Duurzame zonde: enorme winkels

24-11-2009
Door: Renske de Greef
Bron: OneWorld

Ik houd het meest van enorme winkels. Niks zo prachtig als ronddwalen in de broeierige warmte van een tuincentrum, waar ik ogenblikkelijk vergeet dat elke eerder door mij aangeschafte plant uiteindelijk is overleden in een hoekje van mijn kamer (als dingen niet piepen of incidenteel op mijn kussen plassen vergeet ik ze). Integendeel, in een tuincentrum krijg ik vaak ideeën als: een slaapkamervloer bedekt met begonia's. Dát is wat mijn huis mist. Waarop ik honderd begonia's koop. En een kabouter met een mandje op zijn rug. Omdat hij me verdrietig aankeek. In de Ikea gebeurt me meestal hetzelfde: het begint beschaafd, met een rustige, zen-boeddhistische wandeling langs de huiskamers, keukens en PAX opbergsystemen. Maar dan kom je in het gedeelte waar alles los ligt, en even later zijn er plots schalen, wijnglazen, spaarlampen en een geinige afwasborstel in mijn mandje gesprongen.

Grote winkels hebben twee voordelen: een eindeloze hypermarché geeft je het gevoel dat er nog wat te ontdekken valt, dat er naast de uitgebeende stieren, tweeliterverpakkingen zure room en huidkleurige onderbroeken misschien ook wel neonroze sloffen van yakwol te vinden zijn. Maar het is vooral zo heerlijk anoniem. In een klein boetiekje voel ik vanaf de klingelende belletjes bij de deur al de priemende blik van de kassajuffrouw, die me bij elk kledingstuk dat ik aanraak met haar blik probeert te vertellen dat ik daar te dik, te arm of te pluisharig voor ben.

Het nieuwste boek van Renske de Greef heet 'En je ziet nog eens wat' en gaat ovEn je ziet nog eens water vrijwilligers in Afrika: avonturiers, hippies, christenen, feestbeesten en wereld-redders die eigenhandig de wereld willen veranderen.                


En het komt juist door die anonimiteit dat ik doorschiet. Waardoor ik bij de kassa van de H&M verhit in de rij sta met een berg kleren op mijn arm die ik niet echt nodig heb en die misschien per stuk weliswaar 9,95 of 14,95 kosten, maar allemaal bij elkaar toch gewoon weer veel geld kosten. Dat ik bij de Ikea in die enorme zee van aanbod plotseling oprecht het gevoel heb dat mijn leven mooier, beter en kleurrijker zou zijn als ik een enorme hondenmand op hondenpootjes koop. Terwijl ik geen hond heb. Of kat. Of iets anders dat in een enorme hondenmand zou kunnen wonen.

Ik word elke keer verlokt tot aankopen die ik uiteindelijk de rest van mijn leven weggeborgen in grote dozen met me mee zal zeulen. En het heeft iets heel, heel treurigs om de rest van je leven een enorme hondenmand op hondenpootjes met je mee te dragen. Ik wil mijn leven beteren, en enkel nog naar het tuincentrum gaan om naar de tuinkabouters te kíjken. En als ze dan verdrietig terug staren zal ik sterk zijn, en zeggen: 'Nee, jij blijft hier. In je natuurlijke habitat. Niet zo kijken. Hou op. Oké, ik heb nog wel een hondenmand waar je in kan wonen.'

Op de afbeeldingen rust copyright.

Reacties