Nederlandse én Turkse identiteit; voor hoogopgeleiden heel normaal

05-12-2014 Bron: OneWorld
Onderzoek – 

Minister van Integratie Lodewijk Asscher kondigde onlangs aan dat hij vier Turks-Nederlandse organisaties de komende jaren in de gaten zal houden. Hij is bang dat de gesloten houding van de organisaties ertoe leidt dat Turken ‘afstand nemen van Nederlandse gewoonten, normen en waarden.’ Marieke Slootman laat in haar promotieonderzoek zien dat hoogopgeleide Turkse en Marokkaanse Nederlanders hun identiteiten combineren. 

Marieke Slootman is antropoloog en verdedigt haar proefschrift aan de Universiteit van Amsterdam. Titel en meer informatie: 'Soulmates. Reinvention of ethnic identification among higher educated second generation Moroccan and Turkish Dutch'.

Minderheids-stijgers
Slootman richt zich in haar onderzoek op de zogenoemde 'minderheids-stijgers': tweede generatie (in Nederland geboren) Turken en Marokkanen die een hoog opleidingsniveau hebben. Wat gebeurt er met de identiteit van deze individuen als ze op sociaaleconomisch gebied sterk integreren? Het is een snel gemaakte aanname dat hun Turkse/Marokkaanse identiteit dan minder belangrijk wordt. Slootman concludeert dat de kwestie genuanceerder ligt en dat er onder deze doelgroep juist sprake is van een herbeleving van de eigen etnische identiteit.   

Turkse en Marokkaanse Nederlanders
De centrale vraag in het onderzoek is hoe Turkse en Marokkaanse Nederlanders zelf hun etnische en nationale identiteiten ervaren. Wat betekent het voor hen wanneer ze zichzelf als Turk of Nederlander zien? En hoe verhoudt de ene identiteit zich tot de andere? De etnische identificatie – dus het Turks of Marokkaans voelen – blijkt onder tweede generatie Turken even sterk en belangrijk als onder Marokkanen. Niettemin gaat de Turkse identificatie meer samen met een bepaalde sociaal-culturele inhoud dan de Marokkaanse identificatie. Onder Turken leidt de gedeelde etnische identiteit bijvoorbeeld tot meer verbondenheid met elkaar en met het geboorteland van hun ouders dan onder Marokkanen.   

Turks of Marokkaans én Nederlands
Zowel Turkse als Marokkaanse Nederlanders geven niet alleen aan dat zij zich sterk Turks/Marokkaans voelen, maar ook dat zij zich sterk Nederlands voelen. In hun beleving sluiten deze identiteiten elkaar dus niet uit. Het Turks/Marokkaans voelen is dan ook geen teken dat deze mensen zich minder Nederlander voelen. Bovendien leidt het geaccepteerd worden als Nederlander – bijvoorbeeld vanwege de hoge sociaaleconomische positie – er niet toe dat het hun etnische identiteit afzwakt. In zulke situaties kan iemand juist de eigen etnische (minderheids)identiteit naar voren te brengen, omdat hij of zij minder risico loopt om buitengesloten te worden. Hoewel Turken en Marokkanen zelf geen moeite hebben met hun dubbele identificatie, ervaren ze veel moeite om erbij te horen: zowel bij hun eigen etnische groep als bij gevarieerde groepen (zoals op hun werk). Ze krijgen te maken met verwachtingen (om een bepaalde identiteit te kiezen) en veronderstelde identiteiten.    

Soulmates
Tijdens hun jeugd leidden die verwachtingen er vaak toe dat ze hun Turkse/Marokkaanse etniciteit weinig benadrukten. Ze gingen daarentegen op zoek naar wat ze gemeen hadden met andere mensen, zoals een hoog opleidingsniveau. Wanneer hoger opgeleide Turken en Marokkanen echter mensen tegenkomen die ook hoog opgeleid zijn én dezelfde etniciteit hebben, dan vinden deze ‘soulmates’ hun etnische identiteit samen opnieuw uit en brengen ze deze opnieuw naar voren. Slootman noemt dit; 'reinvention of ethnic identification'. 

Volgens Slootman moet haar onderzoek aanzet geven tot een nieuwe discussie over wat het ‘Nederlander-zijn’ inhoudt. 

Nadine Huiskes

Nadine Huiskes is stagiaire bij NCDO Research en schrijft over religie en...

Lees meer van deze auteur >

Reacties