Journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld

Voordat je verder leest:

Onafhankelijke journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld kost tijd en geld. Als Vriend van OneWorld steun je voor € 6 per maand onze missie, lees je dagelijks bijzondere verhalen, ontvang je ons magazine en meer!

Ja, ik word Vriend Ik lees eerst verder

Maar dat blijkt niet het hele verhaal, zo blijkt uit navraag bij Esther Kingsma, Persvoorlichtster van Dirk en DekaMarkt. “We stoppen per direct met het verkopen van konijnenvlees. Dit betreft enkel het konijnenvlees uit het verse vleesschap.”

 

Symboolpolitiek

Dirk en DekaMarkt halen dus niet al het konijnenvlees uit hun schappen. In bewerkte vormen, zoals bijvoorbeeld in kattenvoer, blijft het konijntje nog gewoon te koop. In hoeverre zet deze stap dan werkelijk zoden aan de dijk? De totale konijnenconsumptie in Nederland is zo laag, dat het in de statistieken over vleesverbruik in Nederland niet eens wordt meegenomen. Daarmee lijkt het slechts symboolpolitiek van Dirk en DekaMarkt, die overigens allebei onderdeel zijn van dezelfde coöperatieve inkoopvereniging Superunie.

Er zit een automatische schizofrenie in ons hoofd, we kunnen naadloos overgaan van troeteldier tot vlees

Zo hebben Dirk en DekaMarkt positieve publiciteit, zonder daadwerkelijk de burger zijn favoriete stukje vlees, zoals rund en varken, te onthouden. Want, ondanks dat de vleesconsumptie per persoon in Nederland sinds 2010 met één kilo per jaar daalt, lusten we er nog steeds pap van. In 2014 aten we per persoon nog gemiddeld 76,3 kilo vlees per persoon. De meeste mensen eten konijn enkel met Kerst, maar sommige supermarkten verkopen het hele jaar door boutjes van het beestje dat in Nederland op de derde plek van ‘meest gehouden huisdieren’ staat. “Er zit kennelijk een automatische schakelaar van schizofrenie in ons hoofd, die ons in staat stelt om naadloos over te kunnen gaan van troeteldier tot vlees”, aldus bioloog Midas Dekkers. “We zijn gek, daar komt het eigenlijk op neer.”

 

konijnenvlees
Konijnenvlees bij een kerstdiner Beeld door: Wikimedia

Problematiek

Nederland kent zeventig commerciële konijnenhouderijen, die gezamenlijk rond de 300.000 konijnen fokken. Daarmee dragen ze in totaal bij aan ongeveer 40 procent van de Nederlandse konijnenconsumptie. Omdat Nederlandse konijnen relatief prijzig zijn voor de Nederlander, wordt de overige 60 procent uit andere landen, zoals Hongarije, Frankrijk en China geïmporteerd. Die konijnen worden daar grotendeels in traditionele kooien gehouden, waar ze in erbarmelijke omstandigheden leven.

In de traditionele konijnenhouderijen groeien konijnen in kooien van draadgaas waar hun pootjes van ontsteken. Wakker Dier noemt deze konijnen, die samenleven op minder dan 1 A4’tje per dier, kooikonijnen. De slechte leefomstandigheden zorgen ervoor dat 1 op de 5 á 6 konijnen overlijdt voor ze de tien of twaalf weken halen, de leeftijd waarop ze met hun 2,6 kilo slachtrijp zijn. Het slachten gebeurt niet in Nederland, omdat er in Nederland geen enkele konijnenslachterij is. De konijntjes worden daarom levend naar België, of zelfs Frankrijk verscheept, om daar na de slacht in de vorm van konijnenboutjes de hele wereld over te reizen.

Schrappen dirk en dekamarkt konijnenvlees uit de schappen?
Tabel uit rapport Wakker Dier konijnenindustrie 2015

Na enkele kritische rapporten over de leefomstandigheden, door onder andere de Raad voor Dierenaangelegenheden (RDA) in 1997 en de European Food Safety Authority (EFSA) in 2005, besloten enkele landen wetgeving in te voeren over de indeling van konijnenhouderijen. Nederland was één van die landen, en hanteert daarom enkel nog de welzijnskooi en het parksysteem. “Nederlandse en Belgische konijnenhouderijen voldoen bijna allemaal aan het parksysteem”, volgens hoofd rundvee en konijnen Frank de Louw, van Victoria Mengvoeders. “Daarom zijn ze enkele centen duurder dan goedkopere konijnen uit het buitenland.”

Dat verklaart waarom Nederlandse supermarkten, in hun onderlinge concurrentieslag verwikkeld, vaak goedkopere konijnen uit het buitenland importeren. Frank de Louw adviseert de supermarkten juist de Nederlands-Belgisch konijn te verkopen, om zo aandacht voor welzijn middels lokale samenwerking mogelijk te maken. Op het moment dat de supermarkten betrouwbare afspraken zouden maken met de boeren, hebben ze zekerheid en kunnen ze meer investeren in dierenwelzijn op hun konijnenhouderijen. Midas Dekkers: “Helaas leven we nog steeds in de krankzinnige welvaart-pretmaatschappij. Ik vind het niet onredelijk om daarin te denken van ‘dan eten we gewoon geen konijn’. Ik zal er niet mee zitten.”

Hanneke van Ormondt van Wakker Dier: “Konijnenvlees is slechts een klein onderdeel van de vleesindustrie, maar we hopen dat Dirk en DekaMarkt als voorbeeld kunnen dienen voor andere supermarkten.” Naar aanleiding van onderzoek dat Wakker Dier vorig jaar met kerst deed, waaruit bleek dat meeste supermarkten kooikonijnen verkopen, beloofden Hoogvliet, Poiesz, Jumbo, Coop, SPAR, Vomar en Deen stappen te nemen om het welzijn van de konijnen te verbeteren. “Eind dit jaar zullen we weer controleren welke supermarkten zich aan die voornemens houden”, besluit Van Ormondt.

Voor het maken van verhalen hebben we jouw steun nodig.

Ja, ik word vriend (€6 per maand)
foto-veerle-B

Veerle Boekestijn

Veerle Boekestijn is freelance journalist.
Profielpagina