Imran (32) is een homo. Dat weet hij sinds hij zich als puber tot hetzelfde geslacht voelde aangetrokken. Maar op mannenliefde rust een taboe in Pakistan. Onderzoekers beweren dat de meerderheid van de Pakistanen niet eens weet wat een homoseksueel is.

Facebook verboden

Imran besloot de veilige weg te bewandelen. Hij wilde niet buiten de samenleving terecht komen en zijn moeder geen pijn doen. “Ik vroeg haar een vrouw voor mij te zoeken. Ik had twee eisen. Ze moest mooi zijn en mijn ouders respecteren.” Hij is met haar getrouwd. Samen hebben ze een dochter van twee. Hij heeft wel enkele afspraken met haar gemaakt. “Een paar keer per jaar reis ik alleen naar het buitenland. Ik vertel haar niet waarom. Maar daar heb ik mijn vriendjes. Mijn Facebook is voor haar verboden, zodat ik nog een beetje vrijheid heb. De zaterdagen ben ik niet thuis. Ze mag niet vragen wat ik die dag heb gedaan. In ruil daarvoor brengen we de zondagen als familie samen door.”

In ’t geniep

Afridi (32) is een goede vriend van Imran. Zijn ouders willen dat hij gaat trouwen. Hij probeert de boot af te houden. Want hij heeft een vriendje. Niemand vermoedt dat hij een homo is. Afridi groeide op in de Pathaanse cultuur. Waar het heel gebruikelijk is dat jongens voor hun huwelijks seks hebben met mannen. Vrouwen zijn tot ze trouwen onbereikbaar. Die groeien op binnen de hoge omheiningen van hun huis. Op hun huwelijksdag ontmoet het stel elkaar voor het eerst. Maar daarna blijven veel mannen seks met jongens hebben. “Moeders leren hun dochters in bed vooral niet te genieten en zo stil mogelijk te blijven liggen. Mannen raken op hun saaie vrouwen uitgekeken en zoeken de spannende seks met jongens weer op. Dat gebeurt natuurlijk allemaal in het geniep en heeft niets met homoseksualiteit te maken”, vertelt Afridi, die net zoals zijn vriend Imran als vrijwilliger voor een Pakistaanse LGBT-organisatie werkt.

Mannen raken op hun saaie vrouwen uitgekeken en zoeken de spannende seks met jongens weer op.

 

Mentale ziekte

Tot de jaren zeventig werd mannenliefde nog als een mentale ziekte beschouwd. Ouders lieten hun geestelijk gestoorde homo-zoon in een gesticht opnemen. Tegenwoordig bestaat er een therapie inclusief medicijnen. “In de meeste gevallen is homoseksualiteit te genezen”, vertelt een vriend die in Amerika en Australië studeerde. Hij gelooft het werkelijk. Volgens zijn geloof bestaat liefde tussen twee mannen en twee vrouwen niet. De Koran gaat slechts uit van man en vrouw. Maar die werd al weer 1400 jaar geleden geschreven. Desalniettemin vindt de meerderheid van het volk mannenliefde een zonde.

Toch is homoseksualiteit wijd verspreid over Pakistan. Niet alleen bij de Afghaanse grens houden de strijdheren, waaronder de extremistische Taliban, er een jongen op na. Door heel Pakistan misbruiken mannen jonge kinderen. Vaak mooie jongetjes die op straat worden ontvoerd. Jarenlang worden ze misbruikt. Als ze te oud zijn, worden ze ruw op straat teruggezet. Vaak komen deze kinderen in de prostitutie terecht. Maar weinig Pakistanen beschouwen deze strijdheren als homoseksuelen. Ze zouden niet durven. De mannen willen vertier. Vrouwen zijn niet beschikbaar. De jongens worden in vrouwenkleding gehesen. Er zijn filmpjes waarop is te zien hoe deze ‘meisjes’ uitdagend voor de strijdheren dansen. Daarna worden ze verkracht. Bijna iedereen is van deze misstanden op de hoogte.

‘Liberaal land’

Net zoals het heel gebruikelijk is om met je vriend hand in hand te lopen en hem tijdens de ontmoeting innig te omhelzen. Mijn westerse vrienden die voor het eerst op bezoek kwamen noemden Pakistan een liberaal land met ongelooflijk veel homoseksuelen. Tot ik ze uitlegde dat de begroeting een onderdeel is van de cultuur. Je vrouw mag je niet kussen op straat, je vriend wel.  

“Eigenlijk is het heel gemakkelijk om een homo te zijn in Pakistan”, zegt Fadh die als arts in een regeringsziekenhuis werkt, op cynische toon. “Zolang je maar niet in een roze jurk gaat lopen of het van de daken schreeuwt.”

Wat niet weet wat niet deert, geldt in Pakistan. Afridi zou zo graag zijn ouders willen vertellen over de oprechte gevoelens die hij koestert voor zijn vriend. “Als ik mijn vader vertel dat ik een homo ben, slaat hij mij het huis uit.”

Verkeerde berichten

LGBT-organisaties proberen homoseksualiteit bespreekbaar te maken. Maar dat is erg moeilijk. De Pakistaanse media vermijden het gevoelige onderwerp. Discussies worden achter het hek van de Diplomatieke Enclave in Islamabad waar de  Westerse ambassades zijn gevestigd, op internationale congressen buiten Pakistan of gesloten zaaltjes gevoerd. Daarbij wordt de pers niet uitgenodigd. De belangengroepen zijn bang voor ‘verkeerde’ berichten in de krant. Maar je moet toch ergens beginnen? De enige spreekbuis voor belangengroepen is sociale media. Maar met meer dan fotootjes van de LGBT-vergaderingen durven zij ook niet te komen.   

Na een lange discussie zucht Imran nog eens diep. “Toch denk ik wel eens dat het beter is om als homoseksueel in Pakistan met een vrouw te trouwen. Wie zorgt er voor mij als ik straks een stokoude homo ben? Ik heb kinderen die tot mijn dood er voor mij zijn. Als gay sta je er helemaal alleen voor en vereenzaam je.”

Afridi schudt geïrriteerd zijn hoofd. Hij noemt zijn vriend hypocriet. Hij wil graag de barricade op. Wie gaat er met hem mee?  

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
wilma2

Over de auteur

Wilma van der Maten woont in Jakarta en werkt als freelance journalist voor onder andere OneWorld, het Parool, DPD, VPRO, VRT en Elsevier.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief