Journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld

Voordat je verder leest:

Onafhankelijke journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld kost tijd en geld. Als Vriend van OneWorld steun je voor € 6 per maand onze missie, lees je dagelijks bijzondere verhalen, ontvang je ons magazine en meer!

Ja, ik word Vriend Ik lees eerst verder

De genocide in Rwanda liet niet alleen bijna een miljoen doden na, maar ook 250.000 tot 500.000 slachtoffers van seksueel geweld. Anne-Marie heeft verschillende overlevenden gesproken, en kwam er achter dat deze mensen hun verhaal graag willen vertellen, om erkenning te krijgen voor dat wat hen is overkomen.

Anne-Marie de BrouwerAnne-Marie de Brouwer (37), hoofddocent bij het Department of Criminal Law en research fellow bij INTERVICT aan de Universiteit van Tilburg, vond als student dat er te weinig aandacht was voor seksueel geweld tijdens conflicten. Sindsdien wijdt zij zich zowel op professioneel als op privéniveau aan dit onderwerp. Met haar onderzoek naar de vervolging van seksueel geweld en haar inzet in Rwanda via een zelf opgerichte stichting die slachtoffers ondersteunt, hoopt zij een brug te slaan tussen wetenschap en praktijk. Op 26 april ontving zij een koninklijke onderscheiding voor haar betrokkenheid

“De mannen verkrachtten me, één voor één. Zelfs de jongsten van de groep, die niet ouder dan dertien leken. Bijna vijftig mannen hebben mij die dag verkracht.”
Pascasie Mukasakindi in De mannen die mij hebben vermoord

“Deze vrouw, Pascasie, heeft veel verschillende vormen van seksueel geweld meegemaakt,” vertelt Anne-Marie. “Ze rilde toen ze vertelde over de tijd dat ze tijdens de genocide in een huisje opgesloten zat als seksslaaf. Daar liep ze in haar ondergoed rond. Overdag gingen de mannen ‘aan het werk’, zo noemden ze het als ze Tutsi’s gingen afslachten, en ’s avonds verkrachtten ze haar weer. Op elke mogelijke manier; ze is zelfs in haar neus gepenetreerd. Ze deden met haar wat ze maar wilden, dag in, dag uit.

Een Rwandese vrouwEen Rwandese vrouw. Foto: Bread for the World

Oorlogswapen

Seksueel geweld is een effectief oorlogswapen. In Rwanda was de haat van Hutu’s richting Tutsi’s zo groot, dat zij deze hele etnische groep wilden uitroeien. Verkrachting is een goedkope manier om dit te doen. Denk bijvoorbeeld aan de hiv-besmetting. Ik ken verhalen van overlevenden die hun dader hoorden zeggen: ‘Ik heb geen machete of kogel nodig, ik weet dat ik hiv-positief ben en dat jij een langzame dood zal sterven. En hopelijk je partner en toekomstige kinderen met jou.’

Een andere beweegreden voor seksueel geweld kan zijn dat vrouwen niet meer vruchtbaar zijn na wat hen is aangedaan, waardoor de groei van de Tutsibevolking wordt geremd. Of zij raakt zwanger en haar kind krijgt de etniciteit van de dader. Er zijn ook slachtoffers die uit angst vluchten vanwege of na het geweld, of zelfmoord plegen. Op die manier kan een oorlog worden gevoerd.

Genocide in RwandaIn Rwanda mondde de haat tussen twee etnische groepen, de Hutu’s en de Tutsi’s, in 1994 uit in een genocide, waarbij bijna een miljoen mensen werden vermoord. Tijdens deze 100 dagen werden de Hutu opgehitst om de ‘Tutsikakkerlakken’ uit te roeien. In het wrede conflict werden duizenden mannen en vrouwen slachtoffer van seksueel geweld.

Mannen als slachtoffer

Seksueel geweld is pas sinds de jaren ‘90 op de agenda gekomen. Vanaf toen werd seksueel geweld pas echt vervolgd als zelfstandig misdrijf voor de internationale straftribunalen van het voormalig Joegoslavië en Rwanda. Hierbij is de meeste aandacht uitgegaan naar vrouwelijke slachtoffers, omdat dit het meest voorkomend leek. In mijn onderzoek vind ik het opvallend dat ook mannen, vaker dan gedacht, slachtoffer zijn van seksueel geweld, en dat er ook vrouwelijke daders zijn. Voorbeelden hiervan zijn als vrouwen andere mannen helpen om een vrouw te verkrachten, door haar aan hen over te leveren, of door de vrouw vast te houden en tegen de grond aan te drukken. Soms zijn vrouwen ook daadwerkelijk degenen die verkrachten. Vaak gaat het dan om oudere vrouwen en jonge jongens. Dit is een manier om een man, die zeker in Rwanda gezien wordt als de beschermer van de vrouw, zijn mannelijkheid te ontnemen. Soms worden mannelijke slachtoffers, als de dader ook een man is, beschuldigd van homofilie. In veel kringen wordt een verkrachte man niet geaccepteerd en leidt dit tot discriminatie en uitsluiting.
Het is belangrijk dat juristen, beleidsmakers en hulpverleners zich in hun werk bewust zijn van het feit dat ook mannen slachtoffer zijn van seksueel geweld en hier aandacht aan schenken.

Een Rwandese vrouw in haar huisEen Rwandese vrouw in haar huis. Foto: Hand in Hand International

Krachtige overlevenden

Het liefst spreek ik niet over slachtoffers, maar over overlevenden. De mannen en vrouwen die ik door mijn werk in Rwanda leer kennen zijn niet alleen maar slachtoffer, zij zijn krachtige mensen. Je praat hier over mensen met een enorm trauma, zij hebben vaak een groot deel of hun hele familie verloren, weten vaak niet waar hun familieleden liggen, hebben soms geen gerechtigheid kunnen vinden, velen zijn hiv-positief, krijgen er soms ook nog eens tbc of kanker bij, leven van een dollar per dag, hebben misschien een kind van de dader. En toch gaan ze door.

Ik haatte mijn kind

Voor vrouwen is het moeilijk om van een kind te houden, dat ze als gevolg van een verkrachting tijdens de genocide hebben gekregen. Dat is te confronterend. Dit is een probleem, maar je ziet nu steeds meer lokale initiatieven om moeder en kind bij elkaar te brengen. Één van de vrouwen bij onze stichting Mukomeze (wat ‘empower her’ betekent), zei tot voor kort: ‘Ik haat mijn kind. Ik moet er voor zorgen, maar ik kan er niet van houden.’ Door middel van counseling en gesprekken met andere overlevenden is dat veranderd, en kan zij nu zeggen dat ze van haar kind houdt. De support van mensen die hetzelfde hebben meegemaakt speelt hierin een belangrijke rol, omdat zij voor elkaar een nieuwe familie zijn, nadat eigen familie is uitgemoord.  

Een Rwandese vrouwEen Rwandese vrouw. Foto: Bread for the World

Impact

De genocide is al weer bijna twintig jaar geleden, maar de impact van het seksueel geweld dat toen gepleegd is, is nog steeds groot.
Zo’n intieme misdaad laat een trauma achter. Op individueel niveau, maar ook huwelijken en gemeenschappen zijn er door verwoest. Mannen die hun vrouw niet meer willen nadat zij verkracht is, of gemeenschappen die slachtoffers verstoten omdat er bijvoorbeeld gedacht wordt dat zij het overleefd hebben in ruil voor seks.
Ook zijn de gevolgen van seksueel geweld nog steeds zichtbaar in de hiv-epidemie: ongeveer 70% van de overlevenden van seksueel geweld blijkt hiv-geïnfecteerd. Deze mensen, die voor de genocide soms een mooi leven leidden, zijn nu vaak te zwak om te werken, waardoor er grote armoede is.

Verzoening

Juridische gerechtigheid is moeilijk te verkrijgen. Daders zijn al dood, of overlevenden weten niet wie hen geweld aangedaan hebben. Sommige overlevenden wonen tussen de daders in, omdat ze in een kleine gemeenschap leven en geen andere plek hebben om te wonen. Velen zijn niet in staat om te vergeven, dit is ook bijna onmenselijk. Maar er zijn ook veel bijzondere voorbeelden waarbij wel verzoening plaatsvond. Ik denk weer aan Pascasie. Na alles wat zij heeft meegemaakt vergeeft zij diegenen, die vanuit de grond van hun hart om vergeving vragen. Dat helpt haar om niet op ieder moment van de dag te denken aan wat haar is aangedaan. Ik heb gezien, bij Pascasie en vele anderen, dat verandering echt mogelijk is en dat dit ongelofelijk krachtige mensen zijn.”

De genocide vond plaats van 6 april tot half juni 1994. Op dit moment worden de 100 dagen van geweld in Rwanda herdacht. 

 

Voor het maken van verhalen hebben we jouw steun nodig.

Ja, ik word vriend (€6 per maand)