“Waar is jouw vader?”

11-11-2015
Door: Klara Smits
Bron: OneWorld
Mensen in Massauna, Eritrea. Beeld: Flirckr/Moroni (cc).
Beeld: Flirckr/Moroni (cc).
Een gezamenlijk antwoord op de vluchtelingencrisis. Dat hopen Europese en Afrikaanse landen deze week te vinden tijdens de migratietop in Malta. Klara Smits (onderzoeker EEPA) neemt een voorschot en tekent de verhalen op van Afrika’s grootste vluchtelingengroep: de Eritrese gemeenschap. Deel 3.
Actueel – 

In Eritrea betaal je een hoge prijs als onafhankelijke journalist. De Eritrese overheid heeft vrije pers verboden, daarom liep journalist Mussie* het risico om zonder proces te worden opgesloten. Of erger. Hij ontvlucht in 2010 het land en moet zijn familie achterlaten. Zijn vrouw Siham* is dan zwanger van hun derde kind en hun dochtertje en zoontje zijn pas één en drie jaar oud. Dit is het verhaal van Siham en haar drie kinderen.

Plattelandskleren
Drie jaar later probeert Siham het land te ontvluchten met de kinderen. Ze kan niet legaal het land uit en moet de grens dus illegaal oversteken. In Eritrea is het heel moeilijk om de grens te bereiken zonder te worden gearresteerd. Siham moet haar reis dus zorgvuldig plannen.  

Europees-Afrikaanse migratietopOp 11 en 12 november komen de Europese lidstaten en Afrikaanse landen bijeen voor de ‘Valletta Summit on Migration’ in Malta. Gespreksonderwerp: de samenwerking rondom vluchtelingen en migranten. Wat zijn de oorzaken? Hoe kan de samenwerking beter? En hoe beschermen we vluchtelingen?

De familie verkleedt zich in plattelandskleren, alsof ze op bezoek gaan in één van de dorpjes aan de grens. Het oudste zoontje is nu zes jaar oud, zijn kleine zusje vier. De jongste is pas twee. De reis naar het platteland is gevaarlijk, want militairen stoppen en ondervragen willekeurig reizigers. Siham heeft de kinderen goed voorbereid zodat ze niet zullen vertellen dat hun vader is gevlucht.

Plots stoppen militairen de bus. Ze vragen aan Siham’s oudste zoon: “Waar is jouw vader?” Het jongetje herhaalt wat zijn moeder hem heeft geleerd, en zegt: “Mijn vader is in Assab.” Assab, een stad in het oosten van Eritrea, is een logische plek en de militairen geloven de jongen.

Een andere moeder heeft haar kind in de bus niet voorbereid. Als dezelfde vraag aan haar zoon wordt gesteld, antwoordt hij met de gevaarlijke waarheid: “Mijn vader is in Israël.” De familie wordt meteen opgepakt.

Op pelgrimstocht
De reis naar de grens is zo gepland dat hij samenvalt met de ‘negdet’ van het grensdorpje Omhajer, een jaarlijkse religieuze viering waarbij mensen samenkomen vanwege pilgrimstochten. Siham grijpt de kans aan en doet alsof ze op pelgrimstocht zijn. Tussendoor verblijven ze een nacht in een herberg.  “Dit was het engste moment. We waren omringd door de Eritrese inlichtingendienst. De kinderen zagen eruit als stadskinderen. Ik zei tegen hen dat we ons moesten verstoppen of we zouden worden gearresteerd. Ze waren erg bang.”

De volgende dag reizen ze naar Omhajer. Daar moet de familie zich acht dagen lang verstoppen, todat ze eindelijk de grensoversteek kunnen wagen. 

Aankomst: Sudan
Een neef en een vriend helpen hen om ’s nachts te voet de grens over de steken. De drie volwassenen dragen de kinderen en de bagage. Ze moeten patrouilles en militaire kampen ontwijken. Sommige Eritrese moeders geven hun kinderen slaappillen tijdens de oversteek, maar Siham heeft een andere strategie. “Jullie moeten heel stil zijn,” vertelt ze haar oudste twee kinderen, “anders komt er een hyena en die eet jullie op.” Dus zijn de kinderen muisstil tijdens de vijf uur durende reis. Ze zijn zich niet bewust van het daadwerkelijke gevaar. De jongste heeft sowieso geen slaappil nodig. Hij slaapt de hele weg rustig op zijn moeder’s rug.

Ze bereiken het dorpje Hamdait, net over de grens in Sudan. “Ik bedankte God uit het diepst van mijn hart.” Zegt Siham. “Ik was de enige daar met kinderen. De anderen waren verbaasd dat het me was gelukt.”

“Ik had geen extra kleren voor de kinderen.” Zegt Siham. “Ik had ze kunnen kopen, maar ik durfde de kinderen niet achter te laten of mee te nemen.” Na een week komen ze eindelijk aan in het vluchtelingenkamp Shegarab.

Maar ook het vluchtelingenkamp is gevaarlijk. Vanwege het ontvoeringsrisico moeten de kinderen binnen blijven. In het kamp is geen school, geen vriendjes. Voor Siham is het een constante uitdaging om de kinderen veilig te houden en ze af te leiden met spelletjes. Ze koopt water in jerrycans zodat de kinderen kunnen spelen met modder.

Toch weer verder
We besloten dat Khartoem een veiligere plek zou zijn voor de kinderen.” Helaas moet de reis weer stiekem gebeuren – niet-erkende vluchtelingen mogen alleen in vluchtelingenkampen verblijven – en het was dus weer gevaarlijk. De kinderen worden gedragen, de jongste door Siham, de anderen door medereizigers. Aan het eind steken ze met oude kano’s een brede rivier over.

Siham en de kinderen wachten in Khartoem zes maanden op valse paspoorten – er is geen andere keus. De Eritrese overheid geeft ‘illegale landverlaters’ geen reisdocumenten.

'Zoals mijn huwelijksdag'
Voor het laatste deel van de reis vliegt de familie vanaf Zuid-Sudan naar Uganda. “Het voelde net alsof het mijn huwelijksdag was.” Zegt Siham, lachend. De reunie is een bitterzoet en emotioneel moment. Omdat ze zo lang uit elkaar zijn geweest, herkennen de kinderen hun vader niet goed. De jongste was nog niet geboren toen Mussie vluchtte. “Waar is papa?” Fluistert hun dochter als ze in de taxi zitten. “Dat is hem!” Zegt de oudste zoon. “Herken je hem niet van de foto’s?” 

In Uganda is de familie voorzichtig om geen aandacht te trekken, omdat zelfs hier de invloed van de Eritrese overheid sterk is.  “Maar we zijn in ieder geval samen,” zegt Mussie, “en de kinderen kunnen naar school.”

Lees ook:

*Mussi is een pseudoniem.

Een abonnement op OneWorld magazine voor 25 euro

Klara Smits

Klara Smits werkt bij Europe External Policy Advisors (EEPA) in Brussel, waar...

Lees meer van deze auteur >

Reacties