Iedere 6 minuten sterft een vrouw aan borstkanker in de EU

 

Borstkanker brengt hoge medische en maatschappelijke kosten met zich mee. En borstkanker neemt nog steeds toe. Behandeling, onderzoek en opsporing zijn duur, maar deze kosten staan in geen verhouding tot het leed van individuen en de maatschappelijke kosten. Elke 6 minuten sterft een vrouw aan borstkanker in de EU. Steeds meer vrouwen krijgen op jongere leeftijd borstkanker. In een periode dat zij moeder zijn van een jong gezin, waardoor de gevolgen extra problematisch zijn. De samenwerkende organisaties bepleiten meer aandacht voor de risicofactor chemische stoffen, om de kans op borstkanker te verkleinen.  "De reguliere benadering van borstkanker is gericht op het onderzoeken van de ziekte, diagnose en behandeling in een vroeg stadium. Daarmee wordt de sterfte teruggedrongen, maar niet het optreden van borstkanker en alle bijkomende ellende.  Bij het reguliere, en tot zover niet erg succesvolle preventiebeleid ligt de nadruk op mogelijke oorzaken door een verkeerde levensstijl", aldus Maureen Butter van het Platform Gezondheid & Milieu. "Milieu –  en beroepsrisicofactoren vallen zo ten onrechte buiten beeld".

 

Langdurige ontwikkelingsperiode

Is borstkanker te voorkomen? Al sinds de jaren zestig wordt de toename van borstkanker in verband gebracht met straling en chemische stoffen. Borstkanker kan ontstaan door een combinatie van meerdere milieu- en genetische factoren. Het heeft een langdurige, vaak onmerkbare, ontwikkelingsperiode die kan oplopen tot 20 à 40 jaar. Het eerste begin van de kanker kan al in de kindertijd liggen of zelfs vóór de geboorte, bijvoorbeeld door blootstelling aan giftige stoffen. De mogelijke relatie tussen milieuoorzaken in het verleden van een patiënt en de ziekte wordt te weinig onderzocht, maar is wel bekend uit dieronderzoek.

 

De ontbrekende risicofactoren
Uit wetenschappelijk onderzoek bekende, maar tot nu toe in preventief beleid genegeerde risicofactoren zijn: blootstelling aan hormoonverstorende stoffen en kankerverwekkende stoffen, bijvoorbeeld in cosmetica; levenslange belootstelling aan synthetische en natuurlijke oestrogenen; trauma aan de borst; blootstelling aan licht 's nachts; stress en beroepsmatige blootstelling bijvoorbeeld door het werken in ploegendiensten.

Marie Kranendonk, voorzitter van WECF, vraagt zich dan ook af waarom preventie niet bovenaan de politieke agenda staat :  "De normale risicofactoren zijn slechts goed voor 30-50% van de gevallen van borstkanker. Dat betekent dat 50-70% van de gevallen geen aanwijsbare oorzaak heeft. Wij zijn van mening dat de blootstelling aan schadelijke chemische stoffen één van de ontbrekende risicofactoren is  voor borstkanker. Wij zouden graag willen weten waarom onze regeringen deze risicofactoren negeren. Er is meer en meer bewijs dat blootstelling aan schadelijke chemische stoffen en chemicaliën de kans op het krijgen van borstkanker vergroot. Zo worden vrouwen ook als grootverbruikers van verzorgings- en cosmeticaproducten voortdurend onbedoeld blootgesteld aan ingrediënten die hun gezondheid kunnen schaden".

 

Naar een preventief beleid

WECF probeert nu in samenwerking met VeM, centrum Vrouw en Milieu, Platform Gezondheid en Milieu en Stichting Ecobaby, andere vrouwen- en milieuorganisaties op te roepen te komen tot een betere strategie op dit vlak.  Milieuvervuiling en het gebruik van schadelijke chemische stoffen moeten meegenomen worden als risicofactoren voor het krijgen van kanker.

Preventie, vroege ontdekking, behandeling en palliatieve zorg, zijn de belangrijkste elementen in het overwinnen van borstkanker. Op de lange termijn is primaire preventie echter het meest rendabel: zorgen dat vrouwen de ziekte niet krijgen. Strategieën om blootstelling aan schadelijke chemicaliën te verminderen zullen namelijk ook een positief effect hebben op andere milieugerelateerde ziekten. De eerste stap hiertoe is genomen eerder dit jaar toen het Europese Parlement met ruime meerderheid besloot om milieufactoren mee te nemen bij de preventie van kanker. Primaire preventie, waarin milieufactoren volledig worden meegenomen, zou daarom de basis moeten zijn voor een borstkankerstrategie in Nederland en in de hele Europese Unie.

 

Meer informatie is te vinden in de brochure "Borstkanker en Milieu – naar een preventief Beleid',  een gezamenlijke uitgave van WECF, Platform Gezondheid & Milieu, Vrouw en Milieu en Stichting Ecobaby. Hierin worden overheden, beleidsmakers en belangenorganisaties opgeroepen om te komen tot een strategie om te zorgen dat milieu- en beroepsgerelateerde factoren meegenomen worden bij het ontwikkelen van een nieuw preventief beleid ten aanzien van borstkanker. De  brochure is als PDF te downloaden vanaf de website www.wecf.eu of aan te vragen via wecf@wecf.eu. Ook via de website www.vrouwenmilieu.nl en wwww.gezondheidenmilieu.nl is de brochure te bestellen

 

 1. WECF is een netwerk van zo'n 100 organisaties in West en Oost Europa, de Kaukasus en Centraal Azië die gezamenlijk werken aan duurzame ontwikkeling, bescherming van gezondheid en milieu en armoedebestrijding onder het motto een gezond milieu voor iedereen.   In april was WECF aanwezig in Berlijn tijdens de 6e Europese Borstkankerconferentie plaats. Met posters en spandoeken en factsheets vroeg WECF tijdens deze conferentie aandacht om milieufactoren als risicofactoren mee te nemen in de preventie van borstkanker.

www.wecf.eu

 

VeM, centrum Vrouw en Milieu streeft naar een duurzame, kleurrijke wereld waarin vrouwen zichtbaar zijn in de milieubeweging en vrouwenbelangen verankerd zijn  in het milieubeleid.

Dit doet VeM door

                     het ondersteunen van vrouwen die actief zijn op het gebied van milieu;

                     het stimuleren van vrouwen om invloedrijke posities te bekleden;

                     het betrekken van nieuwe groepen vrouwen bij milieuzaken;

                     het duidelijk maken van de noodzaak om rekening te houden met de belangen van vrouwen in het milieubeleid.

www.vrouwenmilieu.nl

 

Platform Gezondheid en Milieu streeft naar samenwerking  tussen maatschappelijke organisaties om een gezonder milieu te bewerkstelligen. Speerpunten zijn lokale leefomgeving, nieuwe risico's en gevoelige groepen. Het Platform spant zich in om signalen over gezondheid en milieuproblemen onder de aandacht van de autoriteiten te brengen.

www.gezondheidenmilieu.nl

 

De stichting Ecobaby is een non gouvernementele Nederlandse organisatie, opgericht in 1996, die de schadelijke omgevingsfactoren onderzoekt om te komen tot preventie of genezing van schade in de perinatale periode. De organisatie werkt nauw samen met internationale netwerken over gezondheid, milieu en veiligheid bij kinderen. Op het gebied van onderwijs is de stichting betrokken bij de nascholing van borstvoedingsconsulenten specifiek voor het bespreken van verontreinigingen in moedermelk en wat er tegen te doen.

www.ecobaby.nl

 

2. De ontbrekende risicofactoren zijn: blootstelling aan hormoonverstorende stoffen en kankerverwekkende stoffen; levenslange blootstelling aan synthetische en natuurlijke oestrogenen's, trauma aan de borst; blootstelling aan licht 's nachts; stress; en beroepsmatige blootstellingen en ploegenarbeid.  WECF is lid van de Health & Environment Alliance die in april tijdens een bijeenkomst in het Europese Parlement een rapport heeft aangeboden van dr. Andreas Kortekamp   "Breast cancer and exposure to hormonally active chemicals: An appraisal of the scientific evidence"

http://www.wecf.eu/english/articles/2008/10/breastcancer-chemicals.php

http://www.wecf.eu/english/articles/2008/10/EUresolution-breastcancer.php

 

3. Milieuvervuiling heeft verschillende effecten op de menselijke gezondheid. Ziekten zoals allergieën, astma, kanker, neurologische ontwikkelingsstoornissen, en zelfs hart-en vaatziekten zijn gekoppeld aan omgevingsfactoren zoals blootstelling aan milieuvervuiling. Het vaststellen van de volledige omvang van de milieubelasting als gevolg van ziekte (Environmental Burden of Disease), of de impact van het milieu op de gezondheid, kunnen helpen bij het begrijpen van de werkelijke oorzaken van ziekten en biedt mogelijkheden voor relevante beleidsmaatregelen.

 

 

 

Informatie voor de redactie:

Chantal van den Bossche, persvoorlichter WECF (m) +31-6.28129992 email:Chantal.vandenbossche @ wecf.eu

Marie Kranendonk, voorzitter WECF, +31-6.53556941

 

Platform Gezondheid en Milieu, info@gezondheidenmilieu.nl

 

Helen Lynn, auteur van de brochure, is beschikbaar voor interviews. Tel: 0207 274 2577 (M) 07960 033 687 email: helenlynn@btinternet.com

 

Professor N. Van Larebeke, kankerspecialist aan de Universiteit van Gent is beschikbaar voor het beantwoorden van vragen over dit onderwerp. U kunt hiervoor contact opnemen met WECF.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer