OneWorld presenteert:

Voordat je verder leest:

Onafhankelijke journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld kost tijd en geld. Als Vriend van OneWorld steun je voor € 4 per maand onze missie, lees je dagelijks bijzondere verhalen, ontvang je ons magazine en meer!

Ja, ik word Vriend Ik lees eerst verder

Van Deth is net terug van haar laatste reis als directeur door Kenia en Oeganda, waar het Aidsfonds onder andere actief is. Nu staat ze alweer op het punt om te vertrekken naar de Verenigde Staten voor een bijeenkomst van Funders Concerned About AIDS 1. Ze vertelt over het wereldwijde landschap van hiv-bestrijding, en de ontwikkelingen die ze in tien jaar als directeur heeft meegemaakt.

Het Aids Fonds verstrekt met hulp van supporters, donateurs en subsidies geld aan projecten om hiv te bestrijden. De organisatie steunt vooral projecten in landen waar de situatie het meest schrijnend is, zoals Rusland, Oekraïne, Zimbabwe en Oeganda. Soa Aids Nederland biedt informatie over soa’s en aids aan het brede publiek, met name jongeren, maar ook aan bijvoorbeeld scholen en huisartsen.

Hiv-bestrijding in tien jaar tijd: vooruitgang of achteruitgang?
“Na deze reis door Kenia en Oeganda heb ik verschillende gevoelens. Ik ben heel trots op wat er gebeurd is in die tien jaar. Nicolas uit Oeganda bijvoorbeeld, die bij de jongerenorganisatie UNYPA werkt, leerde ik kennen toen hij 19 was. Toen was hij een enigszins bedeesde jongeman. Nu is hij 26 en uitgegroeid tot een stevige, welbespraakte leider, die internationale gezelschappen toespreekt. Als ik zie hoe mensen en organisaties zich hebben opgebouwd, denk ik: wauw. Ze zijn stevig en sterk geworden, ondanks allerlei tegenslagen. Het zijn bijna allemaal mensen die zelf hiv hebben, en echte voorvechters. Dus: trots.

Tegelijkertijd ben ik bezorgd. We praatten vorige week met een mensenrechtenorganisatie in Kampala, waar ik hoorde hoe zowel in Oeganda als in Tanzania de situatie voor LHBT’ers steeds slechter wordt. Deze organisaties hebben advocaten in dienst en zijn voortdurend bezig om mensenrechten te verdedigen, maar vechten tegen heel grote vooroordelen en toenemend conservatisme.

Toen ik tien jaar geleden begon, waren er – van de toen ongeveer 31 miljoen mensen die hiv hadden – 5 miljoen mensen in behandeling. Nu zijn dat er 22 van de 37 miljoen. Daar is gigantische vooruitgang geboekt. Tegelijkertijd zijn er nog altijd 15 miljoen mensen die geen toegang tot medicijnen hebben. Mensen die uitgesloten worden van goede zorg, zijn mensen die er om wat voor reden dan ook eigenlijk niet mogen zijn. Homoseksuele mensen, transgender mensen, sekswerkers: in Afrikaanse landen maar ook Oost-Europese landen als Rusland. Dat die ongelijkheid in sommige gebieden toeneemt, baart mij echt zorgen.

Mensen die uitgesloten worden van goede zorg, zijn mensen die er eigenlijk niet mogen zijn

Twee jaar geleden hadden we het met elkaar over het einde van aids in 2030. Met ‘we’ bedoel ik VN-organisaties, wetenschappers, activisten, ngo’s en overheden. We hadden bedacht dat we in 2020 op een bepaald niveau moeten zijn. Nu is het 2018. Het niveau waar we hadden moeten zijn, halen we nooit. Er gaan nog altijd een miljoen mensen per jaar dood aan hiv, er komen jaarlijks bijna 2 miljoen nieuwe infecties bij: dat zijn er zo’n drie per minuut. De afgelopen aidsconferentie in Amsterdam [in juli 2018, red.] was een omslagpunt, waar we met zijn allen gezegd hebben: op deze manier gaan we het niet halen.”

2018-10-hiv-Sabrina
Beeld door: Adriana Homolova

Hoe komt dat?
“Waar ik nu bang voor ben is het toenemende conservatisme in allerlei landen. In die landen gaat het ook slecht met de aidsbestrijding. In zo’n vijftig landen neemt het aantal hiv-infecties toe, waaronder Rusland, de Verenigde Staten en ook China, die in toenemende mate repressief zijn naar wat wij de key populations noemen: mannen die seks hebben met mannen, sekswerkers, drugsgebruikers en transgender mensen. Dat zijn groepen die een hoger risico op hiv lopen. Als je die uitsluit van zorg en van testen, dan kun je uittellen wat er gaat gebeuren.”

Worden zij bewust van beleid uitgesloten, of is er geen specifiek beleid op risicogroepen?
“Allebei. In Indonesië bijvoorbeeld worden ze bewust uitgesloten: alle bordelen zijn daar gesloten. Die bordelen waren een zichtbare plek waar mensen bij elkaar kwamen, en er werd ook een vorm van gezondheidszorg geboden. Wanneer dat verboden wordt, gaan mensen ondergronds en wordt de toegang tot goede zorg en preventie alleen maar moeilijker. Zo is in Indonesië ook een heksenjacht begonnen op homo’s, die gevangen worden genomen en publiekelijk worden geslagen.

aidsconference2s
Protestmars tegen hiv en aids bij de Reguliersgracht in Amsterdam, afgelopen juli. Beeld door: Judith Tielemans

Ook in Rusland wordt er door beleidsmakers gedacht: die mensen zijn er niet, drugsgebruikers moeten maar dood gaan. Drugsgebruikers worden als criminelen gezien. In Nederland benaderen we ze juist vanuit een gezondheidsperspectief. We hanteren de strategie van harm reduction: drugsgebruikers ontvangen schone naalden en spuiten, krijgen plekken aangeboden waar ze drugs kunnen gebruiken en waar ze methadon2 kunnen krijgen. Dat is in Rusland ondenkbaar, terwijl iedereen het erover eens is dat je hiv-verspreiding op die manier het beste voorkomt. Hiv wordt namelijk het snelste door bloed op bloed overgedragen.

De Nederlandse overheid steekt wél haar nek uit om expliciet die risicogroepen te helpen, ook in het buitenland. In Nairobi was ik bij de organisatie Hoymas, een partner in ons Bridging The Gaps programma. Dat is een organisatie voor mannelijke sekswerkers en MSM3. Ze zitten midden in de gemeenschap, in een sloppenwijk, waar deze mannen hun werk doen. Ze zijn tegen de verdrukking in gegroeid en hebben ondertussen een kantoortje met een kliniek eraan vast. Daar kunnen mannen terecht zonder dat ze geslagen worden, zonder dat er geoordeeld wordt, zonder dat er wordt gezegd: ‘Oh jij bent een sekswerker? Dan zal ik je eens aangeven bij de politie.’ Ze hebben alle ruimtes met regenbogen beschilderd: echt een plek waar mensen zich thuis voelen. Terwijl we daar waren was er een training bezig voor politiemensen. Een sergeant zei: ‘Als wij deze mensen alleen maar veroordelen, dan komen we er niet’.”

Ik hoor veel hoogtepunten. Waren er ook minder mooie momenten in die tien jaar?
“Op persoonlijk vlak was een dieptepunt de MH17-ramp vier jaar geleden, waarbij vijf collega’s om het leven kwamen. Dat heeft ons op een bepaalde manier ook verenigd, maar dat zoiets kan gebeuren is onbegrijpelijk en hakt er ontzettend in. Dat zal ik nooit vergeten.

Op minder persoonlijk vlak: dat het zo lang heeft geduurd voor er een nieuwe PrEP4-regeling kwam. En het is nog niet klaar, want de regeling start pas per januari 2019. Wij zijn achter de schermen bezig om te zorgen dat die regeling goed en landelijk wordt uitgevoerd. Het gebeurt nog steeds dat iemand bij de huisarts komt, vraagt of hij of zij PrEP wil voorschrijven, en dat de huisarts zegt: nee, dat doe ik niet, want daar weet ik niets van.”

felix-russell-saw-113844-unsplash

Experts kritisch over nieuwe vergoeding van hiv-preventiepil PrEP

Vergoeding van PrEP komt laat en met veel voorwaarden.

“Ik heb me echt geschaamd voor hoe lang dat besluit heeft geduurd. Nederland loopt achter als het om PrEP gaat. In Noorwegen, Portugal, België en in Frankrijk wordt de pil al gewoon vergoed. Toen ik in Kenia bij Hoymas was hingen er grote plakkaten op de muur in de wachtkamer met uitleg over PrEP. In Nederland doen we er nog steeds zo ingewikkeld over. Het is dan een morele discussie, want ‘die homo’s’ kunnen toch ook condooms gebruiken? Dan zeg ik altijd: nou, ik weet niet hoe het met jou zit, maar het is mij als hetero niet altijd gelukt om een condoom te gebruiken. ‘Nee nee’, zegt men dan, ‘het loopt wel eens fout’. Laten we dan niet anders oordelen over anderen.”

Zorgt het beeld dat Nederland alles zo goed geregeld heeft er ook voor dat men denkt dat het probleem hier wel is opgelost?
“We doen het zeker nog niet goed genoeg. De zorg voor mensen met hiv is behoorlijk goed geregeld. Maar ben je bijvoorbeeld een vluchteling en loop je hiv op – want de meeste van hen lopen dat namelijk hier op – dan is het soms best moeilijk. Ik hoor dat sommige mensen niet op het spreekuur komen in klinieken omdat ze het buskaartje niet kunnen betalen. Het feit dat er nog altijd jaarlijks zo’n achthonderd nieuwe diagnoses van hiv bijkomen in Nederland is ook zorgwekkend. Bijna een meerderheid van die mensen komen ‘laat in zorg’: dat wil zeggen dat ze er al een tijdje mee rondlopen en hiv dan ook kunnen doorgeven.

Als je hiv oploopt is het voor je eigen gezondheid en die van je omgeving het beste om zo snel mogelijk een behandeling te starten. Heel lang hadden we het idee in Nederland: we gaan mensen pas behandelen als hun weerstand dusdanig is afgezwakt, dat ze ziek worden. Dat kwam omdat we het niet konden betalen om iedereen te behandelen. Moet je voorstellen dat je kanker hebt, en de dokter tegen je zegt: ‘kom maar terug als je heel ziek bent, dan pas ga ik wat doen.’

Moet je voorstellen dat je kanker hebt, en de dokter tegen je zegt: ‘kom maar terug als je heel ziek bent, dan pas ga ik wat doen’

“We moeten in Nederland de hiv-preventie verbeteren, door alle beschikbare middelen in te zetten. Elke dag dat we langer wachten met de inzet van de hiv-preventiepil PrEP betekent nieuwe hiv-infecties die we hadden kunnen voorkomen. Daarnaast gaat het om meer informatie en bewustzijn, ook onder artsen. Van de week hoorde ik over iemand uit een Fries dorp die al een aantal keer naar de huisarts was gegaan met hiv-klachten. Maar de huisarts herkende de verschijnselen niet, want die kreeg nooit mensen met hiv op het spreekuur. Dus ook in Nederland valt er nog het een en ander te doen.”

Uit je cv blijkt dat je niet per se een activistische achtergrond hebt. Een campagne van het Aidsfonds stuitte op veel weerstand, met name bij activisten. Hoe heb je de balans ervaren tussen diplomatiek zijn als directeur en samenwerken met activisten of zelf activistisch zijn?Lachend: “Ik ben van huis uit geen activist, maar wel geboren als een rebel. Ik ben in mijn leven altijd tegendraads geweest. Als directeur laveer je tussen het een en het ander. Ik ben altijd bezig geweest met verbinden. Ik ben ervan overtuigd dat we dit met elkaar moeten doen. We zijn niet elkaars vijanden. Die campagne was er een goed voorbeeld van, en daar heb ik ook veel van geleerd, maar: the enemy is out there. Dat betekent natuurlijk niet dat je het altijd eens met elkaar moet zijn.”

Activisten zullen vast denken: we moeten juist druk op het Aidsfonds zetten, hen stimuleren het nog beter te doen.
“Ja, en druk zetten is ook goed. Maar het zijn altijd langdurige projecten. Als je wil dat er dingen veranderen, moet je een plan hebben, een strategie. Niets gebeurt bij toeval. Daarin past soms ook hard tegen hard gaan. Ik zal zelf vaker de weg van de diplomatie en de verbinding kiezen. Maar wat ik mooi vind – dat vond ik ook al mooi toen ik tien jaar geleden in deze wereld kwam – is dat wetenschappers, activisten, ngo’s, overheden en bedrijven samen doelen stellen waar ieder vanuit zijn eigen invalshoek en toon aan werkt. Dat maakt aidsbestrijding sterk.

Er zit ook een activist in mij. Op momenten denk ik: dit is te erg, dit kan niet, we moeten nú actie ondernemen. Bijvoorbeeld acht jaar geleden toen de nieuwe staatssecretaris van Buitenlandse Zaken, Ben Knapen, had bedacht om de steun aan aidsbestrijding stop te zetten. Toen hebben we binnen een week een gigantische actie opgetuigd, en zo’n honderdduizend handtekeningen verzameld. Die heb ik in grote postzakken bij hem op kantoor laten bezorgen. Toen ik hem later tegenkwam zei hij: ‘Oh, heb jíj al die zakken laten bezorgen?’ We zijn ook met een doodskist op het Plein in Den Haag gaan staan. Zijn plan is toen niet doorgegaan. Dat is onze kracht: we zijn heel wendbaar. Verbindend wanneer het kan, activistisch als het moet.”

  1. Een organisatie die wereldwijde donateurs in de strijd tegen aids samenbrengt en informeert ↩︎
  2. Een middel dat psychische en fysieke ontwenningsverschijnselen van het afkicken van heroïne tegengaat ↩︎
  3. Mannen die seks hebben met mannen ↩︎
  4. PrEP is een preventief middel dat bij consistente inname een hiv-infectie kan voorkomen. Vanaf 2019 begint een nieuwe proefregeling in Nederland waarbij met name mannen die seks hebben met mannen in een onderzoekssetting de PrEP-pil grotendeels vergoed krijgen. ↩︎

Voor het maken van verhalen hebben we jouw steun nodig.

Ja, ik word vriend (€4 per maand)
bw

Justine van de Beek

Redacteur Harlot

Justine van de Beek (22) is overtuigd feminist en als socioloog gespecialiseerd in gender en seksualiteit.
Profielpagina