Hoezo fairtrade? Wij kiezen voor direct trade en fairchain

05-08-2015 Bron: OneWorld
Ondernemers Robert Nijhof en Jits Krol richtten ijskoffiebedrijf Batavia op. Foto: Batavia
Ondernemers Jits Krol (rechts) en Robert Nijhof richtten ijskoffiebedrijf Batavia op. Foto: Batavia
Kun je idealisme combineren met commercieel succes? Met onder meer biologisch ondernemen, direct trade en fairchain koffie – de jonge zusjes van fairtrade – en het gebruik van sociale werkplaatsen, bewijst Batavia, Nederlands eerste ijskoffiebedrijf, dat dit kan.
Actueel – 

Na driehonderd jaar haalden ze Nederlandse ijskoffie uit Seoul weer terug naar Leiden. Ondernemer Jits Krol ontdekte het drankje drie jaar geleden tijdens een stage in Zuid-Korea. Daar werd ijskoffie al naar verluidt geïntroduceerd in de VOC-periode (17e eeuw). Nu drinkt bijna elke Koreaan de populaire Dutch Coffee. Alleen, Nederlanders zelf kenden het nog niet. Tot vorig jaar. Sinds Krol samen met Robert Nijhof besloot om de koude koffie naar Leiden te importeren, is er veel veranderd. Wat begon als een nostalgisch sprookje, eindigt met een succesvolle Nederlandse onderneming in Dutch Coffee. Maar met hun bedrijf Batavia willen eigenaren Krol en Nijhof meer dan geld verdienen alleen.

dutchcoffee_credit_john_brussel

Beeld: John Brussel

Vollere koffiesmaak
De meeste koffiebonen die zij gebruiken, zijn biologisch. Niet allemaal, omdat de certificaten in de meeste landen volgens Krol niet betrouwbaar zijn. “Ze claimen dan een biocertificering te hebben, maar hebben dan wel veel regenwoud gekapt om te kunnen telen.” Dat maakt het lastig om biologische koffie te vinden, zeker ook omdat kleine boeren het geld niet hebben voor zo’n certificering, legt Krol uit. “Maar we streven zo’n biocertificering wel na. Daarvoor kijken we naar de boeren zelf en hoe we van onze branders horen hoe de bonen geteeld worden.” De biologische bonen geven precies de smaak die ze zoeken, zeggen Krol en Nijhof. “Door goed voor de omgeving te zorgen is de plantage duurzaam en blijft de biodiversiteit intact. Dat komt doordat de koffieplanten niet te dicht op elkaar staan, maar voldoende schaduw en ruimte krijgen. Dit alles zorgt voor een vollere koffiesmaak.”
Ook verkopen zij hun koffie veelal in biologische supermarkten en aan bedrijven die zich inzetten voor kwaliteit en bewuste voeding, zoals de landelijke keten Anne & Max. Nijhof: “In die winkels en bij die bedrijven wordt met respect naar voeding gekeken, zoals wij dat ook doen. Wij voegen geen producten toe aan onze koffie: alleen water en vers gemalen koffiebonen.”

Omzet groeit van BataviaDat deze sociale en idealistische aanpak van het ijskoffiebedrijf werkt, blijkt uit de stijgende omzet van de afgelopen zes maanden. Nu verkopen Nijhof en Krol de calorievrije ijskoffie in meer dan vijftig Nederlandse horecazaken. Ze zitten op een koffieproductie van zevenhonderd liter per dag. Dat was nog geen half jaar geleden twintig liter. Ook zijn er contacten met Roemenië, Turkije, België en Engeland, om daar een verkooppunt te beginnen.

Lokale boeren
In het productieproces van deze bonen kiezen Krol en Nijhof bewust voor direct trade en fairchain-koffie. Dat is anders dan fairtrade, waarbij bedrijven vooral een 'eerlijke' prijs willen geven aan koffiehandelaren. Twee van de drie soorten Dutch Coffee zijn Ethiopische koffies. De eerste Ethiopische ijskoffie is van Bocca Coffee, waarvan ze zeker weten dat lokale koffieboeren goed worden betaald. Deze onderneming werkt vanuit het principe van direct trade: direct kopen van lokale boeren. Zo komen de inkomsten meteen bij de mensen terecht die ervoor gewerkt hebben.

Arbeidsomstandigheden
Bonen voor de andere Ethiopische koffie kopen Krol en Nijhof bij koffiewinkel Moyee Coffee, die fairchain werkt. Fairchain is gericht op het hele productieproces, legt Krol uit. “De bonen worden lokaal door koffieboeren geteeld, verwerkt en gebrand. Alleen het verpakken gebeurt in Nederland.” Zij laten de bonen door Ethiopische koffieboeren branden. De winst komt zo terecht bij de lokale economie in plaats van bij buitenlandse bedrijven, zegt Nijhof. “Door dit productieproces wordt de winst met 300 procent verhoogd in dat land.” Lokale arbeiders die voor Moyee Coffee werken doen dat niet bij grote multinationals, maar op kleine boerderijen die de bonen met zorg behandelen. Nijhof: “Zo zijn we ervan verzekerd dat de arbeidsomstandigheden goed zijn. Op grote boerderijen komt het wel eens voor dat het personeel slecht wordt behandeld. Zo hoorde we eens dat zij tijdens het besproeien met insecticiden slechts een paraplu kregen en gewoon moesten doorwerken tussen alle giftige dampen. Hier willen wij zo ver mogelijk vandaan blijven.”

Zo hoorde we eens dat zij tijdens het besproeien met insecticiden slechts een paraplu kregen

Een ander voordeel is dat de lokale boeren waar Krol en Nijhof mee werken verstand hebben van koffie, dus ook kwaliteit leveren. “Koffiebonen worden niet tegelijk rijp, dus moet je hen op verschillende momenten plukken. Sommige grote boerderijen oogsten toch alles tegelijk, om kosten te besparen. Dit is doodzonde van de koffie. In kleine boerderijen, waarin de boer zelf verantwoordelijk is voor zijn eigen koffie worden alleen rijpe bonen geplukt, allemaal met de hand.”

Oog voor natuur
In bovenstaand productieproces hebben Nijhof en Krol aandacht voor de natuur. Nijhof: “Onze bonen zijn niet afkomstig van stukken grond waarop bomen gekapt zijn om nog meer plantages te maken. Die kampen vaak met erosie en zijn uiteindelijk niks meer waard.” Klinkt goed allemaal, maar hoe kun je dat controleren? Volgens Krol gaan zij na waar de koffiebonen vandaan komen. “We weten op welke plekken de grond goed wordt behandeld en waar mensen goed worden betaald. Onze branders hebben intensief contact met de lokale koffietelers. Zo weten ze al snel of dit alles goed in orde is.”

Sociale werkplaatsen
Niet alleen in het buitenland, ook in eigen land willen de Leidenaren een maatschappelijke betekenis vervullen met hun bedrijf. Dat doen ze door hun ijskoffie te verkopen in sociale werkplaatsen, zoals in Heilige Rotterdamse Boontjes Koffie. Daar worden jongeren weer op het goede pad geholpen, door hen werkervaring op te laten doen. Krol: “We willen er graag aan bijdragen dat deze jongeren uit de criminaliteit blijven. Regelmatig gaan we even langs en maken een praatje met hen, of leggen uit hoe je de koffie bereidt. Een van onze koffieapparaten staat daar, zodat zij ook zelf leren hoe je Dutch Coffee maakt.”

Over een paar weken gaan zij voor ons het etiketteerwerk van de koffieflessen overnemen

Verder gaan Krol en Nijhof een deel van hun productieproces uit handen geven aan sociale werkplaatsen, zoals DZB Leiden. Deze organisatie begeleidt werkzoekenden vanuit de wet Werk en Bijstand (WWB) naar werk, vertelt Nijhof. “Vaak zijn dat mensen met een verstandelijke of lichte beperking, die op zo’n werkplaats toch kunnen werken. Over een paar weken gaan zij voor ons het etiketteerwerk van de koffieflessen overnemen. Zo krijgen zij weer een plek in de maatschappij en kunnen wij tijd besteden aan andere werkzaamheden, zoals PR en acquisitie.” Verder zijn Krol en Nijhof naarstig op zoek naar een bedrijf dat oesterzwammen wil kweken op de koffiegrond die achterblijft, omdat deze grond volgens hen ‘ideaal geschikt’ is om paddenstoelen op te kweken.

Marjolein Welling

Marjolein Welling is antropologisch journalist en schrijft over kunst,...

Lees meer van deze auteur >

Reacties