezicht-periode tussen 1863 en 1873. “Ik was daar heel boos over. Ik was 7 jaar oud toen ik hiernaartoe werd gesleurd door mijn moeder. Ik heb dus alle opleidingen vanaf de derde klas lagere school in Nederland gehad. Nou kreeg ik in de vaderlandse geschiedenislessen al bijster weinig mee, maar dat men zo’n schandelijk, cruciaal gegeven zo doelbewust verzwijgt, maakte me woest. Zeker als je kijkt naar de sociaal-economische situatie van de nazaten.”

“Het maakte me razend dat de nazaten van daders en het ‘establishment’ van de nazaten van slachtoffers er alles aan deden om het ook zo te houden. Ik moest daar wat mee. Zo kwam ik in februari of maart 2011, de tijd dat we aan de slag gaan met plannen en geld zoeken voor de slavernijherdenkingsmaand juni, op het idee voor deze button. Daar wij altijd worden afgescheept met een fooi, waarmee we nagenoeg geen grote activiteiten kunnen ontplooien, moest ik de tering naar de nering zetten.”

“Ter overdenking: de viering van het 400-jarig bestaan van New York kreeg 80 miljoen euro belastinggeld, waarbij in feite de uitroeiing van de Manahatta werd gevierd, tegenover 750 euro voor het 140-jarig jubileum van de afschaffing van de Nederlandse slavernij. Als enige te onderscheiden groep in Nederland hebben we nog steeds geen landelijk dekkend podium. U leest het goed, 140-jarig jubileum!”

Petten en buttons

In eerste instantie kwam Perez op het idee van een pet met het jaartal 1873 erop, het jaar waarin de periode van het Staatstoezicht afliep en de tot slaaf gemaakten daadwerkelijk vrij waren. “Maar, ik noemde het al, de fooi, ik kon nooit zoveel caps maken om een opvallend signaal af te geven. Een goeie hoeveelheid petten zou een enorme aanslag op het budget zijn. Ik kwam toen op het idee om op exclusieve schaal 25 petten te maken en 500 buttons, zelfde belettering, zelfde kleur. En zo geschiedde.”

De 1873-pet was alleen voor personen van wie ik weet dat zij toegewijd zijn aan het slavernijdossier

De 25 petten waren in 2013 nog een collectors item. “De pet was alleen voorbehouden aan personen van wie ik inschat en weet dat zij toegewijd zijn aan het slavernijdossier. Zo hebben bijvoorbeeld Kaikussi, Frank Mansro, Eddy Linthorst en Artwell Cain een pet. De button werd massaler gedragen als protest tegen het bewust verzwijgen van de waarheid. De eerste oplage was vijfhonderd stuks; de tweede oplage ook.”

Sweri

“Ik heb een afspraak, een sweri, met mezelf gemaakt. Ik ga hiermee door totdat het bij het grote publiek postvat. Zodra er geld is worden er meer petten gemaakt en verdeeld onder de nazaten, met het verhaal erbij. Net zoals ikzelf tot niet lang geleden, weten hele massa’s nazaten er niet van en zeker onze kinderen niet. Ik heb twee in huis wonende tienerkinderen, één op de middelbare school, de ander op het hbo. Ze hebben nog nooit een stuk geschiedenis over Suriname of de slavernij op school behandeld gekregen.”

“Ikzelf werd een paar weken voor het havo-eindexamen in 1975 van school gestuurd omdat ik de geschiedenisjuf onheus had bejegend, omdat ze maar een half A4-tje aandacht besteedde aan de banden met Suriname. Dat was nota bene in het onafhankelijkheidsjaar, waarin je geen radio of tv kon aanzetten; geen krant of tijdschrift kon openslaan of het ging over Suriname. Dat was meestal in negatieve zin over de enorme exodus van mensen naar Nederland die daarop volgde. Misschien herinner je je nog de krantenkoppen waarin door dominees uit Zeeland vanaf de kansel werd opgeroepen zich te verzetten tegen de komst van de zwarte duivel…”

Onvermoeibaar

Onvermoeibaar zette Perez Jong Loy (1954-2019) zich met zijn Vereniging Opo Kondreman (‘God zij met ons Suriname’, het Surinaamse volkslied, red.) in om het verhaal van de slavernijgeschiedenis zichtbaarder te maken. Onder andere door de kranslegging bij het huis van de burgemeester en de optocht over de grachten op 1 juni. Ook was hij de drijvende kracht achter het standbeeld van Elieser bij de joodse begraafplaats in Ouderkerk aan de Amstel.

Loy bleef altijd bescheiden over zijn activiteiten: “Denk, na het bovenstaande gelezen te hebben, niet dat u met een of ander creatief of kunstzinnig genie te maken heeft. Ik weet zelf niet hoe ik op de ideeën ben gekomen. Het gebeurde gewoon. Ik kon er niets aan doen.”

We leven in onzekere tijden door het coronavirus. Er is behoefte aan betrouwbare informatie én verdieping. We hopen dat je dit bij ons vindt en wil bijdragen aan onze onafhankelijke journalistiek.

Dit kan je doen door te doneren of je te abonneren op ons magazine. Alvast bedankt!

_MG_9706

‘We willen niet over racisme praten omdat we er niets van begrijpen’

Zawdie Sandvliet biedt zijn leerlingen een nieuw perspectief op de koloniale geschiedenis.

Jongen-met-grote-stengel-suikerriet2c-Jacob-Marius-Adriaan-Martini-van-Geffen2c-in-of-na-ca.-1850-in-of-voor-ca.-1860-Collectie-Rijksmuseum

Excuses voor het slavernijverleden: (waarom) moeten we dat willen?

Amsterdam wil mogelijk excuses aanbieden voor het slavernijverleden. Wat komt daarna?

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
portret_in_voorlinde.jpg(mediaclass-article-depiction-width.2d0bc720e72f7d03ca65aa44863c5e34306fed2d)

Over de auteur

Annemarie de Wildt is historicus en curator in het Amsterdam Museum, waar ze tentoonstellingen maakt met een sterke focus op stedelijke …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief