‘Je geschiedenis vormt je’

27-09-2012
Door: Paulien Bakker
Bron: Paulien Bakker

Met het overlijden van Ethiopië’s president Meles Zenawi, die sinds 1995 aan de macht was, breekt opnieuw een onrustige tijd aan in het multi-etnische Ethiopië. Het land blijft instabiel doordat het geen geschiedenis heeft waar alle groepen zich in vinden, stelt doctor Tekalign Woldemariam (53) die Afrikaanse en Ethiopische geschiedenis geeft aan de universiteit van Addis Ababa.

 

- Wat is er mis met de geschiedenis van Ethiopië?

“De huidige geschiedenis van Ethiopië sluit veel groepen en regio’s uit. Het land is altijd geregeerd door de christelijke Tigray uit het noorden. Onze geschiedschrijving kent daardoor een christelijke vertekening. De focus ligt op de heersende elite en het verhaal van de gewone man in andere delen van het land ontbreekt. Daardoor herkent niet iedereen zich erin.”

 

- U bepleit het gebruik van orale bronnen. Waarom is dat?

“Ethiopië telt meer dan tachtig talen en tot voor kort kenden maar een paar daarvan een schrift. In dat geval is het gebruiken van mondelinge getuigenissen onontbeerlijk. En er is geen stam of groep die zijn verleden niet kent. Het vormt je identiteit. Als je alleen op geschreven bronnen afgaat, heb je alleen het perspectief van geschiedschrijvers die aan het hof verbonden waren en van buitenstaanders zoals missionarissen en ontdekkingsreizigers. Dat geeft een vertekend beeld van ons verleden.”

 

- Kunt u een voorbeeld geven van zo’n vertekening?

“Rond 1840 bezocht de Engelsman Johnston Ethiopië, waar hij verbleef aan het hof van koning Sahle Sellase. In het land waren oogsten mislukt en er was ernstige voedselschaarste. Op een dag zag Johnston boeren naar de koning gaan en hem smeken of ze zijn slaaf mochten zijn. Hij beschreef dat als dat ze koninklijke slaven werden. Maar dat had hij verkeerd begrepen; de term ‘slaaf worden’ was een metafoor en betekende dat de boeren hun belasting rechtstreeks aan de koning wilden betalen. Veel belastinggeld werd namelijk geïnd door een tussenpersoon en die bleef tijdens de droogte rigide vasthouden aan de norm. Er bleef niet genoeg over om van te leven.”

 

- Lokale geschiedschrijving werkt identiteitpolitiek in de hand, zegt u.

“De regering van Meles stimuleerde dat iedere bevolkingsgroep zijn eigen geschiedenis en eigen identiteit onderzocht. Trots zijn op je verleden en het ook begrijpen, is belangrijk. Het geeft mensen een goed gevoel over zichzelf. Maar het kan ook verschillen tussen groepen versterken en mensen ertoe aanzetten om het geleden leed van hun groep alsnog recht te willen zetten. Zo voelen de Oromiya zich nog altijd onderdrukt door de Tigray, de heersende elite. De nadruk zou moeten liggen op elkaar begrijpen, niet op de verschillen. Als vreedzaam samenleven ons doel is, kun je ook voorbeelden uit de geschiedenis naar voren halen van tolerantie.”

 

- U heeft onderzocht waarom Addis Ababa, ondanks de vele hongersnoden die Ethiopië teisterden, nooit honger heeft geleden. Hoe komt dat?

“In het oude systeem bezaten de rijken die in Addis Ababa woonden veel landbouwgrond en verpachtten dat aan boeren. Die moesten een deel van hun oogst afstaan aan hun pachtheer. Toen in 1974 Mengistu en de communisten aan de macht kwamen, werd land onderdeel van hun machtspolitiek. Ze gaven het land aan de boeren, maar de opbrengst liep ernstig terug. Toen bedachten ze een gedwongen voedseldistributiesysteem en boerencoöperaties. Boeren moesten hun oogst tegen door de regering vastgestelde prijzen verkopen. Dat gaf veel wrok en hongersnood. Uiteindelijk bracht het verzet tegen de landbouwpolitiek het regime zelfs ten val. Vandaag de dag kennen we een vrije markt, maar de populatie van Ethiopië groeit sneller dan de opbrengsten van het land. En bij schaarste gaat het voedsel naar hen die het kunnen betalen.”

 

 

Reacties