Mozambique heeft ‘boerenleenbank’

16-06-2010
Door: Karolien Bais
Bron: IS Online

Mozambique heeft tegenwoordig een bank voor boeren, buitenlui en kleine bedrijven. Terwijl de meeste banken alleen in de hoofdstad zitten, heeft Banco Terra negen kantoren door het hele land. Een nieuwe bank opzetten in een dunbevolkt land is niet alleen een heidens karwei, maar ook een fiks risico. Daarom is de bank een combinatie van hulp en commercie.Er is met smart gewacht op zo’n plattelandsbank. De Mozambikaanse landbouw is in handen van kleine boeren die net het hoofd boven water kunnen houden. Tegelijkertijd moet de productie omhoog om het land te kunnen voeden. Maar kleine boeren krijgen geen startkapitaal of krediet van ‘normale’, commerciële banken, omdat die terugdeinzen voor de risico’s die aan de landbouw kleven. Zo raakt de agrarische sector in een vicieuze cirkel: bij gebrek aan kapitaal kan de productie niet stijgen en bij gebrek aan productie valt er niet aan kapitaal te komen.

Om die vicieuze cirkel te doorbreken is een publiekprivaat partnerschap opgericht tussen de Rabobank, de Nederlandse ambassade in Maputo en de Mozambikaanse ontwikkelingsbank GAPI. Met een startkapitaal van 5 miljoen euro en een subsidie van 3 miljoen euro van de Nederlandse, Duitse en Noorse overheden kon Banco Terra eind 2007 beginnen.
Klanten van de bank zijn niet individuele boeren, maar coöperaties die hun oogsten verwerken. Die hebben genoeg volume om kredietwaardig te zijn. Dat klinkt simpel, maar het kost tijd om de producenten rijp te maken voor de markt en om de markt rijp te maken voor grotere productie. Daarom is rond Banco Terra een netwerk gesponnen van overheden, investeringsmaatschappijen en ontwikkelingsorganisaties. Lokale partners van Oxfam Novib zetten in vijf provincies coöperatieve boeren- en handelsbedrijven op in maïs, rijst, cashewnoten, sesam en aardnoten.
Ze hebben de wind mee. Wereldwijd neemt de aandacht voor verhoging van de voedselproductie toe en donoren zoals de Europese Unie, Nederland en Oxfam Novib dragen graag financieel bij.

Lange aanloop
David Gerbrands was als projectmanager van Rabobank Development betrokken bij de start van de Mozambikaanse plattelandsbank: “Trouw als we zijn aan onze coöperatieve missie, kopiëren we die naar andere landen.” Sinds mei 2010 is hij een van de directeuren van Banco Terra: “We willen een brede retailbank zijn die effect heeft op de landbouwontwikkeling en tegelijk een inclusief financieel systeem neerzet. Het zal jaren duren voordat de bank rendabel is, maar op termijn is het een goede investering.”
De bank had een lange aanloop, wat niet verwonderlijk is in een land dat uit vijftien jaar burgeroorlog omhoog moest kruipen. Oxfam Novib was van oudsher betrokken bij lokale organisaties die de armoede op het platteland bestrijden en zocht met hen naar wegen om de landbouw te intensiveren. Een goede aanzet was in 1997 een nieuwe landwet die traditionele rechten combineerde met kadastrale registratie. Maar, zegt programmamedewerker Leo Stolk van Oxfam Novib, “iedereen boerde individueel en de keten tussen producent en markt was niet ontwikkeld. Boeren waren overgeleverd aan een paar monopolies en kartels. Verder ontbraken financiële diensten, voorlichting, goede zaden, noem maar op.” Coöperatieve bedrijven en een coöperatieve bank voor de landbouw moesten een doorbraak brengen. Concrete plannen voor een ‘boerenleenbank’ ontstonden pas in 2003. GAPI, een Mozambikaanse publiekprivate ontwikkelingsbank voor het midden- en kleinbedrijf, wilde zijn financiële tak en leningenportefeuille verder laten groeien in een commerciële bank. GAPI en Oxfam Novib stapten naar de Rabobank; een logische keus gezien zijn oorsprong in boerencoöperaties.
Toen het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken subsidies ging verstrekken voor publiekprivate partnerschappen (ppp), kwam er licht aan het einde van de tunnel. De ambassade in Maputo, de Rabobank en GAPI vormden een ppp, kregen in 2006 een subsidie voor drie jaar en konden de opstart van Banco Terra financieren.

Intussen op het platteland
“Als boeren geen afzetmarkt hebben, hoef je ook niet te gaan irrigeren,” zegt irrigatie-ingenieur Jan de Moor, adviseur van APAC (Associação de Promoção de Agricultura Comercial), een van de partnerorganisaties van Oxfam Novib die coöperatieve boeren- en handelsbedrijven ontwikkelen. APAC zet nu dertien coöperaties op in maïs, rijst, cashew- en aardnoten. Jan de Moor: “Het land heeft een trauma uit de socialistische tijd toen de overheid de boeren organiseerde in een soort kolchozen, die ook nog slechte resultaten hadden. Boeren houden dus eigenlijk niet van coöperaties. Daarom maken we niet de productie collectief, maar de markt. Als je dat goed uitlegt, willen de boeren er wel aan meewerken. Dat is een kwestie van vertrouwen opbouwen.”
De boeren produceren dus individueel, maar bundelen hun producten in een ‘primaire coöperatie’. Een aantal primaire coöperaties vormt samen een secundaire coöperatie, die de verwerking van de producten doet. Secundaire coöperaties zijn nodig om grote volumes te maken. Zij zijn, anders dan de kleine boeren, groot genoeg om geld te lenen van de bank. Het klinkt eenvoudig, maar het is een langdurig proces. Jan de Moor: “Je moet een business beginnen, werkkapitaal hebben, management hebben. De rijstsector loopt nu een beetje. In de maïssector zijn we nog in het stadium van graanschuren bouwen. Voor rijst is momenteel de import uit Thailand de grote concurrent. We moeten eerst zelf grotere volumes behalen, dan kunnen we de overheid vragen de import te bemoeilijken.”

Intussen bij de bank
Banco Terra ontwikkelt financiële diensten voor boeren, toeleveranciers, verwerkende bedrijven, handelaren en exporteurs. Daarnaast richt de bank zich ook op het midden- en kleinbedrijf uit andere sectoren en op de normale spaar-, betaal- en kredietdiensten voor het algemene publiek. Op den duur moet Banco Terra een volledig Mozambikaanse bank worden in eigendom van de klanten.
Maar zo ver is het nog niet. David Gerbrands legt uit voor welke problemen Banco Terra staat: “Het is niet eenvoudig om in een land als Mozambique met zijn infrastructurele problemen een goed distributiesysteem op te zetten. In de praktijk blijft het lastig om de onderste marktsegmenten te bedienen op een commerciële manier. Verder is het moeilijk om aan goede lokale staf te komen. Mensen komen op succes af, zoals we in Tanzania hebben gezien. Maar Banco Terra moet zich nog bewijzen, dus voelen weinig specialisten er voor om naar het platteland te vertrekken.”
Oxfam Novib is optimistisch en wil de samenwerking met de Rabobank ook in andere Afrikaanse landen ontwikkelen. Leo Stolk: “Het is knap werk om een plattelandsbank op te zetten. Inmiddels groeit het spaarkapitaal en is er een gedreven raad van bestuur. Er is misschien te veel tijd in de start gaan zitten, maar er staat nu een redelijk solide bank met een relevante rol.”
Jan de Moor, de man van de coöperaties, is blij met een bank “die meedenkt met de boeren. Voor ons heeft de bank nu voldoende producten, zoals werkkapitaal voor de korte termijn en investeringskapitaal voor de langere termijn. Alleen is de rente van 20% nogal hoog. We zouden wel graag zien dat Banco Terra een echte coöperatieve bank wordt.”
De Nederlandse ambassade vindt dat de bank een sterk punt heeft met zijn focus op de agribusiness. Christine Pirenne: “De omstandigheden zijn gunstig. De Mozambikaanse regering heeft meer oog voor de private sector en ook donoren zetten meer in op productieve sectoren. Dit is juist het moment om coöperaties en het midden- en kleinbedrijf te steunen.”
En de Rabobank zelf, de grootste aandeelhouder? David Gerbrands: “De markt is er wel, op de korte termijn vooral voor de grotere deals. Maar je wilt naar de volgende fase, financiering van het ondersteunende segment of het midden- en kleinbedrijf. Met een leningenportfolio van pakweg 70 miljoen dollar gaan we winst maken. De ambitie is eind 2010, maar zet er nog maar een jaartje bij.”

Reacties