Eerste vrouwenglossy van Zuid-Sudan

03-09-2012 Bron: OneWorld

Vergeten dozen bij het checkpoint, slechte internetverbindingen en met een brommertje de lokale markt op. De lotgevallen van een Nederlandse journaliste in Zuid-Sudan. Haar missie? Het opzetten van ’s lands eerste vrouwenglossy. “Ik wil laten zien: het kan wél!”

“‘Brigitte, dat gaat nooit werken’, zeiden mensen. Niemand geloofde dat een vrouwenglossy in een arm, Afrikaans land kans van slagen had.” Brigitte Sins (40) lacht. De kersverse hoofdredacteur is even in Amsterdam om de tweede editie van She South Sudan magazine bij boekhandel Athenaeum te presenteren. Ze is een slanke vrouw met donker haar dat in een lange vlecht over haar rug valt. Als ze over de glossy vertelt, straalt ze. Van enthousiasme en van trots, want ondanks tegengeluid bleef ze geloven in het slagen van haar initiatief: de lancering van het eerste damesblad in Zuid-Sudan voor en door vrouwen gemaakt. 

De She-redactie

Hun blad, hun stijl
Aan het werk in Zuid-Sudan constateerde Brigitte Sins een gat in de door mannen gedomineerde en westerse donoren gesponsorde tijdschriftenmarkt. Begin 2012 besloot ze tot haar gewaagde project. Ze investeerde haar spaargeld, 30.000 dollar. Afgelopen mei lag het eerste nummer van She in de Zuid-Sudanese schappen.

Sins gebruikte haar ervaring als buitenlandcorrespondent en consultant voor media-ontwikkelingsorganisaties zoals International Media Support en Free Voice om de medewerksters zelf te trainen. “Ik heb steeds gezegd: dit magazine is voor jullie. Ik zet het in de markt en jullie gaan ermee verder. Het resultaat is dat de meiden die toen vrijwillig kwamen er nog steeds zijn. Het is hún blad en hún stijl. Voorheen was journalistiek voor hen een manier om geld te verdienen, niet iets dat je vanuit je hart of overtuiging doet. Nu zijn ze trots dat ze bij She horen.”

Albert Cuypmarkt
Ze haalt de tweede editie van de glossy tevoorschijn. Op de cover lonkt een glimlachende vrouw met lange wimpers in de kleuren van de Zuid-Sudanese vlag. De uitgave verscheen vlak voor het eenjarig bestaan van de jonge natie. “De kleren voor de modeshoot heb ik op de Albert Cuypmarkt gehaald. Sommige kledingstukken zijn van mezelf. Alle exemplaren in het blad zijn voor een paar euro op ons kantoor in Juba (de hoofdstad van Zuid-Sudan, red.) te koop.”

“Ik wil ermee aangeven dat mode niet om geld, maar om creativiteit gaat. Door de oorlog lijkt het alsof mensen hun creativiteit zijn verloren. Terwijl ze dat juist nodig hebben om er iets van te maken.

Modellen voor modeshoot

Ontwikkelingshulp
Sins wil met haar initiatief laten zien dat ontwikkelingshulp ook anders kan. Met She slaat ze een brug tussen traditionele ontwikkelingssamenwerking en de private sector: “In Zuid-Sudan wordt een aantal media gesteund door donors. De paar lokale media die er zijn kunnen onmogelijk tegen die donorgiganten opboksen. Op de lange termijn kan donorhulp een averechts effect hebben, het verpest de lokale marktwerking.”

“De Belgische regering bijvoorbeeld heeft onlangs de krant The New Nation gefinancierd. Sinds die op de markt is, hebben lokale kranten het nog moelijker. Als je toch aan mediale ontwikkelingshulp doet, werk dan met een lokale partner. En begin klein. Investeer 30.000 euro in plaats van 1,6 miljoen euro en laat het langzaam groeien.” 

Zelf de straat op
Sins’ spaargeld is op. Bovendien trekken vanwege de ergste economische crisis in Zuid-Sudan ooit, veel lokale adverteerders zich terug. “Maar ik mag niet klagen, hoor. Ik kan met de opbrengst van dit tweede nummer precies de volgende editie drukken. Binnen tien dagen was de helft van deze oplage van 2500 stuks al verkocht. Ik ben managing director, doe eindredactie en marketing en betaal mezelf niks. Dus dat is een grote besparing!”

Ze gaat ook zelf de straat op. Wijzend naar haar schoudertas: “In deze tas passen precies vijfentwintig tijdschriften. Daarmee ga ik met mijn brommertje de markt in Juba op om te verkopen. Volgens mij is dat de enige manier, helemaal terug naar de basis. Maar ik ben niet zo’n goede verkoopster, hoor. Ik wil ze eigenlijk het liefst gratis weggeven.”

De investering die zij deed, is niet voor iedereen vanzelfsprekend. “Bij aanvang heb ik Linda de Mol aangeschreven met de vraag: ‘We maken een blad, doe je mee?’ Ik dacht dat ze het wel leuk zou vinden om een klein zusterblad van LINDA. te ondersteunen. Maar zo denkt dus niet iedereen. Er zijn veel Linda’s die er liever niets mee te maken hebben, maar gelukkig zijn er ook mensen die wel zeggen: leuk, ik doe mee!”

Checkpoint
Eén van hen is vormgeefster Lisa van Kreuningen. Vanuit Nederland verzorgt ze de opmaak van het blad. “Grote bestanden kunnen we in Zuid-Sudan niet uploaden vanwege de slechte internetverbinding, dus Lisa stuurt het blad direct vanuit Nederland naar de drukker in Nairobi, Kenia.”

De logistiek is op zijn zachtst gezegd een uitdaging. “De tijdschriften moesten vanuit Nairobi naar Juba komen. Maar een paar dagen later was er nog geen tijdschrift. Bleek dat de staf een gewone passagiersbus gevraagd had om de bladen mee te brengen. Na een hele heisa kwamen de bladen drie dagen later eindelijk aan. Maar toen bleken een paar dozen bij een checkpoint achtergebleven. De tweede keer hebben we ze per vliegtuig laten komen, dat ging een stuk sneller. Al doende leren we!”

Lancering van eerste She

Libelle
Na twee edities is de glossy in de regio een begrip. Sins zal het blad na verloop van tijd loslaten, maar ze heeft vertrouwen in de toekomst van She.

She is eigenlijk een heel Nederlands model. Het gaat niet alleen om make-up en lipstick, maar raakt ook veel sociaal-maatschappelijke thema’s aan. Libelle heeft zo veel voor de ontwikkeling van de Nederlandse vrouw betekend. Dat hoop ik ook met She in Zuid-Sudan te bereiken De Libelle van Zuid-Sudan? Inderdaad, dat zou mooi zijn!”


Meer weten?
She South Sudan magazine
She op Facebook
She op TEDxJuba

 

Evelien Meijs

Evelien Meijs werkt via Mensen met een Missie voor partnerorganisatie Bataris...

Lees meer van deze auteur >

Reacties