Deelnemen aan draagvlakactiviteiten vergroot de bereidheid om je in te zetten voor internationale samenwerking. Dat concludeert NCDO naar aanleiding van een onderzoek van het Verwey-Jonker Instituut. Maar het lijkt te vroeg om te juichen. foto Marloes Coppes Hebben draagvlakactiviteiten zin? Gaan mensen zich meer inzetten voor internationale samenwerking na het bijwonen van een debat of…

Deelnemen aan draagvlakactiviteiten vergroot de bereidheid om je in te zetten voor internationale samenwerking. Dat concludeert NCDO naar aanleiding van een onderzoek van het Verwey-Jonker Instituut. Maar het lijkt te vroeg om te juichen.

foto Marloes Coppes

Hebben draagvlakactiviteiten zin? Gaan mensen zich meer inzetten voor internationale samenwerking na het bijwonen van een debat of het deelnemen aan een project rond dit onderwerp? Daar weten we nog betrekkelijk weinig van. NCDO, kennis- en adviescentrum voor mondiaal  burgerschap, vroeg daarom het Verwey-Jonker Instituut om onderzoek te doen. Het Instituut bevroeg 430 mensen die samen zes debatbijeenkomsten en drie nieuwe mediaprojecten bezochten, gefinancierd door NCDO. In al deze activiteiten stond internationale samenwerking centraal.

Het eerste wat opviel, was dat deelnemers voordat de activiteit begon al positiever tegenover internationale samenwerking stonden dan de gemiddelde Nederlander. Ze wisten niet alleen meer, ze waren ook vaker actief op dit terrein dan anderen. Na afloop had een derde van de deelnemers het voornemen om zich (nog) meer in te spannen voor internationale samenwerking dan ze al deden. Een ongeveer even groot deel wilde dit overwegen. Daaruit concludeert NCDO ‘dat deze bijeenkomsten hun doel bereiken’ en het gedrag van de deelnemers ‘in positieve zin lijken te beïnvloeden’.

Draagvlakactiviteiten lijken dus zinvol. Of ze daadwerkelijk zinvol zijn, valt echter nog te bezien. De deelnemers aan deze activiteiten waren, om te beginnen, mensen die al veel affiniteit met ontwikkelingsamenwerking hadden. De debatten en nieuwe mediaprojecten slaagden er niet in om nieuwe groepen te bereiken. Er is dus niet zozeer sprake van verbreding van draagvlak, maar van een verdieping, constateert ook NCDO.

Bovendien werd niet duidelijk of mensen hun goede voornemens ook werkelijk uitvoerden. De onderzoekers waren wel van plan om dat te onderzoeken: ze benaderden de deelnemers enkele weken na afloop van de activiteit voor een nameting. De animo om daaraan mee te doen was echter zo gering, dat de onderzoekers geen uitspraak konden doen. ‘Dit is eveneens een belangrijk resultaat van deze studie’, concludeert NCDO. ‘Het toont haarscherp de problemen die onderzoekers kunnen tegenkomen tijdens evaluatieonderzoek bij dit soort activiteiten.’

Over de vraag wat draagvlakactiviteiten werkelijk teweeg brengen, tasten we dus nog altijd in het duister.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief