De pest van potgrond

28-04-2015 Bron: OneWorld
Potgrond; een zak zwarte mix mysterie. Potgrond is ideaal om duistere zaakjes in te mengen. Gebeurt nauwelijks, belooft de branche. En aan de dubieuze herkomst van veen, het belangrijkste component, wordt hard gewerkt met een keurmerk dat toeziet op verantwoord afgraven van natuurgebieden.
Achtergrond – 

Koop je een nieuwe geranium, petunia of tomatenplant, goede kans dat je ‘m verpot, met potgrond. Want in zo’n zak potgrond zit alles wat jouw plant nodig heeft. Het heeft de structuur waarin wortels lekker door kunnen groeien en waarin water goed opgenomen blijft, maar ook de juiste voedingsstoffen. Zo’n 4 miljoen kubieke meter aan potgrond gaat er in Nederland per jaar doorheen, zegt Hein Boon van Responsibly Produced Peat (RHP), het keurmerk voor potgrond. Die hoeveelheid wordt verbruikt door professionele kwekers en consumenten samen.

HERGEBRUIKENHeeft je geranium de winter weer niet overleefd? Niet de dode plant met pot en grond en al wegkieperen, maar hergebruiken die aarde! Schud de kluit uit, en meng de (vaak uitgedroogde) grond met nieuwe potgrond. De oude potgrond in de tuin gooien kan ook. Of beter nog: meng die oude potgrond met je eigen compost en zorg er zo voor dat het nog betere potgrond wordt voor je nieuwe plantjes.


Maar helaas is potgrond niet alleen een middel dat de natuur een zetje geeft, het belangrijkste bestanddeel van potgrond, soms wel 90%, was natuur. Hele bijzondere natuur zelfs: veenlandschap. Veenlandschap dat met zo’n 1 millimeter per jaar aangroeit, zich over tienduizenden jaren heeft ontwikkeld en bijzondere flora en fauna herbergt, wordt met hectaren tegelijk afgegraven voor potgrond. Want veen is daar ideaal voor. Het heeft de juiste structuur en is verder zo zuur dat de potgrondproducent door middel van toevoeging van kalk er de perfecte pH-waarde van kan maken. Bovendien kan elke gewenste voedingsstof toegevoegd worden. Volgens dit rapport van de Universiteit van Wageningen uit 2011 importeerden Nederlandse potgrondproducenten 4,2 miljoen kubieke meter veen per jaar uit Duitsland, de Baltische Staten en Ierland. Een derde wordt gebruikt door kwekers, een derde is voor de consument, en een derde voor de export.

Dit artikel is onderdeel van een reeks over het belang van een gezonde bodem. FoodGuerrilla, het actieplatform van good food initiatieven van OneWorld, voert actie voor een gezonde bodem met hun campagne Het Wormenhotel! Kijk voor meer informatie op wormenhotel.foodguerrilla.nl

De effecten op veen
Mathijs van Houtum is wel eens bij een afgegraven en verlaten veengebied geweest in Engeland. Hij werkt bij familiebedrijf Bio-Kultura dat onder meer biologische aarde produceert. “Je ziet dat er industrie in is gestoken. De natuur is er fucked. Overal troep. Een achterstandswijk van de natuur om het maar zo te zeggen.” Een veengebied dat na afgraving aan haar lot wordt overgelaten komt moeilijk weer tot leven. Om veen af te kunnen graven moet het gebied ontwaterd zijn. Als het water niet teruggebracht wordt in het gebied, dan kan de oorspronkelijke natuur helemaal niet terugkomen.

Je ziet dat er industrie in is gestoken. De natuur is er fucked. Overal troep. Een achterstandswijk van de natuur om het maar zo te zeggen


In de tijd dat veen in zwang kwam als basis voor potgrond, na 1950, had Nederland het meeste veen al afgestoken om te gebruiken als brandstof. In de jaren tachtig is het veenwinning in Nederland gestopt, en weken de potgrondfabrikanten uit naar andere veengebieden. Engeland en Ierland beschermen inmiddels de veengebieden die over zijn. Dus komt de meeste veen die tegenwoordig verwerkt wordt in de potgrond uit Duitsland en vooral uit de Baltische staten.

De regels van veen
Het rapport uit 2011 stelt dat ook in die Baltische Staten tegenwoordig regels gelden, maar dat toezicht op die regels nog wel eens uitblijft. En ook dat veel van de gebieden waar nu veen gewonnen wordt voor de Nederlandse markt voormalig biodiverse gebieden zijn. Gebieden die volgens huidige regels eigenlijk beschermd hadden moeten worden.

Want regels zijn er inmiddels. Van overheidswege, maar ook vanuit de potgrondfabrikanten en kwekers. RHP, dat overigens wordt gefinancierd door de tuindersbranche, ziet erop toe dat de hele keten van potgrond verantwoord is. In RHP-gecertificeerde potgrond mogen geen bestrijdingsmiddelen zitten, geen ziekteverwerkers en geen gif. Bovendien moet er zorgvuldig omgesprongen worden met de veengebieden die afgegraven worden. Het veen mag niet uit een beschermd gebied komen, en de gebieden waar het wel uitkomt moeten met zorg worden achtergelaten. “We zijn bezig om een systeem te ontwikkelen”, zegt Boon. Weer een certificaat. Het moet producenten helpen om zorgvuldig om te gaan met veen, en klanten houvast bieden. De uitgeputte gebieden moeten bijvoorbeeld omgevormd worden tot landbouwgrond (zoals in Nederland veel gebeurd is), of weer in staat gebracht worden om natuur te ontwikkelen.


Kunnen we ook zonder veen?
Maar waarom niet een alternatief vinden voor veen en de natuurgebieden in tact laten? Dan blijft alle CO2 die door de veenextractie vrij komt ook gewoon lekker opgeborgen in al die dode plantenlagen dat veen in feite is. Potgrondmerk ECOstyle gebruikt gecomposteerde kokosvezel als basis ingrediënt van hun potgrond. “Turf heeft de eigenschap dat het geen vocht meer opneemt als het ooit is uitgedroogd,” zegt Wim Lok van ECOstyle. “De kokosvezel blijft wel vocht opnemen. Bovendien hoef je de planten zo’n 50% minder water te geven omdat de kokosvezel beter water vasthoudt.”

KIEZENWelke potgrond deugt? De wereld zou mooier blijven als al het veen blijft zitten waar het zit, maar goed iedereen gebruikt ook olie, palmolie en al die andere dingen waar de natuur aan geofferd wordt. Dus: zoek naar potgrond met een laag percentage veen en op zijn minst het RHP-keurmerk.
Sommige potgrondproducenten zijn heel transparant over waar ze hun veen vandaan halen. Plagron bijvoorbeeld. Op hun website beschrijft het bedrijf keurig uit welke veengebieden in Estland ze hun basisingrediënt halen.

 

In de potgrond van Bio-Kultura zit 20% veen. Bio-Kultura gebruikt veenmos, de bovenste laag van veen. “Veen is een mooi product, maar er wordt ergens anders natuur weggehaald voor onze plantjes. Ecologisch gezien klopt daar niks van,” zegt Van Houtum. “We moeten veel meer met compost werken.” In Bio-Kultura zit onder meer mestcompost, boomschorscompost, kokosvezel, algen en zeewieren. “We zijn nu een potgrond aan het ontwikkelen zonder veen,” zegt Van Houtum. “Nee, hoe ik precies het veen vervang ga ik nu natuurlijk niet zeggen,” lacht hij. “Maar ik wil het volgend jaar op de markt hebben.”

DIY: Zelf potgrond maken
Zelf potgrond maken is lastig. De recepten die op internet zwerven hebben vaak nog veen als ingrediënt. Een goede optie is om 1 deel aarde (uit park of tuin, liefst arme grond wat je voegt nog compost toe) te mengen met 1 deel perliet of vermiculiet, lava of puimsteen (materiaal met een grove en open structuur, zodat wortels zich goed kunnen ontwikkelen) en 2 delen compost. Compost zorgt voor de voedingsstoffen. Lastig van compost is dat het moeilijk te bepalen is hoeveel en welke voeding erin zit. En te veel voeding is niet goed voor planten. Zelf compost maken duurt lang (maar een stuk minder lang dan 1 mm per jaar), maar is niet moeilijk. Met bijvoorbeeld een balkonton of een ouderwetse composthoop in de tuin heb je zo een hoopje verse vruchtbare aarde. Graag een workshop volgen over hoe je het best je eigen wormenhotel kan bouwen, volg dan de campagne van FOODguerilla.

Liedewij Loorbach

Freelance tekstschrijver en journalist. Schrijft veel over duurzaamheid,...

Lees meer van deze auteur >

Reacties