OneWorld presenteert:

Voordat je verder leest:

Onafhankelijke journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld kost tijd en geld. Als Vriend van OneWorld steun je voor € 6 per maand onze missie, lees je dagelijks bijzondere verhalen, ontvang je ons magazine en meer!

Ja, ik word Vriend Ik lees eerst verder

Anderhalf jaar geleden werd ik verliefd als in een film: kriebels, vlinders en knikkende knieën. En nog mooier: die liefde werd beantwoord. Toch zat ik diezelfde week in tranen bij mijn ouders op de bank. Na een lange inleiding vertelde ik ze dat ik verliefd was op een vrouw. Ik schaamde mij.

Door mijn christelijke achtergrond heb ik jarenlang onbewust geloofd dat liefdesrelaties voorbehouden zijn aan twee mensen van verschillend geslacht. Mijn gevoelens voor mijn huidige vriendin passen niet binnen dat idee. Liefde gaat deze bedachte kaders klaarblijkelijk te buiten, maar in gezelschap van christenen werd ik me steeds opnieuw bewust van het bestaan ervan. Soms omdat ik daar pijnlijk mee werd geconfronteerd, zoals toen een oude vriendin goedbedoelend op het nieuws reageerde met: “Iedereen zondigt in Gods ogen. Wij mensen maken onderscheid in zondes, maar God niet. We zijn in die zin allemaal slecht.” Andere keren omdat ik achterdochtig werd van de positieve reacties van gelovige kennissen. Dan dacht ik door hun sympathieke woorden heen een verborgen oordeel te horen.

Identiteitsconflict

Toen ik voor mijn vriendin koos, koos ik indirect ook voor wat waarschijnlijk altijd in zekere mate als een identiteitsconflict zal voelen. Mijn opvoeding, doordrenkt van de bijbelse normen en waarden enerzijds, en de onverwoestbare liefde voor mijn vriendin anderzijds. Religie heb ik de afgelopen jaren meer bevraagd dan ooit tevoren. Toch voel ik de drang om het christelijk geloof te verdedigen, ook wanneer dat geloof door de meeste mensen onbegrijpelijk wordt gevonden. Ik versta de taal van de kerk, ik ken de christelijke wereld en haar bewoners. En nee, die staan echt niet allemaal met een ‘God hates fags’ spandoek de longen uit hun lijf te schreeuwen.

Ik heb ervaren hoe schadelijk het is te worden afgewezen op grond van je liefde voor een ander mens

De meeste christenen die ik ken hebben een diep verlangen om het goede te doen, en geloven dat ze de waarheid over ‘het goede’ in de Bijbel kunnen vinden. In de Bijbel staan veel hoopgevende en mooie teksten, maar je kunt er ook lezen dat het bed delen met iemand van hetzelfde geslacht ‘gruwelijk’ is. Op zo’n moment zit je in een spagaat. Kies je een andere waarheid wanneer een tekst je tegenstaat, hoe serieus neem je het ‘Woord van God’ dan eigenlijk? Maar als je verkondigt dat een liefdesrelatie zondig is, spreek je misschien Jezus’ boodschap over liefde tegen.

Afwijzing en onbegrip

Ik heb ervaren hoe schadelijk het is te worden afgewezen op grond van je liefde voor een ander mens. De gevolgen daarvan worden in de christelijke wereld vaak onderschat, en dat vind ik kwalijk. Het geloof mag nooit als vrijbrief dienen om een ander te veroordelen, ook niet wanneer je in de overtuiging leeft dat zo’n oordeel in lijn is met dat van God. De liefde voor elkaar is het meest kwetsbare en bijzondere dat we in het leven hebben. Liefde is zo krachtig, dat we in staat zijn ons eigen leven ervoor te geven. Wie de liefde ontkent, zijn ogen daarvoor sluit, en zegt dat die er niet mag zijn, maakt iets fundamenteels kapot bij degene die liefheeft.

Maar écht desastreus is het moment waarop het gesprek stopt. Wanneer er geen openheid meer is, en er niet oprecht geluisterd wordt. Het moment waarop het Reformatorisch Dagblad flyers tegen posters met zoenende mannen verspreidde, was zo’n moment. Net als het moment nadat ik over mijn vriendin vertelde, en een christelijke ex-collega hardop stelde dat ik dan niet echt gelukkig kon zijn. Ook het massaal gesteunde initiatief om advertentieruimte in een christelijke krant te kopen, en daar dan een afbeelding van een homostel te plaatsen, hoort helaas in dit rijtje thuis. Het mag dan ogen als een ludieke actie, maar is niets anders dan de ene aanval met een andere bestrijden. De kloof en het onbegrip die er tussen de voor- en tegengroep al bestonden, wordt er hooguit groter van – hem overbruggen doe je zo niet.

Verscheurd

Een paar dagen geleden was ik samen met mijn vriendin bij een seminar over christenen en homoseksualiteit, georganiseerd door de stichting Verscheurd. Mijn ouders hadden via hun dominee van het evenement gehoord, en nodigden ons uit om met hen mee te gaan. Het was voor het eerst in ruim twee jaar tijd dat ik een christelijke groep bezocht – afgezien van de doopdienst van mijn broertje. Ik had geen idee wat ik kon verwachten. Christenen in mijn omgeving durven zelden een standpunt over het onderwerp in te nemen; meestal geven ze aan ‘niet over homoseksualiteit te willen oordelen’. Dat mijn relatie oké kon zijn voor God, had ik nog nooit iemand horen zeggen.

Door mijn eigen pijnlijke ervaringen heb ik een negatief beeld van christenen gekregen

Tot die avond. Een van de seminarleiders vertelde over zijn worstelingen met het geloof en zijn aarzeling om met zijn vriend te trouwen. “Ik hoop dat je rust zal vinden over je relatie,” reageerde een vrouw tot mijn verbazing. En toen dezelfde man iets vertelde over conversietherapie, omdat Verscheurd zonder oordeel verschillende standpunten wil belichten, werd de dominee van mijn ouders ineens kwaad. Met tranen in zijn ogen vertelde hij hoe schadelijk zulke therapie voor mensen is. Het raakte me: deze christenen wisten me positief te verrassen. En ik was blij dat mijn ouders naar een kerk gaan waar de dominee wél inziet hoe pijnlijk het is om op je identiteit te worden afgewezen.

Ruimte voor gesprek

Tegelijkertijd werd ik me bewust van mijn eigen oordeel over christenen. Door mijn eigen pijnlijke ervaringen heb ik een negatief beeld van christenen gekregen. Ik denk snel dat ze schijnheilig tegenover me zijn, bijvoorbeeld. En dat mijn relatie voor hen nooit gelijkwaardig zal zijn aan die van een heterostel. Ook verhalen in de media dragen daaraan bij; aan mijn vooroordeel mislukte acties en schandalen halen de kranten. Zo blijven moedige initiatieven als die van Verscheurd ongezien, terwijl hun seminars juist illustreren dat er  welwillende gelovigen zijn die ervoor kiezen hun kop niet in het zand te steken.

Horrorverhalen over onrecht moeten belicht blijven worden, en verzet tegen discriminatie en schadelijke religieuze praktijken juich ik toe. Maar dat er altijd een kloof zal blijven tussen dogmatische christenen en mensen die in strijd met bijbelse regels leven, is onvermijdelijk. Als er van beide kanten ruimte is om die kloof iets meer te dichten, al is het maar een klein beetje, laten we die dan in hemelsnaam benutten. En dat kan, door het gesprek in openheid  te voeren en positieve ervaringsverhalen te delen.

Ik heb niets tegen homo’s, maar…

Ik zocht naar mijn verborgen vooroordelen over homoseksualiteit. Waar komen ze vandaan?

Voor het maken van verhalen hebben we jouw steun nodig.

Ja, ik word vriend (€6 per maand)
Esther-Samuel

Esther Samuel

Esther (1991) is journalist en schrijft graag over seksualiteit en identiteit.
Profielpagina