Journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld

Voordat je verder leest:

Onafhankelijke journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld kost tijd en geld. Als Vriend van OneWorld steun je voor € 6 per maand onze missie, lees je dagelijks bijzondere verhalen, ontvang je ons magazine en meer!

Ja, ik word Vriend Ik lees eerst verder

Door de bevolkingsgroei, een meer divers dieet en de opmars van biobrandstoffen groeit de vraag naar landbouwproducten de komende decennia sterk. Tegelijk zullen watertekorten toenemen door de klimaatverandering en snel slinkende zoetwatervoorraden over de hele wereld.

Wetenschappers van het Columbia University Earth Institute brachten daarom voor veertien gewassen in kaart hoeveel water ze nodig hebben. De gewassen zijn samen goed voor bijna driekwart van de wereldwijde landbouwproductie. Tegelijk gingen ze na hoeveel water er in landbouwregio’s over de hele wereld beschikbaar is.

Waterkaart

Die vergelijking leverde een kaart op met de ideale locatie voor elk van de veertien gewassen, waaronder tarwe, maïs, palmolie, rijst, sorghum en soja. Uit de resultaten blijkt dat er heel wat plekken zijn waar niet de meest optimale gewassen worden geteeld, zegt hoofdauteur Kyle Davis, onderzoeker aan de Columbia University Earth Institute. Op die plekken kunnen gewassen beter worden vervangen door soorten die een kleinere milieu-impact hebben of meer voedingsstoffen leveren.

Mocht de hele wereld overschakelen op de ‘ideale’ kaarten die Davis en zijn collega’s hebben ontwikkeld, dan zouden er wereldwijd tien procent meer calorieën en negentien procent meer eiwitten worden geproduceerd, genoeg om 825 miljoen mensen te voeden. Tegelijk zou het verbruik van regenwater met veertien procent verminderen.

Minder rijst en tarwe

Daarvoor is ook een wereldwijde verschuiving nodig in de keuze van de gewassen: wereldwijd zou de productie van pinda’s, soja en knolgewassen aanzienlijk moeten toenemen. De productie van rijst, suiker en tarwe moet juist naar beneden, omdat die meer water nodig hebben en minder calorieën per hectare opleveren.

Uit het onderzoek blijkt dat er geen grote technologische investeringen nodig zijn om meer mensen te voeden, en er zijn ook geen negatieve gevolgen voor de soortenrijkdom of de bodemkwaliteit. De landbouw wordt dus niet kwetsbaarder voor droogte of plagen.

Startpunt

Toch benadrukt Davis dat de resultaten als een startpunt voor de discussie gezien moeten worden, niet als een kant-en-klare oplossing.

Zo hield het onderzoek geen rekening met culturele of politieke obstakels, lokale eetgewoonten of patronen van vraag en aanbod. “De resultaten kunnen gebruikt worden als een van de middelen om onze voedselsystemen duurzamer te maken”, zegt Davis. “Als we nadenken over de economische, sociale en ecologische aspecten van voedselzekerheid en samenwerken met lokale beleidsmakers, kunnen we oplossingen creëren op maat van de bevolking.”

Voor het maken van verhalen hebben we jouw steun nodig.

Ja, ik word vriend (€6 per maand)