OneWorld presenteert:

Voordat je verder leest:

Onafhankelijke journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld kost tijd en geld. Als Vriend van OneWorld steun je voor € 6 per maand onze missie, lees je dagelijks bijzondere verhalen, ontvang je ons magazine en meer!

Ja, ik word Vriend Ik lees eerst verder

De moord op de 16-jarige Humeyra uit Rotterdam afgelopen december was een grote schok voor Nederland. Niet alleen omdat het om een minderjarig meisje ging, maar omdat de politie afwist van de bedreigingen die Humeyra ontving van haar dader. Hij stalkte haar, bedreigde haar met de dood, en ontnam haar uiteindelijk het leven. Het zette ons aan het denken: hoe serieus neemt de politie aangifte van stalking nu eigenlijk?

“Mijn stalker had een briefje in mijn fietsmand achtergelaten, waarop stond ‘Elke nee brengt je dichter bij een ja’, met zijn telefoonnummer eronder. Dat was voor mij de druppel om aangifte te doen: het voelde als een dreigement.” Dat vertelt Stephanie Afrifa, curator, presentator en een graag geziene tafeldame, onder andere bij De Wereld Draait Door. “Toen ik alle moed had verzameld om toch aangifte te doen, stond ik mijn verhaal te doen in een overvolle wachtruimte op het politiebureau. Iedereen kon meeluisteren, terwijl ik daar stond te shaken en details deelde over mijn stalker.”

Mijn stalker had een briefje in mijn fietsmand achtergelaten, met daarop ‘Elke nee brengt je dichter bij een ja’

“De agent die ik eerst sprak was erg vriendelijk, en toonde begrip. Maar ik werd doorverwezen naar een agente. Ze leek wat afstandelijk, alsof ze mijn verhaal maar aanhoorde. Ze krabbelde ondertussen wat dingen op een leeg A4-tje. Niet eens op een officieel formulier. Terwijl ik verder vertelde kreeg ze een grijns op haar gezicht. ‘Hij probeert je gewoon al heel lang te versieren’, was haar antwoord op mijn verhaal.”

Uiteindelijk kreeg Afrifa te horen dat ze een melding konden maken met haar verhaal. Er kon dan een dossier worden opgebouwd over haar stalker. Voor de rest moest ze gewoon maar afwachten. “Later zag ik op tv dat een agente van hetzelfde politiebureau zei dat elke aangifte serieus genomen wordt. Wat een gelul.”

“Ik deelde mijn frustraties op Twitter. Het bericht werd vaak gedeeld, waarna het terecht is gekomen bij een operationeel specialist van hetzelfde politiebureau. Hij wilde graag kijken hoe we het konden oplossen. Het gesprek dat ik met hem had was fijn: hij vond het niet terecht hoe ik was behandeld én nam mij serieus. Hij ging over tot actie, en plande een stopgesprek in met mijn stalker. Dat betekent dat hij wordt opgeroepen om op het bureau te verschijnen, en duidelijk wordt gemaakt wat voor consequenties er hangen aan een vervolging door het bureau. De agente die als eerste mijn verhaal had aangehoord, had mij niet eens verteld dat zo’n gesprek bestaat.”

max-sandelin-268571-unsplash

Hoe mijn charmante date een stalker werd

Anke Laterveer gaat in gesprek met een ex-date die haar gestalkt heeft.

“Inmiddels is het stalken gelukkig wel gestopt. Ik weet niet of het stopgesprek al heeft plaatsgevonden, maar ik ben gelukkig niet meer lastiggevallen. Toch ben ik uiteindelijk dankzij de aandacht op mijn online platform en Twitter pas echt serieus genomen. Maar niet iedereen heeft dat. Het zou daarom niet de norm moeten worden dat mensen pas serieus worden genomen na een Twitter-rel.”

Toch lijkt dat wel te gebeuren: “Ik krijg nog steeds berichten van vrouwen die gestalkt worden, en zeggen dat je maar ‘geluk’ moet hebben, wil je een empathische agent hebben. Dat is toch niet normaal?”

Er zouden honderd keer zo veel aangiften moeten zijn

Volgens onderzoekers van Movisie krijgt maar liefst 15 procent van de bevolking ooit met stalking te maken. In juridische termen wordt stalking ‘belaging’ genoemd. Bij belaging is er sprake van regelmatig, ongewenst contact. Maar de politie registreerde volgens het CBS slechts 2.840 gevallen van stalking, waarbij er in vijf à tien gevallen sprake was van een dodelijke afloop.

Volgens de ‘formule’ van de onderzoekers zouden er honderd keer meer aangiften moeten zijn van stalking, of in juridische termen, ‘belaging.’ Volgens Nico van Oosten, psycholoog en senior-adviseur Huiselijk Geweld bij Kennisinstituut voor sociale vraagstukken Movisie, zijn er verschillende redenen waarom het aantal aangiften afwijkend is van de berekening van de twee onderzoekers. “Mensen zijn vaak bang dat het stalken erger wordt als er aangifte wordt gedaan. Ze zijn dan bang dat de stalker boos wordt als de politie erbij wordt gehaald, of dat de bedreigingen erger worden. Veel mensen weten echter niet dat stalking een vorm van criminaliteit is, waarbij een aangifteplicht geldt.”

Evenzo ben je verplicht om een melding te maken als je getuige bent van een overval of geweldsdelict. “Daarnaast zijn mensen ook angstig om aangifte te doen als ze een afhankelijkheidsrelatie hebben met hun stalker, bijvoorbeeld bij een ex. Mensen zijn afhankelijk van alimentatie, of hebben samen nog kinderen. Slachtoffers zijn dan eerder geneigd om hun stalker in bescherming te nemen.”

Melding maken

Maar is het nu zo dat er echt zoveel meldingen niet serieus worden genomen? “De slechte verhalen komen altijd in het nieuws. Als het een keer misgaat, hoor je dat overal. De keren dat het goed gaat, daar horen we te weinig over.”

Daarnaast geeft Van Oosten aan dat het opsporen van een stalker ook niet altijd even eenvoudig is. “Als mensen worden gestalkt via social media is het moeilijk voor de politie om erachter te komen wie de dader is. Iemand kan continu nieuwe profielen aanmaken. Waar moet je dan zoeken?”

Ook Robert Salome, woordvoerder van de politie, erkent dat stalking, of belaging, een lastige zaak is op bureaus: “Bij stalking is er vaak sprake van een groot grijs gebied: wanneer iets strafbaar is, en wanneer iets grensoverschrijdend is, is moeilijk vast te stellen. In zulke gevallen vragen we mensen dan om een melding te maken, zodat we in ons systeem bij een volgende keer kunnen zien dat er echt iets aan de hand is.”

Daarnaast geeft Salome toe dat opsporing niet altijd het hoogste doel is: “We willen de veiligheid van het slachtoffer waarborgen, en we willen voorkomen dat het stalkgedrag uiteindelijk uitmondt in een strafbaar feit.”

Toch blijft het balletje wel liggen bij het slachtoffer, omdat die elke keer de moed moet verzamelen om keer op keer naar het bureau te gaan om aangifte te doen, of om weer een melding te maken. Daarom is het juist belangrijk dat iemand zich serieus genomen voelt bij het doen van aangifte, zegt Salome. “Het is niet uit te sluiten dat het weleens mis gaat, maar het is absoluut niet de bedoeling. Als agent is het juist belangrijk dat je je verplaatst in het slachtoffer.”

Toch blijft het balletje liggen bij het slachtoffer, die de moed moet verzamelen om keer op keer naar het bureau te gaan

'Ik dacht dat de wet mij zou beschermen'

Wat als je aangifte hebt gedaan, maar de melding door het Openbaar Ministerie niet serieus wordt genomen? Dat overkwam Renate*. Zij werd vijf jaar lang via social media gestalkt door een man die lid is van haar oude kerk. Hij maakte seksistische opmerkingen, wilde haar ‘bekeren’ van haar homoseksualiteit, en maakte nepprofielen aan onder haar naam.

Elke keer dat Renate haar stalker blokkeerde op social media maakte hij een nieuw account aan. Renate: “Hij stuurde zelfs mensen op mij af die mij moesten overtuigen van mijn zogenaamde zondige bestaan. In de tussentijd schreef hij dat ik ‘behoefte had aan een keiharde pik’, en dat hij op die manier al heel veel lesbische meisjes had ‘genezen.’”

De eerste keer dat zij aangifte deed staat haar nog goed bij: “De agent wist echter niet zo goed wat hij ermee aan moest. Hij zei dat aangiftes van stalking de minste prioriteit hebben op het bureau: het belandt gewoon op de stapel. Ik kreeg wel een brief mee die ik moest opsturen naar mijn stalker. Daarin stond dat ik niet meer wilde dat hij contact met mij opnam. Deed hij dat wel, was hij in overtreding.”

Maar die brief hielp niet: het stalken werd erger. “Zijn berichten werden steeds grimmiger. Toen hij een bericht stuurde waarin hij aangaf dat ik niet lang meer te leven had, besloot ik om weer aangifte te doen. Dit keer bij Roze in Blauw.” Die namen haar wel serieus: in plaats van een melding, kon Renate nu echt aangifte doen van laster en smaad.

Helaas kwam Renate daar uiteindelijk ook niet veel verder mee. “Toen de zaak uiteindelijk bij de rechtbank belandde, besloot het Openbaar Ministerie niets te doen. Hoewel ik een tweehonderd pagina tellend logboek aan bewijs had, werd mijn case afgewezen: het budget van het OM was beperkt, was de boodschap. Daarnaast werd gezegd dat het een kwestie van geloofsovertuiging was, en dat het daarmee niet van maatschappelijk belang was.”

Uiteindelijk heeft Renate het anders opgelost: “Een goede vriend van mij drong er elke keer op aan om op de boosdoener af te stappen, maar ik weigerde dat. Ik wilde het via de wet aanvechten, niet door fysiek geweld te gebruiken, of door hem te intimideren. Maar toen het OM besloot om de zaak te laten liggen, heb ik die vriend toch maar even gebeld. Wat hij precies heeft gedaan weet ik niet, en daar wil ik ook niet naar vragen. Maar het stalken is gestopt. Toch ben ik ontzettend teleurgesteld, en gekwetst. Het heeft mijn blik en vertrouwen in de wet aangetast. Ik dacht dat de wet mij zou beschermen, maar zo pakte het helaas niet uit.”

*Om privacyredenen is de naam van Renate gefingeerd. Haar naam is bekend bij de redactie.

Voor het maken van verhalen hebben we jouw steun nodig.

Ja, ik word vriend (€6 per maand)
WhatsApp Image 2019-01-10 at 09.34.44

Romee Boots

Romee Boots is freelance journalist en schrijft het liefst over seksuele diversiteit, of over de meest uiteenlopende religieuze …
Profielpagina

Advertentie

wca2019_600x500_v4 (002)