Journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld

Voordat je verder leest:

Onafhankelijke journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld kost tijd en geld. Als Vriend van OneWorld steun je voor € 6 per maand onze missie, lees je dagelijks bijzondere verhalen, ontvang je ons magazine en meer!

Ja, ik word Vriend Ik lees eerst verder

Ibrahim Halawa werd in de zomer van 2013, op zijn 17e, gearresteerd in Caïro. Tijdens een protest tegen het bloedbad op het Rabaa en Nahda, toen de Egyptische veiligheidsdiensten met grof geweld sit-ins van moslimbroeders en andere opponenten van de coup beëindigden Volgens Human Rights Watch kwamen daarbij minstens 814 mensen om.
Halawa is van Egyptische afkomst maar heeft de Ierse nationaliteit. Pas afgelopen oktober kwam hij vrij nadat de nieuwe Ierse regering zich enorm voor zijn vrijlating had ingespannen.”Ik heb Arabisch leren spreken in de gevangenis. Ik kon eerst met niemand daar communiceren.” Een gesprek over wat hij in verschillende gevangenissen zag, de mensen die hij daar ontmoette en over de radicalisering die op de loer ligt.

Bron: youtu.be

Met 130 in een cel voor 50

Wat gebeurde er met je nadat ze je arresteerden bij de Fajr moskee in Cairo?
Halawa: “Bij mijn arrestatie werd ik geraakt door een kogel in mijn hand. Ik kreeg geen behandeling maar ik werd naar een militair kamp gebracht. Daar zaten ongeveer 1000 mensen in een gevangenis gemaakt voor deserteurs. De omstandigheden waren verschrikkelijk. Er was slechts een kleine ventilator. We zaten in de woestijn, het was enorm heet. Met zo’n 130 mensen deelden we een cel die voor 50 mensen was, maximaal. We hadden slaap shifts. De helft van de mensen kon slapen voor twee uur en de rest ging staan, en dan andersom.
Na drie dagen gaven ze ons een half brood. Toen wij boos werden en riepen dat we doodgingen hebben ze ons naar een andere militaire gevangenis gebracht. Ze splitsten ons op zodat onze kracht werd gehalveerd.
Mijn drie zussen waren ook gearresteerd. Andere vrouwen werden vrijgelaten, alleen mijn zussen niet, geen idee waarom.

Daarna brachten ze me naar een gevangenis, maar daar weigerden ze mij omdat ik gewond was. Dus stuurden ze me weer naar een militair kamp. Daar waren we met zo’n 30 a 40 mensen met verwondingen. Bijvoorbeeld schotwonden, zoals ik die ook had. We werden blootgesteld aan martelingen. Er werd veel geslagen. We hoorden voortdurend mensen het uitschreeuwen van de pijn, dat was psychologisch echt heel zwaar. Je weet niet wat er exact gebeurt buiten. Je weet niet of jij de volgende bent die aan de beurt is.”

De Party

“Na bijna twee maanden kwamen er nieuwe politieke gevangen bij. Met hen werd ik naar een officiële gevangenis gebracht. Toen werd het echt serieus. Je moet er je kleren uitdoen en ze pakken alles van je af. Martelingen heten er ‘de Party’, al-Hafla in het Arabisch. Na twintig dagen vroeg ik me af waarom mijn familie me niet kwam bezoeken. Bleek dat mijn zus was geweest, maar dat ze hadden gezegd dat ik er niet was.
Ze kwamen, uiteindelijk. Mijn broer moest huilen. Hij zei: drie weken lang wisten we niet waar je was. Dat is wat ze continu doen. Aan de gevangenispoort vertellen ze vrienden en familie dat jij er niet bent, en sturen ze hen naar een andere gevangenis.

Ik had een bedhoes om op te slapen en we moesten allemaal op de zij liggen, er was te weinig ruimte om anders te liggen. Het heet Abd al-shibr, als een vuist, met een breedte van 35 cm. Geen kussen. Dus je moest zelf iets oprollen want de grond was keihard. En als je van kant wilde wisselen moest je opstaan en omdraaien. En er was een vreselijk goor toilet voor iedereen.
In het militaire kamp zat ik 60 dagen. Ik had toestemming voor een familiebezoek per maand, dat tien minuten duurde. Ik dacht:als ik hier een jaar blijf dan kan ik mijn moeder elke maand vijf of tien minuten zien, in totaal nog niet eens een uur. Ik word gek.

“Veel mensen werden gek in de gevangenis. Mensen waren niet meer in staat om wat gebeurde te begrijpen. Ze hadden geen hoop meer want hun hoop werd continu gebroken. Als je je hoop had gevestigd op een rechtszitting, dan werd die zitting continu uitgesteld. Ook ik dacht: kom ik hier ooit nog uit?
Wij, de politieke gevangenen, werden enorm gemarteld omdat ze ons beschouwden als degenen die het meest actief waren tegen het regime. Toen ik werd vastgezet in de zomer van 2013 waren er ongeveer 2000 politieke gevangenen. Later, toen er meer gevangenen binnenkwamen, kwam daarmee ook meer tegenkracht in de gevangenissen. Met meer mensen kun je een vuist maken. De leiding werd toen iets rustiger en begon met ons te onderhandelen: wat willen jullie? We kunnen je extra eten geven, we kunnen je wat laten luchten als je je wat rustiger gedraagt. Het aantal politieke gevangenen is nu opgelopen tot 60.000.
Er worden wel mensen vrijgelaten maar de aanklacht tegen hen zaak niet ingetrokken. Ik zag ze vrijgelaten worden en opnieuw gearresteerd. Dan kwam ik ze opnieuw tegen.”

Metalen ketting

“Ik ging van gevangenis naar gevangenis. Het is een kleine gemeenschap van politieke gevangenen. Als je van gevangenis naar gevangenis reist zie je ze allemaal. Of ik ontmoette iemand die iemand kende die ik kende.
In Tora, aan de zuidkant van Cairo, werd ik gemarteld met een metalen ketting. Ik zei tegen de Ierse ambassademedewerker die me bezocht: ‘Kijk naar mijn rug, ik word gemarteld in de gevangenis en jullie doen er niets aan’. De ambassademedewerker had een pittig gesprek met de brigadier. Hij hield vol dat ik het mijzelf had aangedaan. Maar de volgende dag werd ik vervoerd naar een gevangenis met betere condities, Mazra’a, die eigenlijk was gebouwd voor Gamal en Alaa Mubarak. Mazra’a is voor de mensen met geld, de gevangenen worden er beter behandeld. Mubarak zelf zag ik daar ook.”

“Ik zat er ook acht maanden met de journalist Peter Greste in dezelfde cel, en sprak veel hem. Hij is echt een intellectueel, ik leerde veel van hem. Op een dag werden Greste en de andere Al-Jazeera journalisten werden vrijgelaten. Ik bleef achter. Ik werd naar Wadi Natroun, boven Cairo, vervoerd, een van de slechtste gevangenissen. Ik had toen alleen nog maar contact met mijn familie achter prikkeldraad, voor anderhalf jaar.”

Bron: youtu.be

Zo’n gevangenisregime werkt wraakgevoelens en radicalisering in de hand.
“Mensen kwamen als onschuldige mensen de gevangenis in. Ze wilden niets anders dan dat Egypte een democratie zou worden. En dan word je gemarteld. Wraak zoeken is op een gegeven moment alles wat je wilt.
Ik heb gevechten gezien tussen Moslimbroeders en IS-strijders in de gevangenis. Ze wilden elkaar vermoorden. De IS-strijder verwijt de Moslimbroeder dat hij Sisi aan de macht heeft laten komen. En de Moslimbroeder verwijt de ISIS-strijder dat hij de islam heeft geruïneerd. Je kunt ze niet samen in een cel stoppen. De politie deelde het zo in: drie IS cellen, drie moslimbroeder cellen, en dan drie cellen voor mensen die niet met een van beide verbonden zijn. “

Tegen elkaar vechten

“Het was de bedoeling dat we met zijn allen een front zouden vormen tegen de militaire coup van Sisi. Nu vechten mensen in de gevangenis tegen elkaar. Je ziet eigenlijk Egypte uit elkaar vallen.
Het belangrijkste wat er nu in Egypte moet gebeuren is het vrijlaten van politieke gevangen. 60.000 mensen, 60.000 gezinnen, duizenden kinderen die hun vader in de gevangenis hebben zitten. Een klein kind van wie de vader onschuldig gevangen zit, radicaliseert heel makkelijk. Wat doet het met je als je ziet dat je vader wordt geslagen tijdens een bezoek? Abdel Fattah al-Sisi zegt dat hij tegen terrorisme vecht, maar hij veroorzaakt het.”

Een klein kind van wie de vader onschuldig gevangen zit, radicaliseert heel makkelijk

“Ik kon me uiteindelijk losmaken omdat ik een Europeaan ben. Met Egyptische mensen is dat anders, die blijven in de gevangenis die Egypte heet. Ze kunnen elk moment weer opgepakt worden. Of ze moeten zich dagelijks melden op een politiestation, soms urenlang, als ze worden vrijgelaten. Ik hoorde altijd: ‘of ik word gedood, of ik ga zelf doden. Want ik moet wraak nemen’.
Het probleem is dat als mensen wraak zoeken ze dat niet alleen in Egypte doen, maar ook in Europese landen. Ik vroeg hen: waarom zou je onschuldige mensen willen doden in Europese landen zonder reden? Ze zeiden: de mensen in Europa betalen belasting. Hun regeringen gebruiken dat om onze dictator te steunen, om wapens te leveren. Dus de enige manier om de regering onder druk te zetten is door hun mensen te vermoorden. Dat is wat IS-strijders zeggen.
Bij mijzelf kon ik de wraakgevoelens bestrijden, omdat ik naar Ierland terugging en een gelukkig leven kan leiden. Maar ik heb wel alles gezien en genoteerd. Het komt allemaal terug in het boek dat ik ga schrijven.”

Bron: www.youtube.com

Voor het maken van verhalen hebben we jouw steun nodig.

Ja, ik word vriend (€6 per maand)
5628d2340f468b3c134d6b469e278abf_400x400

Rena Netjes

Rena Netjes is journalist en arabist. 
Profielpagina

Advertentie

wca2019_600x500_v4 (002)