Met de fiets net van het slot werp ik een laatste blik op mijn telefoon, voordat ik naar werk vertrek. Ik zie 15 nieuwe berichtjes in de OneWorld appgroep. Een collega journalist appt over Brussel: “Het beangstigende is dat dit overal kan gebeuren.” Het NRC deed er nog een schepje bovenop en publiceerde het stuk “‘Daar’ in Brussel kan zomaar ‘hier’ in Nederland zijn”. Schijtziek word ik van die angstzaaierij, kunnen we daar mee stoppen?

Wat angst is

Beangstigend, ooit kan je partner vreemdgaan. Heel beangstigend ook – ooit zal je sterven. Maar handelen we hiernaar? Hoe realistisch is het dat ‘Brussel’ ook hier zal plaatsvinden? En wat levert deze angstzaaierij nou eigenlijk op vraag ik me af, past het binnen de journalistiek?

Angst is een emotie die nut heeft, zo leert de psychologie ons. Je ervaart het als je eigen fysieke of emotionele welzijn en veiligheid in gevaar is, en de reactie is een hogere staat van alertheid die uitmondt in de ‘freeze, flight, fight, or fright’ reactie. Daarbij blijkt uit onderzoek dat mensen in tijden van angst behoefte hebben aan een sterke leider en eenheid, een sterk ‘wij’-gevoel. Maar er is een onderscheid tussen reële en potentiele angst, en deze ervaring verschilt per persoon.

Substantiële dreiging

Hoe reëel is het dat ‘Brussel’ zomaar ‘hier’ in Nederland kan zijn? Natuurlijk zijn er dreigingen, en een verscherping van de controles hoort daarbij, evenals een passende berichtgeving. In Nederland zitten we sinds maart 2013 op het niveau ‘substantieel’ volgens het Dreigingsbeeld Terrorisme Nederland (DTN), dat vier keer per jaar verschijnt. Er zijn vier dreigingsniveaus in Nederland: minimaal, beperkt, substantieel en kritiek. Substantieel betekent dat “de kans op een aanslag in Nederland reëel is. Er zijn echter nu geen concrete aanwijzingen dat er aanslagen in of tegen Nederland worden voorbereid.”

Informatie vergaren en inkoken

Hoe dat dan wordt ‘berekend’, vraag ik aan Peter Knoope, oud-directeur van het Int. Centrum voor Contraterrorisme (ICCT). De organisatie NCTV (dat valt onder het Ministerie van Justitie en Veiligheid) heeft een aantal analisten in dienst die het hun vak maken om informatie te vergaren en in te koken tot een advies. Deze informatie is bijvoorbeeld afkomstig van ambassades, inlichtingendiensten, de IND, open bronnen, informanten en juridische bronnen. Indien bronnen elkaar tegenspreken wordt er op zoek gegaan naar meer informatie, “in die zin zou je het kunnen vergelijken met een journalist die afwegingen maakt voor een stuk,” vertelt Knoope. Ook kijken de analisten naar de temperatuur en de gebeurtenissen in de samenleving zoals Charlie Hebdo, financiële transacties, en naar groeperingen die uit ons land vertrekken of juist binnenkomen. Asielzoekers, migratiestromen en vluchtelingen zijn daar onderdeel van. Andere factoren die meespelen zijn onze deelname aan de bombardementen in Syrië, het feit dat we NAVO-partner zijn en met welke partners of landen Nederland  wereldwijd relaties heeft. Al deze informatie tezamen levert een trendbeeld op die het driegingsbeeld bepaalt. Er wordt me door Knoope op het hart gedrukt dat deze analyses zorgvuldig gebeuren, maar het blijft een beetje een black box.

Brussel is geen Nederland

Brussel voelt misschien om de hoek, maar de omstandigheden daar zijn niet te vergelijken met Nederland. Veiligheidsspecialist Lars Bové van de Vlaamse De Tijd zegt in 1 Vandaag dat België te laat is begonnen met het monitoren van terroristen terwijl de dreiging aanzienlijk was, het werd niet serieus genoeg genomen noch werd er voldoende geld vrijgemaakt om inlichtingen te verzamelen. Ook geeft het te denken dat de verdachten van de Parijse aanslagen in België konden huizen twittert Bové nog voor de aanslag.

 

Daarbij komt dat er vanuit België meer strijders afreizen dan Nederland. Onderzoeker en islamoloog Montasser AlDe'emeh ziet veel oorzaken, zoals uitsluiting van moslimjongeren, identiteitsproblemen en het opgroeien tussen twee culturen.

Hoe Nederland het doet

Nederland heeft zijn anti terrorisme zaken beter op orde. In tegenstelling tot België maakt Nederland gebruik van wijkagenten bijvoorbeeld, die goed op de hoogte zijn van wat er gebeurt in de wijken en gedragsveranderingen van bewoners monitoren. Factoren die een rol spelen bij radicalisering zijn onder andere het welzijn van migranten in Nederland. Doen zij mee in onze samenleving? Lukt het migranten om in Nederland voet aan de grond te krijgen, een sociaal netwerk op te bouwen en een financieel stabiel bestaan op te bouwen? Is het antwoord hierop ‘ja’, dan is de kans kleiner dat er radicale figuren opstaan volgens Andrew Silke, Brits criminoloog. Je zou dus kunnen zeggen dat Wilders aanslagen juist in de hand werkt met zijn oproepen tot verdeeldheid en intolerantie. Radicaliteit, ideologie of religie zijn soms makkelijke verklaringen bij dergelijke aanslagen, maar vaak niet de belangrijkste. Wil je meer weten over hoe iemand een terrorist wordt, lees dan deze publicatie die ingaat op sociologische en psychologische factoren.

Naast onze opvang en omgang met migranten (die altijd beter kan, maar in ieder geval beter is dat de Belgische opvang) is Nederland ook al langer en beter op de hoogte van terreurdreigingen, onze DTN’s komen bijvoorbeeld al uit sinds 2010. Zo slecht doen we het dus niet. En al zit een aanslag misschien in een klein en onverwachts hoekje, de kans dat je wordt aangereden door een bus is nog altijd groter dan geraakt te worden door een aanslag.

Kijk liever GTST

Emoties worden al genoeg gedeeld en gehoord bij de bakker, het koffiezetapparaat of in appgroepen. Ik zou graag journalistiek zien die feiten brengt, en als je emoties wil moet je vooral om 20.00 uur lekker naar GTST zappen. Bij het maken van nieuws draagt iedereen, elke journalist de verantwoordelijkheid voor zijn eigen uitingen. Via beeldvorming heb je de macht om de toon te zetten in een debat, om angst te zaaien en verdeeldheid te creëren. En door een bericht te delen in een appgroep met journalisten en redacteuren zet je de toon voor de scrum – een redactieoverlegje van 10 minuten over wie precies wat gaat doen vandaag naar aanleiding van de actualiteiten.

Laten we angst en emoties vooral delen met elkaar, onderling, van mens tot mens – of het nu met een migrant of een Nederlander is. Maar media, blijf alsjeblieft die maagdelijke plek voor feitelijke berichtgeving zonder sensatiezucht. De gebeurtenissen op zich zijn al beangstigend genoeg. 

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Lotte Sluiter werkt als programmamaker en journalist voor OneWorld. Daarnaast houdt ze zich bezig met FoodGuerrilla, een organisatie die …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief