OneWorld presenteert:

Voordat je verder leest:

Onafhankelijke journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld kost tijd en geld. Als Vriend van OneWorld steun je voor € 6 per maand onze missie, lees je dagelijks bijzondere verhalen, ontvang je ons magazine en meer!

Ja, ik word Vriend Ik lees eerst verder

Vóór 2012 was de opvang voor slachtoffers van seksueel geweld in Nederland erg versnipperd. Wie aangifte overwoog, kon naar de politie. Wie medische of psychologische hulp nodig had kon zich wenden tot het ziekenhuis of de huisarts. En dan geluk hebben met een ervaren hulpverlener op het gebied van seksueel geweld. Maar niet ieder slachtoffer wil aangifte doen van seksueel geweld, politiemedewerkers zijn geen hulpverleners, en het verhaal keer op keer moeten herhalen bij verschillende instanties kan behoorlijk zwaar zijn. De noodzaak voor centrale hulppunten was duidelijk.

Fysiek en seksueel geweld in Nederland
Grootschalig internationaal onderzoek uit 2014 wijst uit dat bijna de helft van de Nederlandse vrouwen vanaf haar vijftiende jaar ooit fysiek of seksueel geweld heeft meegemaakt. Bijna driekwart heeft seksuele intimidatie ervaren. Een op de tien vrouwen heeft ervaring met verkrachting. Een op de vijf heeft ervaring met fysiek geweld door een partner of ex-partner.

Voor slachtoffers van fysiek geweld waren die er al: in 1974 werd in Amsterdam het eerste ‘blijf-van-mijn-lijf-huis’ opgericht door een groep feministen. Inmiddels zijn deze omgedoopt tot ‘Oranje Huizen’, waar slachtoffers van voornamelijk huiselijk geweld worden opgevangen. Het is onduidelijk hoeveel en waar deze Oranje Huizen zijn: uit oogpunt van de slachtoffers is het belangrijk dat de precieze locaties geheim blijven. Slachtoffers kunnen zo’n zes tot negen weken in de Oranje Huizen verblijven. Ook ontvangen ze hulp bij juridische en gerechtelijke stappen, en het vinden van een nieuwe woonruimte nadat ze het opvanghuis verlaten.

Oorsprong van het centrum seksueel geweld

Een van de oprichters van de centra seksueel geweld in Nederland, klinisch psycholoog Iva Bicanic, kwam zogeheten rape centers tegen in Denemarken en werd toen geïnspireerd dat concept naar Nederland te halen.

Het concept van centra seksueel geweld ontstond rond 1970 oorspronkelijk in de Verenigde Staten, beschrijven Deense onderzoekers. Later, in de jaren tachtig en negentig, volgden ook Noordse landen waaronder Denemarken, dat relatief laat was in vergelijking met Noorwegen en Zweden. Motivatie achter het nieuwe model was dat de hulp prettiger en toegankelijker zou zijn voor het slachtoffer, maar ook zou helpen met de bewijsverzameling en zo de opsporing van daders. Het samenstellen van de bewijslast gebeurt bij de centra namelijk allemaal direct op één plek, in plaats van versnipperd over verschillende instanties.

bussy2

‘We delen om ons minder alleen te voelen’

Kunstproject BuSSy maakt seksueel misbruik bespreekbaar in Egypte.

In ons buurland België opende vorig jaar, geïnspireerd door het Verenigd Koninkrijk (waar zo’n 44 centra verspreid over Engeland en Wales bestaan) en Nederland, de eerste drie gespecialiseerde centra. Amnesty België schrijft dat de opening van deze centra een belangrijke stap kenmerkt in het voldoen aan de beloftes die België deed toen ze in 2016 het Verdrag van Istanbul ondertekende, voor het bestrijden van geweld tegen vrouwen.

De opening van de centra is een belangrijke stap in het voldoen aan de beloftes van het Verdrag van Istanbul

In dat Verdrag staat dat ondertekenaars maatregelen moeten nemen om ‘het in voldoende aantallen opzetten van passende, gemakkelijk bereikbare centra voor medisch en forensisch onderzoek, traumaverwerking en advisering van slachtoffers van verkrachting of seksueel geweld waar slachtoffers naar verwezen kunnen worden.’

Wegens het hoge aantal meldingen bij de huidige centra in België zijn er al plannen gemaakt voor de opening van nieuwe opvangplekken voor slachtoffers van seksueel geweld. Ook Duitsland kent dergelijke centra: de Duitsers hebben volgens de organisatie Frauen Gegen Gewalt zo’n 180 centra waar slachtoffers van seksueel geweld terecht kunnen.

Team aan hulpverleners

Bij de inmiddels zestien Nederlandse centra seksueel geweld, met als uitgangspunt maximaal een uur reistijd voor elk slachtoffer, werken artsen, psychologen en zedenrechercheurs samen in één team. Opvang vindt meestal plaats bij de eerste hulpposten in ziekenhuizen. Een slachtoffer kan, maar hoeft geen, aangifte (te) doen. Voor het geval dat het slachtoffer besluit dat wel te doen, worden sporen verzameld en veilig gesteld. De centra bieden niet zoals de blijf-van-mijn-lijf-huizen opvang in de vorm van overnachting(en).

Er is direct medische en psychologische begeleiding. Veel slachtoffers weten namelijk niet dat medicatie enkele dagen na het misbruik soa’s en zwangerschap kan voorkomen. Ook helpt snelle psychologische hulpverlening bij het voorkomen of verminderen van een mogelijke post-traumatisch stressstoornis. Dat kan zich uiten in terugkerende nare herinneringen aan het geweld, woede-uitbarstingen, prikkelbaarheid, agressie, snel en hevig schrikken van dingen, slecht kunnen concentreren, en slecht slapen. De meeste slachtoffers wachten in de praktijk lang met het bespreken van hun misbruik: gemiddeld een halfjaar voordat ze het vertellen, en zelfs ongeveer een jaar voordat ze hulp zoeken, zo blijkt uit onderzoek van het Psychotraumacentrum UMC.

De centra worden in Nederland momenteel gefinancierd door gemeentes en de landelijke overheid. Een volgende stap in de hulpverlening lijkt de vergoeding voor de hulpverlening rond seksueel geweld te zijn. Op dit moment wordt hulpverlening voor slachtoffers van verkrachting bij eerste hulpposten, waar veel van de centra zich bevinden, namelijk vanuit het eigen risico betaald.

Slachtoffer van seksueel geweld, recent of langer geleden? Je kunt gratis bellen naar 0800 0188 voor hulp en advies. Slachtoffer van huiselijk geweld? Je kunt gratis bellen naar 088 234 24 50 voor hulp en advies. Bij nood, raadpleeg 112.

Voor het maken van verhalen hebben we jouw steun nodig.

Ja, ik word vriend (€6 per maand)
bw

Justine van de Beek

Redacteur Harlot

Justine van de Beek (22) is overtuigd feminist en als socioloog gespecialiseerd in gender en seksualiteit.
Profielpagina

Advertentie

Webp.net-compress-image

Advertentie

MTM-19-19_oneworldbanner_2 (002)