Journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld

Voordat je verder leest:

Onafhankelijke journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld kost tijd en geld. Als Vriend van OneWorld steun je voor € 4 per maand onze missie, lees je dagelijks bijzondere verhalen, ontvang je ons magazine en meer!

Ja, ik word Vriend Ik lees eerst verder

Ze valt op, als enige zwarte vrouw in de witte eetzaal van het Ambassade Hotel. Afua Hirsch straalt rust uit, ondanks de hooikoortsaanval die ze vanochtend had, en ondanks haar drukke werk. Ze legt momenteel de laatste hand aan vier documentaires voor de BBC; na het interview moet ze meteen terugvliegen.

De Brits-Ghanese Hirsch is een multidisciplinaire duizendpoot. Na een carrière als jurist bij Doughty Street Chambers, waar ook Amal Clooney bij is aangesloten, werkt ze als presentator, schrijver, en journalist bij onder meer The Guardian. Haar debuut Brit(ish) is een bestseller, werd bekroond met de Royal Society of Literature Jerwood Award, en verschijnt nu bij Atlas Contact als Waarom ras ertoe doet. Het boek is een autobiografische zoektocht naar identiteit, en tevens een maatschappijkritische reportage. Terugkerend onderwerp is de kwestie waarom niet-witte mensen zo vaak de vraag ‘Waar kom je nu écht vandaan?’ wordt gesteld, en waarom het zo moeilijk is om over ras te praten.

Met Hirsch spreek ik over één aspect van het construct ‘ras’; schoonheidsidealen.

Ik groeide op in een witte en elitaire omgeving, waar mijn krullende haar en gespierde benen nogal uit de toon vielen

Wanneer voelde je je voor het eerst echt mooi?

“Ik heb mezelf als kind eigenlijk nooit mooi gevonden. Ik groeide op in een witte en elitaire omgeving, (Wimbledon, upperclass London) waar mijn krullende haar en gespierde benen nogal uit de toon vielen. Door witte jongens voelde ik me vooral compleet afgewezen. De eerste keer dat ik mezelf mooi voelde, was toen ik wat ouder was en begon uit te gaan. De aandacht die ik toen kreeg, kwam overwegend van zwarte mannen, en ging natuurlijk niet om mijn verstand, maar juist om die gespierde benen die de witte jongens op school afwezen. Als ik terugkijk, begrijp ik niet waarom ik me nooit mooi voelde. Ik was ‘curvy’, wat nu juist in de mode is.”

Later ging je naar Oxford, zo ongeveer het witste instituut van heel Engeland.

“Ik was echt ongelukkig. Ik was zo op zoek naar mijn identiteit, naar zwart zijn, naar iets dat op mij leek. Waarschijnlijk stelde ik daarom die aandacht van zwarte mannen ook zo op prijs. Ik was een partygirl, ging uit tot diep in de nacht en zat de volgende ochtend weer in de schoolbanken.

Maar ik had totaal geen studiediscipline. Op de middelbare school had ik amper iets hoeven doen, en hier moest ik echt aan de bak. Inmiddels weet ik dat dit voortkwam uit mijn imposter-syndroom: ik dacht steeds dat ik daar niet thuishoorde, en probeerde het daarom niet eens meer.

De ommekeer kwam aan het eind van mijn eerste jaar. In Oxford staan alle hoogleraren dan in toga in een kring om je heen, en vertellen ze of je door mag naar het volgende jaar. Ze zeiden me dat ik het op deze manier niet zou halen. Dat was een cruciaal moment. ik dacht: ‘Wacht, Afua, jij maakt dingen af! Jij bent niet zo!’ Toen begon ik te blokken en ik haalde het hoogste cijfer van de klas. ‘Zie je wel’, dacht ik, ‘je bent net zo goed als al die middelmatige witte meiden hier. Je hoort hier evengoed thuis!’”

Hoe zorgde je ervoor dat je ondanks al die druk overeind bleef?

AC_Waarom-ras-200×284

“Ik schreef voor een zwart blad, ‘The Black Voice’, mijn eerste stuk ging over R&B. Ik ben op een gegeven moment zelfs op een afterparty van P.Diddy, en J.Lo beland! Ik had een zwart vriendje buiten Oxford – ik had alles, maar niet de cijfers. Toen ik eenmaal begon met blokken schoot ik door – zo zit ik in elkaar, als ik iets doe gooi ik mezelf er helemaal in. Ik begon het ‘nette studentje’ uit te hangen: ik had geen vriendje meer, ik feestte niet meer. Toen had ik de cijfers, maar was ik mijn identiteit kwijt. Dat dilemma werd steeds duidelijker: ik wilde zowel het ‘Oxford-meisje’ zijn, maar ook ‘zwart’ zijn, en op de een of andere manier gingen die dingen niet samen. Uiteindelijk heb ik in mijn laatste jaar wel een soort balans gevonden, en kon ik mijn duale persoonlijkheid omarmen. Soms moet je even weg van wie je bent, om jezelf weer te vinden.”

Ik wilde zowel het ‘Oxford-meisje’ zijn, maar ook ‘zwart’ zijn, en op de een of andere manier gingen die dingen niet samen

Je bent naar Ghana gegaan, het geboorteland van je moeder. Omdat je dacht dat al je identiteitsproblemen daar zouden verdwijnen, maar dat liep anders.

“Ghana is interessant vanuit een genderperspectief: het is matriarchaal, het erfrecht loopt via de vrouw, maar toch zijn de vrouwen er niet gelijk. Ik herinner me dat ik er als kind was en toen aan mijn moeder vroeg: ‘Mama, waar zijn de mannen?’ Vrouwen doen er alles, zij regelen alle zaken. Maar ze hebben geen formele macht, ze zijn niet de gatekeepers van die macht. Ik kwam daar tot de ontdekking dat ze mij daar ook als buitenstaander zagen.”

Je constateert dat veel zwarte mannen een witte vrouw zoeken en er daardoor een ‘tekort’ ontstaat voor zwarte vrouwen. Kun je dat toelichten?

“Wauw, je stelt precies de vragen…” Ze lacht, maakt de zin niet af en stelt een wedervraag, met een bijna Nederlandse directheid: “Je wilt weten waarom zwarte mannen vaker witte vrouwen kiezen?”

Dat is een deel van de vraag. Een ander deel is waarom die zwarte vrouwen niet evenveel buiten hun ‘ras’ daten.

“Dat gebeurt tegenwoordig meer, hoor. Er komen veel zwarte vrouwen met een wit vriendje naar mijn optredens. Dan zeggen ze blij: ‘Hij heeft je boek ook gelezen, hoor! Hij vond het geweldig!’ Ik vind het fantastisch dat dat nu kan: zwarte vrouwen die interraciale relaties hebben waarbinnen met begrip over ras wordt gesproken. Maar het omgekeerde, een zwarte man met een witte vriendin – zulke koppels zie ik weinig bij mijn boekpresentaties. Sterker nog, ik hoor geregeld van zwarte mannen dat hun witte partners mijn boek lazen, en dat hun relatie vervolgens ten einde kwam.”

Hè? Je zou denken dat witte vrouwen dit soort thema’s makkelijker begrijpen dan witte mannen, ervan uitgaande dat witte vrouwen vertrouwder zijn met het concept van institutionele onderdrukking.

Resoluut: “Nee hoor, daar kun je niet van uitgaan. Dat is ook precies de blinde vlek van veel witte feministische groeperingen, vooral de #metoo-beweging. Maar terug naar de vraag waarom zwarte mannen vaak witte vrouwen daten: naar mijn idee is er, zeker in de hogere klassen, veel druk op ze om dat te doen. Toen een zwarte vriend van mij zijn zwarte echtgenote meenam naar een feestje, zei een collega tegen hem: ‘Ik had toch gevraagd je vrouw mee te nemen, niet je zus!’ Natuurlijk kun je zo’n voorval niet generaliseren, maar het verschijnsel dat een witte vrouw voor een zwarte man een teken van upward mobility is, is al ouder.”

Maar leg nu eens uit waarom jouw boek relaties opgebroken heeft, en specifiek die tussen zwarte mannen en witte vrouwen?

Er verschijnt zoveel negatiefs over zwarte mannen in de media; ze hebben het waarschijnlijk moeilijker dan wij vrouwen. Daarom vind ik het belangrijk om ook met zwarte mannen te praten. Hun verhalen zijn erg heftig. Dat zie je ook in mijn stuk over die swingersclub waar witte koppels de kans krijgen met zwarte mannen seks te hebben, om hun ‘overduidelijke extraatjes’. De zwarte mannen waarmee ik sprak, vonden deze raciale seksualisering juist positief, en werkten er maar al te graag aan mee.

Door al die negativiteit grijpen zwarte mannen zelfs hun eigen seksualisering aan als iets goeds. Als zwarte vrouw denk je bij het daten buiten je kleur constant: ‘Ben ik niet alleen een fetisj voor hem?’. Als zwarte vrouw ga je daardoor eerder gesprekken over ras en kleur met je niet-zwarte partner aan. Zwarte mannen die zulke gesprekken niet voeren, komen er via mijn boek achter dat zij noch hun vriendin hebben nagedacht over ras, kleur en seksualisering. Mannen zijn zich sowieso minder bewust van hun eigen seksualisering en objectificatie, of zullen die minder snel als iets slechts zien. Ze hebben daardoor niet eerder de noodzaak gevoeld het over ras en de bijkomende seksualisering en stereotypen te hebben.”

Nadat mijn vriendin opgemaakt was, rook ze een vreemde lucht: het was cacao. De visagist had letterlijk cacao op haar huid gesmeerd

Hoe pakken racistische schoonheidsidealen nu voor je uit, bijvoorbeeld op je werk?

‘Laat ik vooropstellen dat ik nooit echt in de media heb willen werken, alles gaat daar teveel om uiterlijkheden. In een whatsapp-groep bespreek ik met zwarte vrouwen uit het veld wat we op dit vlak tegenkomen, en daar kom ik de meest idiote verhalen tegen. Een vriendin van mij moest ergens optreden, en de visagist had kennelijk niet de juiste kleur foundation voor haar. Dus die ging zelf wat rommelen. Nadat mijn vriendin opgemaakt was, rook ze een vreemde lucht: het was cacao. De visagist had letterlijk cacaopoeder op haar gezicht gesmeerd. Ongelooflijk toch? Geen wonder dat zoveel zwarte vrouwen in de media hun eigen make-up meenemen…”

Jij hebt een zwarte moeder en witte vader. Past dat beter in de gewenste ‘look’ voor zwarte vrouwen op tv?

“Zeker, mijn gezicht is een geaccepteerde versie van zwart zijn: ik ben vrij licht, en sta dichterbij witheid. Maar als zwarte vrouw verkeer je op tv in een constante staat van onzekerheid. Je gaat niet de risico’s opzoeken, zoals je haar natural dragen; je moet in de pas blijven lopen. Ik probeer een stem te zijn die zegt: ‘doe het wel! Denk aan je dochters!’ Ik kan andere vrouwen niet vertellen wat ze moeten doen of laten, er moet immers brood op de plank komen, maar zelf ben ik erachter gekomen dat ik niet in de pas kan lopen. Ik wil het gewoon niet, maar ik heb de luxe om dat niet te hoeven. Op tv werken is een extraatje voor me. Ik geef toe dat ik het geaccepteerde plaatje van zwart ben, maar daarmee ook het interessante, exotische plaatje van witheid.”

Tot slot: wat zou je tegen je dochter zeggen, als ze onzeker is over haar uiterlijk?

“Dat ze wél mooi is, dat ten eerste. En ten tweede dat haar zwarte kenmerken raar genoeg deels worden opgepikt door de witte media: kijk naar de opgespoten-lippentrend, kijk naar grote billen. Weet je nog dat ze zeiden dat J.Lo de grote-billentrend is begonnen? Juist omdat we witheid los van raciale kenmerken zien, als ‘neutraal’ of ‘normaal’, zijn de media op zoek naar exotische plaatjes van witheid. Ik ben echter meer geïnteresseerd in onze eigen schoonheidsidealen. De media blijven onze kenmerken oppikken, en toch voelen wij ons om gekke redenen zelf niet mooi. Ik wil dat mijn dochter zich daarvan bewust is, en dat ze weet dat ondanks wat ze om zich heen ziet, niemand anders dan zij schoonheid voor haar kan definiëren.”

Voor het maken van verhalen hebben we jouw steun nodig.

Ja, ik word vriend (€4 per maand)
Ou_z-lq0_400x400

Zaïre Krieger

Vrouwenrechtenlobbyist

Zaïre Krieger (22) is vrouwenrechtenlobbyist en maker van o.a. Piemelpraat; een parodie op een reclamespotje over de verzorging van de …
Profielpagina