Advertentie

Nacht van de VN

Je werkte bijna tien jaar in het vastgoed, en stapte toen over naar de kledingsector. Geen logische switch.
“Klopt. En om er nog een schepje bovenop te doen: aanvankelijk wilde ik journalist worden, buitenlandcorrespondent. Ik was gek op reizen, was nieuwsgierig, zat graag boven op het nieuws. Daar wilde ik graag mijn werk van maken. Helaas werd ik uitgeloot voor journalistiek in Zwolle, waarna ik eerst een jaar Engels ben gaan studeren. Daarna koos ik voor communicatiewetenschappen in Nijmegen. Ik had geen zin om weer afgewezen te worden en nog een jaar te moeten wachten. Na mijn studie belandde ik in het bedrijfsleven en zo rolde ik het vastgoed in.”

Daar haalde je niet genoeg voldoening uit?
“Het is een branche waar ik niet heel gelukkig van werd. Je ziet mensen erg makkelijk heel veel geld verdienen. En ik moest er aan de marketingkant voor zorgen dat dat nog meer werd. Op een gegeven moment had ik de hoogst haalbare functie voor mij: marketingdirecteur voor een van de grootste vastgoedbedrijven van de wereld. Ik had de keus tussen daar tot mijn 65ste te blijven zitten, of eruit stappen en iets anders gaan doen. Ik koos voor het laatste.

Toen ben ik gaan nadenken: ik wilde iets waarmee ik een positieve inbreng in deze wereld kon hebben maar tegelijkertijd mijn commerciële krachten in kwijt kon. Ik zie mezelf niet als een wereldverbeteraar maar ik geloof wel dat je als individu iets kunt bijdragen aan een eerlijkere samenleving.”

Ik zie mezelf niet als een wereldverbeteraar maar ik geloof wel dat je als individu iets kunt bijdragen aan een eerlijkere samenleving

Hoe kwam je bij duurzame mode terecht?
“In het vastgoed was duurzaamheid op een gegeven moment een belangrijk thema. Ik verdiepte mij erin en automatisch word je dan ook kritischer over je eigen levensstijl. Ik kwam er al snel achter dat het bij kleding heel lastig is om goede keuzes te maken. In de supermarkt kun je de ingrediëntenlijst lezen en heeft voedsel een keurmerk; in een kledingzaak kun je zulke informatie vaak niet vinden. Het was zo ondoorzichtig dat ik het verder ging onderzoeken. Toen ontdekte ik dat je eigenlijk geen idee hebt wat voor ellende je koopt. Dat wilde ik aanpakken.”

Door een eigen merk te beginnen?
“Ja, een duurzaam kledingmerk. Ik kwam in contact met een investeerder die een merk had en vroeg of ik algemeen directeur wilde worden. Zijn bedrijf had net een doorstart gemaakt en hij zocht iemand van buitenaf die kon gaan reorganiseren. Dat wilde ik wel doen, mits we zouden verduurzamen. Na anderhalf jaar besloot hij alsnog de stekker eruit te trekken. Duurzaam produceren is een zaak van lange adem: voordat je winst maakt, ben je een paar jaar verder. Hij had er al veel geld ingestoken; hij vond het genoeg en besloot te stoppen.

Dat was jammer, maar begrijpelijk. Nu moest ik opnieuw uitzoeken hoe ik verder wilde. Mijn eigen label, dat ik ernaast was begonnen, heb ik nog wel een tijdje doorgezet. Ik liep winkels af met mijn rekje kledingstukken. Maar ik snapte ook wel dat ik daarmee niet de impact kon maken die ik zocht. Toen kwam ik in contact met Michel Smit, die een eigen modeagentuur runde, en zo ontstond het idee voor een eigen agentuurbedrijf met uitsluitend duurzame merken.”

cecilescheele34d00
Cecile Scheele

Was het moeilijk om duurzame kledingmerken te vinden?
“Toen we begonnen, zo’n zes jaar geleden – nou en of! Michel en ik hebben stad en land plus half internet afgezocht om merken te vinden. In het begin namen we zelfs merken aan waarvan we dachten: ‘dit is het nét niet’. Bij gebrek aan beter moesten we wel, je wilt toch een bepaald aanbod creëren. Tegenwoordig ligt dat anders, nu moet ik steeds vaker nee verkopen aan een tof merk.
Je kunt immers niet tientallen merken vertegenwoordigen in een agentuur. En wanneer je drie tassenmerken hebt, worden die elkaars concurrent: dat wil je vermijden. Vandaar dat ik modevakbeurs Soul Salon ben gestart. Op deze manier kunnen we andere merken ook de kans bieden voet aan de grond te krijgen in Nederland.”

Hoe selecteer je merken? Wat zijn de eisen?
“Alle merken die ik vertegenwoordig, zijn GOTS-gecertificeerd. Dat is een van de hoogste certificeringen op het gebied van duurzaamheid, en hij bestrijkt de hele supply chain. Dus het gaat niet alleen om fair trade of diervriendelijk, nee: het merk wordt op alle vlakken getoetst. Binnen mijn agentuur wil ik het hoogst mogelijke laten zien.”

Is zo’n certificaat ook voor jezelf een houvast?
“Jazeker. Ik kan wel iemand op z’n mooie blauwe ogen willen geloven dat hun merk zo duurzaam is, maar zo werkt dat niet. En duurzaamheid is een containerbegrip. Er zijn merken die hopen dat ik ze wil tegenwoordig omdat ze ‘in Europa produceren’. Dichtbij huis, dus minder CO2 uitstoot, pleiten ze. Dan denk ik ja, je hebt een punt, en fijn dat je het zo aanpakt, maar dit is simpelweg niet voldoende. Er komt echt meer kijken wil je een GOTS-certificaat waard zijn.

Bij de Dutch Sustainable Fashion Week zijn we wel een stuk soepeler: daar willen we gewoon transparantie binnen bedrijven bepleiten. Dus zodra een kledingbedrijf het textielconvenant heeft getekend – wat absoluut nog niet wil zeggen dat hun spullen duurzaam zijn – kan het zich voor ons programma aanmelden. Daar draait het er uitsluitend om dat je voor de consument inzichtelijk maakt welke stappen je zet om je productieketen op te schonen.”

Zelf ontdekte ik onlangs dat een tassenmerk dat zei diervriendelijk leer te gebruiken, eigenlijk niets kon garanderen over de herkomst van hun leer.
“Het is ontzettend lastig, ja. Zo hoorde ik ooit dat de controleurs van de GOTS-certificering ook omkoopbaar zijn. Als je hen meer kunt vertrouwen, wie dan nog wel? Je kunt moeilijk zelf de hele keten gaan controleren, dat lukt je gewoon niet. Als je hoort over al die misstanden en hoe mensen daaromheen blijven draaien… Het is een markt waar je soms diep treurig van wordt. Maar de GOTS-certificering blijft mijn uitgangspunt. Hij biedt geen honderd procent garantie, maar het is het beste certificaat dat we hebben.”

Je wilt zoveel mogelijk impact genereren. Lukt dat?
“Als ik eerlijk ben – nee. Ik ben nu zes jaar bezig en ik zie heus wel dat meer mensen bewuster omgaan met kleding. Maar ik zie daardoor des te scherper wat er allemaal nog moet gebeuren. Een voorbeeld: wanneer je een kledingwinkel binnenstapt en het personeel vragen stelt over duurzaamheid, weten zij daar vaak helemaal niets vanaf. Terwijl het personeel juist een belangrijke schakel vormt, en zij de consument meer transparantie kunnen bieden. Vandaar dat we nu ook samen met brancheverenigingen bezig zijn trainingen op te zetten. Er is nog genoeg te doen.”

Duurzaam wordt als duur gezien omdat we werkelijk geen benul meer hebben van de echte prijs van een kledingstuk

Hoe verander je de generatie die is opgegroeid met het idee dat een t-shirt niet meer dan vijf euro hoeft te kosten?
“Dat is een belangrijk punt. Kleding werd in mijn tijd gezien als een luxeproduct, nu is het een wegwerpproduct. Mensen kopen een jurkje voor tien euro, dragen het drie keer en gooien en het dan weg. De waarde van kleding is enorm gedaald door de opkomst van de zogeheten fast fashion ketens. De prijs van kleding is onwaarschijnlijk laag, als je het terugrekent over de hele keten: het kan gewoon niet dat iemand daar nog een eerlijk loon mee kan verdienen. Duurzaam wordt als duur gezien omdat we werkelijk geen benul meer hebben van de echte eerlijke prijs van een kledingstuk.”

Duurzaam kopen gaat ook over lange-termijnkeuzes.
“Ja, en dat maakt het lastig om jongere mensen te overtuigen. Zij zijn tijdens het winkelen minder geneigd zich af te vragen of ze een kledingstuk over tien jaar nog zullen dragen. Ze kijken vooral naar wat ‘in’ is en letten minder op de kwaliteit.

“Aan de andere kant ben ik toch ook hoopvol. Toen ik jong was, hadden we het helemaal niet over dergelijke thema’s, toen ging je er gewoon vanuit dat het goed was. De jeugd krijgt er nu veel meer over mee, informatie is tegenwoordig overal beschikbaar. Op de korte termijn zullen ze er misschien niet naar handelen, maar zodra ze eenmaal de werkende generatie zijn, verandert dat.”

Had je ook een ‘gewoon’ modeagentschap kunnen runnen?
“Nee, want ik ben niet in de modebranche gestapt omdat ik mode nou zo fantastisch vind. Ik wil een markt veranderen. Daarom ben ik uit het vastgoed gestapt. Mode wordt vaak gezien als iets oppervlakkigs, dat is jammer. Ik wil laten zien dat je door de juiste keuzes te maken, echt iets kunt bijdragen en iets kunt betekenen voor mensen wereldwijd. Ik heb me er vaak over verbaasd dat er binnen zo’n belangrijke sector als kleding zo weinig voortgang is qua duurzaamheid. Terwijl de auto-industrie al tientallen jaren bezig is met verduurzaming, zie je dat in de textielsector maar mondjesmaat gebeuren. Dat is mijn drijfveer: die markt veranderen.”

Dutch Sustainable Fashion Week
Van 6 t/m 15 oktober vindt de vierde editie van de Dutch Sustainable Fashion Week plaats. In winkels door heel Nederland wordt duidelijk gemaakt waar de kleding vandaan komt, hoe die gemaakt wordt en waarom de kledingbranche moet verduurzamen. (Klik hier voor het hele programma)
Deze editie staat in het teken van bewustwording rond de enorme hoeveelheid afval die we jaarlijks produceren en het aandeel van kleding hierin. Voor de openingsshow op 5 oktober geeft OneWorld 2 keer 2 gratis kaarten weg. Wil jij erbij zijn? Mail dan naar redactie@oneworld.nl met als onderwerp: winactie circulaire modeshow, en wie weet ben jij er straks bij!

emydemkes5

Emy Demkes

Fair fashion redacteur

Emy Demkes is freelance journalist en schrijft voornamelijk over de achtergronden van onze kleding. Van de arbeidsomstandigheden in …
Profielpagina

Advertentie

WeDo2030