Journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld

Tijdens mijn middelbareschooltijd hield ik graag spreekbeurten over de toestand van onze aarde. Uitstervende diersoorten, smeltende ijskappen, bedreigde bossen: met veel gevoel voor drama nam ik mijn klasgenoten mee langs scenario’s die ons te wachten stonden als we niet snel ingrepen. Ik had ook een reddingsplan, of eigenlijk meer een oproep, waar mijn spreekbeurten steevast mee eindigden: Een beter milieu begint bij jezelf.

Ik was er namelijk van overtuigd dat het om bewustwording gaat. Net als in de Tweede Wereldoorlog. Het massale verzet tegen de nazi’s bleef uit, omdat veel mensen ‘es nicht gewusst haben’. Als iedereen zou weten hoe slecht het ervoor stond met de aarde, zouden er vanzelf massale protesten uitbreken. Ik begon ook aan een grote campagne om mezelf in bedwang te houden als ik in de rij stond bij de McDonalds. Ik ging mijn afval recyclen en probeerde minder te vliegen.

Maar de nieuwsberichten over gekapte jungles en uitstervende diersoorten bleven zich opstapelen. Hoeveel restricties ik mezelf ook oplegde, het leek geen wezenlijke vooruitgang te bewerkstelligen. Bij elk bericht dat ik las, brokkelde mijn wilskracht verder af.

Bitterbal

Er was ook nog iets anders aan de hand. De term ‘flexitariër’ deed zijn intrede. Een term die communiceerde dat je het milieu ook kon redden door af en toe minder vlees te eten. Vooral niet te streng en te dogmatisch, leek de boodschap. Steeds vaker, als er een bitterbal langskwam op een feestje, dacht ik: ik heb gisteren geen vlees gegeten, vandaag mag het weer. En voor ik het wist had ik voor mezelf recht gepraat waarom shoppen bij de Zara, de Primark of de H&M ook af en toe mocht. Flexishopper. En een keertje naar Bali, dat kon toch ook?

Toen ik weer vlees ging eten, was dat ergens een opluchting. Ik stond niet meer aan het front, deed niet meer mee aan het acute reddingsplan, dus hoefde ik ook niet de hele dag bezig te zijn met het naleven van de beperkingen die ik mezelf had opgelegd.

Het leek er bovendien op dat meer mensen om me heen ook besloten hadden om het wat rustiger aan te doen. Een extra Ottolenghi­salade op tafel was ook meedoen met de groene revolutie en bij de H&M shoppen was überhaupt geen probleem meer – lang leve de H&M conscious­lijn!

Yoga

Steeds meer mensen worden zo moedeloos van de stroom slecht nieuws over de aarde, dat ze hun krantenabonnement opzeggen en inruilen voor een yogacursus. Lastige gesprekken tijdens het kerstdiner worden gemeden en onder de noemer #vanlife ruilen Westerse jongeren hun huis en stadse leven in voor een camper waarmee ze de natuur intrekken. Ze rijden letterlijk weg. Weg van de wereld, de complexiteit en al het gedoe.

Als je de #vanlife­foto’s op Instagram bekijkt, word je overspoeld door een gelukzalig gevoel. Het lijkt alsof deze mensen zich nergens meer druk over hoeven te maken, behalve het najagen van hun eigen droom. Ze kunnen vrij bewegen, kopen fruit langs de kant van de weg en verbruiken – behalve benzine voor de camper – niet zoveel. Dat ziet er een stuk aantrekkelijker uit dan mijn eigen leven, dat toch vaak beheerst wordt door onbestemde emoties over de toekomst van onze aarde, en de vraag: waar zijn we mee bezig?

Die onbestemde emoties kunnen soms zomaar opkomen. Als ik naar mijn iPhone kijk, kan het gebeuren dat ik ineens moet denken aan een filmpje dat ik er laatst op zag, over kinderen in een mijn in Congo die coltan staan uit te hakken voor diezelfde iPhone in mijn hand. En dan zie ik de zeecontainers voor me waarin die coltan vervoerd wordt, die lange benzinesporen achterlaten waardoor koraalriffen kapot gemaakt worden. En dan voel ik me schuldig en misselijk, en bestel ik een Fairphone, terwijl ik ook wel weet dat ik daarmee het probleem niet oplos.

Want hoewel 80 procent van de Nederlanders beweert flexitariër te zijn, wat betekent dat ze minstens een dag per week geen vlees eten, meldde Wakker Dier dat onze vleesconsumptie in 2017 is toegenomen. We denken dat we goed bezig zijn, maar de cijfers vertellen wat anders.

Hoe gaan we dit toekomstige generaties uitleggen? Dat we alles wussten en dat het beste wat we konden verzinnen flexitariër worden was? Soms zie ik ons zitten. Aan een lange tafel. De generatie van nu tegenover de toekomstige generatie. Zij kijken ons aan. Misschien indringend, maar vooral vragend. En door die blik zouden wij de behoefte voelen om zaken uit te leggen. Hoe complex het was. Vroeger, in onze tijd. Dat alles met alles verbonden was. Dat als je iets aan klimaatverandering wilde doen, je ook moest nadenken over de vluchtelingenproblematiek. En als je het over vluchtelingenproblematiek wilde hebben, je ook over de Europese Unie moest nadenken en over ontevreden burgers en over machtsverhoudingen. Dat de overheid eigenlijk moest ingrijpen, met een CO₂­belasting. Maar die stond machteloos, want alle macht lag bij bedrijven zoals Unilever en Shell. En natuurlijk bij Poetin en dan kwam je uit bij de atoombom.

En elke keer dat je iets probeerde, zouden wij hen uitleggen, raakte je verstrikt in een web van complexiteit. Hoe meer je wist, hoe machtelozer je je voelde. En dat uiteindelijk de enige uitweg leek om je ogen te sluiten.

Klimaattherapie

Volgens onderzoeker en programmamaker Evanne Nowak is die wegkijkhouding – die zij omschrijft als apathie – in Nederland de publieke norm geworden. Nowak studeerde af op apathie en klimaatverandering, en beschrijft in haar onderzoek Van apathie naar verbinding hoe deze houding een strategie is geworden om gevoelens van angst, schuld, pijn, verlies en ambivalentie het hoofd te bieden. Apathie komt volgens Nowak niet voort uit een gebrek aan betrokkenheid, maar uit een onzekerheid over wat wij, als nietige individuen, kunnen doen aan de bedreigingen waar de klimaatcrisis ons voor stelt. Ze organiseert op dit moment door het hele land ‘klimaattherapie’; publieke bijeenkomsten waar op een nieuwe manier over klimaatverandering wordt gepraat. Tijdens deze sessies is er ruimte voor angst, schuldgevoelens en machteloosheid zonder dat mensen elkaar direct veroordelen.

Om echt tot nieuwe stappen te komen, zal er volgens Nowak vanuit het humanisme een noodzaak moeten groeien om tot een perspectiefwisseling te komen waarin de mens zijn plaats kent in een web van ‘zorgrelaties met niet­menselijke, abstracte en toekomstige anderen’.

Maar zijn we daartoe in staat? Kunnen wij een gelijkwaardige relatie aangaan met iets niet­menselijks? Zijn we in staat dieren te zien als meer dan iets wat je kunt bezitten of opeten? Is het mogelijk om onszelf te zien rondlopen in een post­humanistisch landschap waar sprake is van een gelijkwaardige relatie tussen dier en mens? En hoe kun je je op een concrete manier verbinden met ‘toekomstige anderen?’

Revolutie in de rechtbank

Samen met schrijver en theatermaker Rebekka de Wit heb ik me het afgelopen jaar over die vraag gebogen en maakten we de voorstelling Tenzij je een beter plan hebt. De voorstelling gaat over de vraag of we voorbij de mens als maat der dingen kunnen denken. Het toont de actiebereidheid, de apathie, maar ook de wanhoop of dit verhaal, dit klimaatsprookje, wel goed gaat aflopen.

We spraken biologen, filosofen, activisten, politici en lazen talloze onderzoeken over dieren, planten, bomen, de aarde. En uiteindelijk ook een heleboel rechtbankverslagen. Want het lijkt erop dat zich in rechtbanken over de hele wereld een kleine revolutie aan het afspelen is. Overal worden zaken aangespannen waarin dieren en gebieden gelijke rechten krijgen als mensen. En met succes. Van chimpansees tot orang­oetans: steeds meer dieren krijgen basismensenrechten toegekend. En in Nieuw­Zeeland is zelfs een rivier uitgeroepen tot rechtspersoon.

Maar ook overheden worden op het matje geroepen door burgers die het niet langer pikken. De succesvolle klimaatzaak die klimaatorganisatie Urgenda in 2015 aanspande tegen de Nederlandse overheid en won, heeft geleid tot een golf van gelijksoortige rechtszaken in andere landen.

Ook ontwikkelingsorganisaties lijken het idee dat een beter milieu bij het individu begint, los te laten. Zo spande Milieudefensie dit jaar een klimaatzaak aan tegen de Nederlandse overheid en eiste, met succes, schonere lucht in Nederlandse steden ‘op de kortst mogelijke termijn’. En als het aan advocaat van de aarde Polly Higgins ligt, kunnen we binnenkort bedrijven en directeuren aanklagen die de aarde grootschalige schade toebrengen. Higgins strijdt voor een internationale wetgeving die natuur vernietigen strafbaar stelt en wil het verlies van ecosystemen tegengaan.

Dit is een revolutie die niet leunt op de wilskracht van het individu – hoewel al het nieuws uit die rechtbanken mij wel inspireerde om te stoppen met het eten van vlees, vis en deze keer ook zuivel. Omdat ik voel dat er iets beweegt. Dat ik onderdeel ben van iets groters. Van een beweging die niet denkt dat we met een tochtstrip de wereld gaan redden. Maar eentje die zegt: dit is mijn uitspraak en daar zul je het mee moeten doen.

670

Anoek Nuyens

Profielpagina