Waarom een conferentie over boeren met natuur plaatsvond in een kapel

18-04-2017 Bron: OneWorld
Conferentie boeren met natuur
Foto: OneWorld
Hoe ervaren boeren de omschakeling van gangbaar naar biologisch? Waarom stappen zij over en welke problemen komen zij daarbij tegen? Welke rol speelt de consument hierin? Tijdens de conferentie ‘Succesvol Boeren met natuur: ontmoet de praktijk’ sprak OneWorld een aantal mensen uit de sector.
Interview – 

Volgens Alex Datema, voorzitter van BoerenNatuur.nl, is de continuïteit van boerenbedrijven – het doorgeven van het bedrijf aan de kinderen – niet mogelijk op de manier zoals we nu boeren. “We moeten toe naar een andere manier om landbouw te bedrijven, en de intensivering loslaten.” Fred Wouters, directeur van Vogelbescherming Nederland, vult aan: “We moeten natuurinclusief boeren, met een landschap waar vogels en vlinders oud kunnen worden.”

Marcel Strijtveen, melkveehouder in Overijssel, combineert melkkoeien met weidevogels. Natuurorganisaties waren jaloers op de vele vogels die in zijn weiland te vinden waren en namen maatregelen om in zes jaar tijd het aantal weidevogels in de omgeving te verdubbelen. Dat lukte. “Steeds meer boeren gingen meedoen”, vertelt Strijtveen. “Als 20% van de gangbare boeren natuurinclusief zou gaan boeren, heeft dat een positief effect op het aantal weidevogels.”

Een van de boeren in Nederland die natuurinclusief werkt, is veehouder Jan Hendrik Elzinga. Doordat hij sinds 2001 op een biologische manier werkt, heeft hij veel kruiden in het weiland staan en krijgt hij vaak weidevogels op bezoek. Met 170 melkkoeien, 75 vleesvlees en een koppel schapen runt hij zijn bedrijf Martinizicht in Groningen op een relatief extensieve manier. De biologische manier van werken betekent onder meer dat de kalfjes bij hun moeder zogen en de koeien in de zomer buiten staan – in dit geval in een natuurgebied van tien hectare groot.

Thuiswinkel

“Recreanten reageren positief en blijven vaak even kijken bij de koeien”, vertelt Elzinga. Samen met zijn vrouw heeft hij een tijdje een thuiswinkel gerund. “Als je vlees aan huis wilt verkopen, moet je veel tijd in promotie steken. Het verhaal is belangrijk: klanten willen weten waar hun voedsel vandaan komt en vertellen het verhaal verder.” De marges kunnen groter zijn dan wanneer je via een slager werkt, maar het kost veel tijd om de koeien zelf te slachten en het vlees te verkopen. Waarom Elzinga het vlees niet online verkoopt? “Via internet verkopen zou ook kunnen, maar dan kunnen mensen niet zien wat voor leven de koeien hebben gehad”, legt Elzinga uit. “En bij een thuiswinkel moet je rekening houden met controles.” Een combinatie is een goede optie: lokale mensen komen gemakkelijk langs om vlees te kopen, terwijl toeristen of andere geïnteresseerden – die misschien al een keer bij de boerderij zelf zijn geweest – online kunnen bestellen.

Omdat voor Elzinga de nadelen zwaarder wogen dan de voordelen, heeft biologische slager De Groene Weg in Groningen de slacht en verkoop overgenomen. Extra voordeel is dat deze slager dichtbij Elzinga’s boerderij zit en de koeien binnen tien minuten bij de slager zijn. Daardoor raken de koeien minder gestrest. Na de slacht wordt het vlees verkocht via locaties door heel Nederland – nog een voordeel vergeleken met de thuiswinkel, waarbij het lastig was om alle stukken vlees kwijt te raken. Elzinga: “in het noorden van het land verkoopt biefstuk minder snel dan in het zuiden, dus vroeger hielden wij de biefstuk over”.

De fosfaatwetgeving is een enorme aderlating

 

Stabielere melkprijs

Volgens Kees Water, zelfstandig adviseur bij Ekopart, is het belangrijk om te weten wat de consument wil, maar ook om te bedenken wat je zelf wilt als boer. “Ik boer biologisch omdat ik het leuk vind, anders had ik het niet gedaan.” De beslissing om van gangbaar naar biologisch over te stappen gaat niet over een nacht ijs, want die boeren, moeten bij zichzelf ook een knop omzetten. “Tegelijkertijd is het belangrijk om oplossingsgericht te denken, niet probleemgericht”, legt hij uit. Sommige boeren ergeren zich aan de extra regels die bij biologisch boeren komt kijken, maar die regels hebben volgens Water ook voordelen.

Zo ervaren biologische boeren deze manier van werken over het algemeen als relaxter. Bij hun aanpak gaat het immers om kwaliteit, niet om kwantiteit – in tegenstelling tot bij het gangbare boeren. Ook de strengere fosfaatwetgeving voor intensievere bedrijven maakt de overstap aantrekkelijker. Intensievere bedrijven worden sterker gekort op hun fosfaatrechten, terwijl extensieve bedrijven – veel biologische bedrijven zijn relatief gezien extensiever – het minst worden gekort. Het aantal boeren dat omschakelt van gangbaar naar biologisch, groeit dan ook.

Daarnaast is de hogere en stabielere melkprijs doorslaggevend en krijgen biologische boeren gaandeweg meer keus in afnemers. Gea Bakker-Smit, sectorspecialist Food en Agri bij de Rabobank, vertelt dat er tegenwoordig meer vraag is naar biologische producten. “De consumentenvraag is verdubbeld, dus biologische producten vinden makkelijker hun weg naar de supermarktschappen.”

De rol van de consument

Voor boeren die willen overstappen, is verandering in de hele keten nodig. Iedereen in de keten heeft daarbij een eigen taak. “Er is geen pasklare aanpak, maar een combinatie van Europese en nationale maatregelen met lokale oplossingen is nodig”, zegt Cees Veerman. “Ook zou natuurinclusief en biologisch boeren opgenomen moeten worden in het agrarisch onderwijs”, stelt Datema. “Boeren in opleiding horen te leren hoe ze op deze manier kunnen boeren.” Ook zuivelbedrijven en supermarkten spelen een rol in de verandering, doordat zij biologische producten kunnen inkopen. Volgens Spans is  ook voor de banken een rol weggelegd: “Banken moeten renteklassen geven aan boeren die het goed doen. De fosfaatwetgeving is een enorme aderlating.” Biologische boeren worden hier namelijk onterecht de dupe van als ook zij koeien weg moeten doen.

Er is nog te weinig kennis over boeren in de rest van de keten. “Ook de consument weet niet altijd wat wij doen”, meent Spans. Toch heeft de consument ook een rol in de verandering. “De consument moet zich meer gedragen als burger die verandering wil. De kloof tussen consumenten en boeren moet slinken”, zegt Strijtveen.

Kees de Pater, werkzaam bij Vogelbescherming, geeft een toelichting op een onderzoek door Motivaction onder ruim 1000 Nederlanders. Daaruit blijkt dat weinig respondenten een duidelijke mening hebben over natuurinclusief boeren. Dat komt vrijwel zeker doordat mensen weinig over dit onderwerp weten. Toch maakt ruim de helft van de respondenten zich zorgen over de natuur en het landschap in Nederland. Bijna 80% van de mensen vindt dat boeren belangrijk zijn voor het behoud hiervan. Cees Veerman, akkerbouwer, econoom en politicus, haakt hierop in door te benadrukken dat de boer “een priesterlijk ambt” heeft, gezien zijn zorg voor dieren, land, mensen en de schepping. Ineens snap ik waarom deze conferentie in een kapel plaatsvindt.

De kloof tussen consumenten en boeren moet slinken

 

Slechts een derde van de respondenten is bereid de boeren een steuntje in de rug te geven door zelf meer te betalen voor duurzame producten. Hoeveel meer, is niet duidelijk. De meerderheid van de mensen vindt dat de boeren die biologisch en/of natuurinclusief boeren, beloond moeten worden door het kabinet, en wil dat extensief boeren onderdeel wordt van het duurzaamheidsbeleid. Er lijkt dus een vrij breed maatschappelijk draagvlak voor deze manier van boeren te zijn. “Toch is er nog veel werk aan de winkel,” zegt De Pater, “nog lang niet elke consument is overtuigd van de voordelen die biologische producten hebben.”

Meer weten over natuurinclusief boeren met weidevogels? Binnenkort kunt u er alles over lezen in ons magazine.

Jantine ter Beek-Brandemann

Jantine ter Beek-Brandemann is afstudeerstagiaire bij OneWorld en student...

Lees meer van deze auteur >

Reacties