Fadie Hanna, Inti Soeterik en Miguel Heilbron Beeld: Chavez van den Born

Zij geven docenten een spoedcursus ‘racisme’

Hoe stoom je de volgende generatie klaar om racisme te herkennen en aan te pakken? Volgens Fadie Hanna, Miguel Heilbron en Inti Soeterik begint het allemaal in het klaslokaal. Daarom onderwijzen zij onderwijzers over wat racisme is en hoe het ons handelen beïnvloedt.

Dit artikel krijg je cadeau van OneWorld. Word abonnee
“Ik weet nog goed hoe mijn basisschoolleraar mij vertelde over racisme”, zegt Fadie Hanna (35), docent aan de Universitaire Pabo van Amsterdam, die vooral met kinderen van kleur op school zat. “We waren eens met de klas op kamp in een klein dorpje in Brabant. De docent, een witte man, zei tegen ons: ‘Luister, hier kennen ze niet zoveel jongens en meisjes die op jullie lijken. Soms zullen ze raar opkijken; dat is niet eerlijk, en het ligt niet aan jullie. Als er wat is, kom naar me toe.’ Die erkenning van een witte docent, die ons wilde helpen, was zo belangrijk.”
OneWorld portretteert mensen die zich inzetten voor een betere buurt, school, of werkomgeving. De Verenigde Naties en miljoenen betrokken burgers spraken hiervoor de duurzame werelddoelen af (SDG’s), die we in 2030 moeten halen. Denk aan gendergelijkheid, géén armoede, betaalbare en duurzame energie en kwaliteitsonderwijs voor iedereen. De Goal Getters in deze rubriek gaan daar nu al voor. Geïnspireerd? Check hier wat jij kunt doen.

Er waren geen vakken waarbij je kritisch naar jezelf kijkt: over racisme, wit privilege, bias

Fadie HannaBeeld: Chavez van den Born
Vijfentwintig jaar later maakt Hanna er zijn werk van om zoveel mogelijk leerkrachten te leren hoe ze racisme met hun leerlingen bespreken. Samen met docent Inti Soeterik (44) en projectcoördinator Miguel Heilbron (37) start hij in september een zeven weken durende training: twintig Amsterdamse leerkrachten – die zichzelf kunnen aanmelden – zullen op basis van wetenschappelijke literatuur van onder andere Philomena Essed, Gloria Wekker en Sut Jhally leren wat racisme is, waar het vandaan komt en hoe het ons handelen kan beïnvloeden. Want, zo blijkt uit onderzoek van Hanna en Soeterik zelf: expliciete scholing over racisme vermindert de kans dat we handelen op basis van onze vooroordelen.

Alle Nederlandse scholen zouden aandacht moeten besteden aan wereldburgerschap, inclusief racisme

Hanna en Soeterik, die elkaar kennen van de Universitaire Pabo in Amsterdam waar ze allebei lesgeven, zullen de training samen gaan geven. Heilbron is ontwikkelaar van Fawaka Wereldburgerschap, waar de training onder valt: het doel van dat programma is dat alle Nederlandse scholen aandacht besteden aan wereldburgerschap. Daar horen ook aandacht voor racisme, ongelijkheid en niet-westerse perspectieven bij. De nieuwe training is een samenwerking tussen de docenten, de Gemeente Amsterdam en Fawaka Wereldburgerschap.
De laatste weken is dat doel – alle Nederlandse scholen moeten aandacht besteden aan racisme – plotseling een stuk dichterbij gekomen. Heilbron is er duidelijk door in een goede bui: “Ik wil écht even een shout out geven naar Lakiescha, Sohna en Veronika, want dankzij hen wordt het straks gewoon verplicht om racisme te bespreken op school.” Deze drie middelbare scholieren startten, geïnspireerd door Black Lives Matter, in juni een petitie om te zorgen dat racisme in het basis- en middelbaar onderwijs behandeld wordt.

Ze verzamelden duizenden handtekeningen, en eind juni ging de Tweede Kamer akkoord: racisme wordt verplichte lesstof. Hoe dat er in de praktijk uit gaat zien, is nog de vraag. En daar komt deze training van pas, denkt Heilbron. “Het is goed nieuws, maar dan moet wel de hele school een omslag maken: leraren, besturen en directies moeten begrijpen hoe racisme werkt zodat ze het kunnen tegengaan. Daar hopen wij aan bij te dragen.”

Kritisch naar jezelf kijken

Inti SoeterikBeeld: Chavez van den Born
Voor Hanna en Soeterik is de training eigenlijk niets nieuws; ze doceren al ruim acht jaar een vergelijkbaar vak aan de Universitaire Pabo. Toen zij net begonnen met lesgeven, viel hun namelijk op dat studenten totaal niet werden klaargestoomd om als docent het ongemakkelijke gesprek over racisme te voeren met hun leerlingen. Hanna: “Er waren wel vakken over diversiteit, maar dat ging over de ander – over hoe je met verschillende culturen in de klas omgaat, bijvoorbeeld. Er waren geen vakken waarbij je kritisch naar jezelf moet kijken: vakken over racisme, wit privilege, kolonialisme, onbewuste bias.”

Het hoort tot de essentiële vaardigheden, om racisme te kunnen behandelen

Ze hadden twee opties: afwachten tot een van de oudere, witte collega’s zou besluiten om racisme aan het curriculum toe te voegen, of het zelf doen. De directeur van de opleiding gaf hen de ruimte, en sindsdien geven de twee docenten het vak Leerkrachtvaardigheden. “Dat vinden mensen vaak een rare naam, maar wat mij betreft behoort het tot de essentiële leerkrachtvaardigheden om racisme te kunnen behandelen”, zegt Hanna. Om die reden vertalen ze het vak naar de training die in september van start gaat: die is niet bedoeld voor pabo-studenten, maar voor leerkrachten die al voor de klas staan – niet alleen op basisscholen, maar ook op middelbare scholen of mbo’s.

De lessen gaan onder andere over kolonialisme en de oorsprong van racistisch gedachtegoed, over onbewuste bias, wit privilege, en over onze geschiedenis op dit vlak, zoals het slavernijverleden. Met gedachtenexperimenten – een ‘casus’ – vertalen ze de stof naar de realiteit. Wat zou je bijvoorbeeld doen als Afrikaanse kinderen ‘bokoe’ worden genoemd in de klas? En wiens verhalen worden verteld in jouw eigen geschiedenisles; is daar ruimte voor een dekoloniaal perspectief?

Racisme blijkt uit overweldigende cijfers, toch voeren we de discussie in media en politiek vanuit meningen

Miguel HeilbronBeeld: Chavez van den Born
Hanna, Soeterik en Heilbron kunnen niet genoeg benadrukken dat de stof wordt gebaseerd op wetenschappelijke literatuur, en níét op het mainstream debat dat in de media en politiek wordt gevoerd. “In dat debat beginnen we altijd bij nul: bestaat er eigenlijk wel racisme?”, zucht Heilbron. “Uit overweldigende cijfers blijkt dat het er is, en toch voeren we de discussie vanuit meningen.” Ze behandelen in de lessen ook een door Heilbron geschreven artikel over het discriminerende Nederlandse woonbeleid van de jaren zeventig, onder andere in Amsterdam: met het ‘spreidingsbeleid’ wilden gemeentes migranten over de stad verspreiden. Veel nieuwe woningen werden bewust niet toegewezen aan mensen van kleur, waardoor zij veelal in slecht onderhouden woningen, bijvoorbeeld in de Bijlmer, kwamen te wonen. Hanna: “Dat onderwerp komt keihard aan bij studenten. Het komt opeens heel dichtbij, het raakt hun beeld van de Bijlmer als ‘achterstandswijk’ en opeens begrijpen ze hoe we hier zijn gekomen.”

Hier mag je alles zeggen

Het vak is meer dan een leerproces; het heeft een heel emotionele kant, want mensen moeten hun eigen identiteit en opvoeding onder de loep nemen. Om die reden besloten Hanna en Soeterik de pabo-studenten een wekelijks gedachteboek te laten bijhouden, zoals ze ook bij de komende training gaan doen. Hanna: “Daarin lezen we bijvoorbeeld hoe spannend ze het vonden om de impliciete-associatietest te doen – een test of je een onbewuste bias hebt voor een lichtere of donkerdere huidskleur – en hoe opgelucht of teleurgesteld ze na de uitslag waren. En je voelt hun ongemak: ze zijn bijvoorbeeld bang de verkeerde term te gebruiken. Zwarte mensen, mensen van kleur, allochtonen? We willen dat ongemak wegnemen door een klimaat te creëren waarin je alles mag zeggen – dan hebben we het er daarna wel over waarom je die term gebruikt.”

Op individueel vlak kan het lijken alsof kleur er niet toe doet, terwijl mensen van kleur wél structureel worden achtergesteld

En dat werkt, zegt Heilbron: Soeterik en Hanna onderzochten, door middel van de gedachteboeken, of studenten in de zeven weken dat het vak duurt een omslag in denken maakten. Iedereen was zich bewuster geworden van de werkingen van racisme, maar uiteraard verschilt dit per student, zegt Hanna: “Studenten die bijvoorbeeld al eerder vakken over sociale ongelijkheid, racisme en kolonialisme hadden gevolgd, maakten veel grotere stappen dan degenen die hier nog niets van wisten.”
Zulke voorkennis bepaalt ook welke lessen en literatuur het best als eye opener werken. Zo merken Hanna en Soeterik dat de term enlightened racism indruk maakt op mensen die familie en vrienden van kleur hebben, maar zich nooit hebben verdiept in de institutionele kant van racisme. Die term duidt namelijk aan hoe samenlevingen denken ‘voorbij’ racisme te zijn, omdat men op papier gelijk is en samenleeft; terwijl vooroordelen en ongelijkheid in stand worden gehouden. Daardoor kan het op individueel niveau lijken alsof kleur er niet toe doet, terwijl mensen van kleur wél structureel worden achtergesteld.

Iedereen moet racisme herkennen

Er is één groep die op geen enkele manier iets zal meekrijgen van deze nieuwe training: docenten die simpelweg geen zin hebben om over racisme te leren. Het is namelijk een vrijwillige training: er zijn twintig plekken, docenten kunnen zich individueel aanmelden. Voor de eerste leergang in Amsterdam is de aanmelding nog open. Of Hanna, Heilbron en Soeterik zich daar zorgen over maken? “Weet je, je hebt niets aan mensen die er met tegenzin zitten”, zegt Hanna. “Ik richt me liever op de mensen die wél willen, de dingen die ik wél kan doen. Waar ik me meer zorgen over maak is dat we de training vooralsnog alleen in Amsterdam aanbieden omdat de Gemeente er iets in zag: ik vind dat we ook naar andere steden, buiten de Randstad, moeten gaan.”

Zwarte kinderen krijgen met racisme te maken en zijn zich er dus van bewust. Witte kinderen krijgen er vaak níets van mee

En dat is niet alleen omdat er ook buiten de Randstad kinderen van kleur wonen. Hoe fijn Hanna het ook vond om vroeger zelf een docent te hebben die racisme besprak, zijn uiteindelijke doel is dat witte kinderen dezelfde lessen over racisme leren. Heilbron is het daarmee eens: “Zwarte kinderen krijgen met racisme te maken en zijn zich er dus vaak van bewust. Maar witte kinderen krijgen er vaak niets van mee. Zo ontstaan er generaties die denken: bestaat racisme eigenlijk wel? Wij willen dat docenten, en de maatschappij als geheel, racisme niet langer behandelen als een probleem van alleen zwarte mensen, maar júíst als een probleem van witte mensen.”

Over racisme debatteer je niet, je bestrijdt het

Geen slavernij op het eindexamen: 'te politiek'

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust met OneWorld en draag bij aan een rechtvaardige wereld.

Dat kan al vanaf 6 euro per maand

Ontvang onze beste verhalen in je mailbox

Volg ons