Wat is ‘goed’ eten eigenlijk? Welke producten stoppen we liever niet in onze mond? En welke ideeën geven we mee aan onze kinderen, de generatie van morgen? Deze vragen stonden centraal tijdens het Good Familiy Food event, donderdag 27 maart jl. in Pakhuis de Zwijger te Amsterdam.

The Good Family portretteerde de afgelopen maanden tientallen families in Nederland en nam hun koop- en eetgedrag onder het vergrootglas. De online portretten schetsen een beeld van burgers die moe zijn van opstapelende voedselschandalen, die het geloof in de grote voedingsproducenten hebben verloren en willen weten waar hun eten vandaan komt. Dus nemen ze het heft in eigen handen. Om maar wat te noemen: ze halen vlees bij de thuisslager, worden parttime balkonboer om hun kruiden en groenten op 2-hoog te telen, houden bijenkorven in de tuin of duiken de keuken in om zelf notenpasta’s en lavendeltruffels te maken.

Een positieve trend voor wie duurzaamheid en gezondheid hoog in het vaandel hebben. Toch is niets wat het lijkt. Dat  illustreerde de eerste spreker van de avond Dick Veerman, oprichter van Foodlog, aan de hand van zijn tamelijk ongenuanceerde stellingen. Is biologisch altijd beter? Is de poepdure Marqt een betere keuze dan de goedkope Lidl die ook fairtrade producten verkoopt? Hoezo is stadslandbouw hip? Je kunt er geen stad mee voeden. En waarom zou je een kleine ambachtsman sneller vertrouwen dan een multinational die onderworpen is aan strenge keuringen?

Daarna volgden nog vier andere sprekers: Jan Eelco Jansma (Wageningen Universiteit) over de voordelen van stadslandbouw, Govert Stock (expert eetbare bossen) over hoe kleinschalige landbouwinitiatieven de samenleving verbindt, Herma Hulst (UTZ Certified) over de ambities van een duurzaam keurmerk en tenslotte Natascha Kooiman (Smaakmackers) met een pleidooi voor planten eten. Totdat het publiek – waaronder veel ouders – zijn of haar zegje kon doen aan één van de thematische discussietafels.

De discussie over keurmerken stond in het teken van vertrouwen. In hoeverre durf je blindelings te vertrouwen op een keurmerk? Waar staan ze precies voor? En hoe zie je als consument de bomen door het bos nog? Want, zo werd gesteld, als ouder heb je het al druk genoeg, laat staan dat je tijd hebt om je te verdiepen in de achterliggende criteria, standaarden en controles van al die keurmerken. De App van Milieu Centraal biedt uitkomst, opperde een deelnemer. Daarmee kun je zien of er een onafhankelijke en betrouwbare controle-instantie achter zit. Helaas was deze tool bij het merendeel van de tafelgasten onbekend. Dan toch maar geloven op de blauwe ogen van de keurmerkmedewerkers? Geen goed idee. Neem het Ik kies bewust-keurmerk, dat zelfs op mayonaise terug is te vinden. Dan kun je toch beter je gezonde verstand gebruiken.

Kortom, het is nog allemaal niet zo simpel om ‘goed’ te eten. Moeten we dan bij de pakken neer gaan zitten? Integendeel. Dilemma’s zijn leerzaam en houden je scherp. En het geeft de kracht om werk te maken van een duurzame toekomst (‘Wie wil er een foodcoop met ons beginnen?’ werd er geopperd vanuit de zaal), die zo belangrijk is voor onze kinderen. Poetry Pusher Justin Samgar vatte het nog eens treffend samen: ‘We groeien.. en we groeien. We groeien omdat bewustzijn.. ons geen andere keuze laat.’

Beeld: Lotte Rijkes

670

Leontien Aarnoudse is een Nederlandse freelance journalist. Haar artikelen verschenen onder andere in NRC Next, Trouw, ELLE Eten, …
Profielpagina

Advertentie

Lecture van Max Havelaar