Onlangs betrapte ik een feministische vriendin op een pijnlijk scheldwoord. We waren aan het grappen geslagen over de slechte staat van de datingmarkt en het noodlottige bestaan van hetero- vrouwen. Tussen het lollen en gieren over mislukte dates door, schaterde ze uit: “Jeetje, net een autist, zo harkerig was hij!” Ik voelde mijn wangen warm aanlopen en mijn bui sloeg om. Waarom maakte die opmerking me zo ongemakkelijk?

Het heeft mij altijd dwarsgezeten, hoe normaal de stigmatisering van mensen met
mentale gezondheidstoornissen wordt gevonden, ook in feministische kringen. Vroeger weet ik die verontwaardiging aan opgroeien met een gezinslid met autisme. Mijn klasgenoten hadden dat niet en ‘wisten niet beter’ nam ik me voor. “Sorry”, zeiden vriendinnen die ik aansprak op hun taalgebruik. Niet omdat het hun speet dat ze validistisch deden, maar omdat ze mij niet wilden beledigen.

Dat gebrek aan bewustzijn over validisme irriteert me. Hoe we in ons dagelijkse taalgebruik mentale stoornissen bagatelliseren baart me zorgen. Zorgeloos labels als ‘autist’ rondstrooien stigmatiseert en bagatelliseert een serieuze medische diagnose. We beschouwen gedrag dat wij als afwijkend van de norm zien als iets beschamends, dat aanstootgevend is of gecorrigeerd moet worden. Je hoort nooit ‘goh, wat een fijne autistische eigenschap van diegene’. Mensen om me heen noemen zichzelf en anderen ‘autist’ als teken van minachting voor een sterke voorkeur voor structuur.

Ik vertelde de feministische vriendin in kwestie dat ze het eens moet vergelijken met het mentale stigma op vrouwen die menstrueren. Wie kent de seksistische kreet ‘Ben je ongesteld ofzo?!’ niet? Het probleem is niet dat deze opmerking gebaseerd is op een leugen. Het is gebaseerd op de realiteit van menstruerende schoolmeisjes die weleens thuisblijven met buikkrampen of volwassen vrouwen die door het premenstrueel syndroom (PMS) extreme stemmingswisselingen ervaren. Toch is het niet fijn wanneer je de zoveelste ’Ben je ongesteld ofzo?!’ naar je hoofd gesmeten krijgt.

Het probleem met stereotypes is niet dat ze nooit kloppen, maar dat ze een eenzijdig beeld van de werkelijkheid schetsen

Feminisme leert ons juist dat die opmerking op meer berust dan medische feiten. Het berust ook op het stigma van emotionaliteit bij vrouwen. Emotie bij vrouwen, ook als die emotie passie is, wordt al sinds jaar en dag als hysterisch getypeerd; emotionele mannen worden wijverig genoemd. Daartegenover staat dat een passievolle man vertaald wordt naar een gepassioneerde leider.

Er is een enorme variatie aan menstruatiebelevingen. De emotie die een vrouw toont, is niet per definitie een verschijnsel van PMS. En de neiging van de maatschappij dat zo te typeren, is een valse gevolgtrekking. Een belangrijke eigenschap van stereotypering.

Het probleem met stereotypes is niet dat ze nooit kloppen, maar dat ze een eenzijdig beeld van de werkelijkheid schetsen. En dat degenen die er het onderwerp van zijn, het onderspit delven.

DSC02665-1-2

‘Ik verberg mijn autisme niet meer’

Mensen met autisme proberen de stoornis vaak te camoufleren. En dat eist zijn tol.

veDIyR3Q

Mijn broers waren ‘luie kinderen’, maar ik was een ‘lui meisje’

Als meisje werd van Munganyende Hélène Christelle veel meer verwacht dan van haar broers.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
veDIyR3Q

Over de auteur

Columnist

Munganyende Hélène Christelle (1993) is schrijver, sociaal cultureel commentator en medepresentator van de podcast Fufu & …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief