Dit artikel maakt deel uit van de serie ‘2015: The future we want’ die OneWorld in 2013 initieerde.    

De tijd van westerse arrogantie en traditionele ontwikkelingshulp is voorbij. Over naar eerlijke handel, stelt politicologe Amma Asante.

Als klein meisje geloofde ik heilig in ontwikkelingshulp. Voor mij was ontwikkelingshulp hetzelfde als het delen van jouw rijkdom met mensen die het minder goed hadden. Wist ik veel over de diep gewortelde ongelijkheid tussen arm en rijk en over het feit dat er helemaal niet gedeeld werd, maar vaak alleen maar eenzijdig gehaald werd onder het mom van ontwikkelingshulp. Wat rijke landen  weghalen uit  arme landen staat in schril contrast met de nul komma nog wat procent van ons Bruto Nationaal Product die wij besteden aan ontwikkelingssamenwerking. Tel hierbij op de corrupte leiders uit arme landen die, in plaats van het goed te regelen voor hun bevolking, het vooral goed regelen voor zichzelf.

Hulp of arrogantie
Nu weet ik dat de wereld niet zwart wit is. Het is complexer dan dat. Ik zie namelijk dat zestig jaar ontwikkelingssamenwerking niet heeft geleid tot afname van armoede in de wereld of gelijke kansen heeft bevorderd. Bovendien heeft het een aantal ongewenste bijwerkingen: arrogante westerlingen die vinden dat zij wel ontwikkeld zijn en de rest van de wereld niet. En grote groepen arme mensen in ontwikkelingslanden die denken dat ze het niet kunnen zonder hulp van buitenaf of die het wel fijn vinden dat anderen het doen. Zo hoeven zij immers geen verantwoordelijkheid te nemen voor de dingen die niet goed gaan in hun eigen land.

Amma Asante (@Amma_Asante) is politicologe en zelfstandig adviseur. Ze was in 2012 kandidaat lid Tweede Kamer voor de Partij van de Arbeid.

Nieuw wereldtoneel
Het tij is nu gelukkig aan het keren. Wat de oorzaak precies is weet ik niet, maar wat wel heeft geholpen is de mondiger geworden samenleving en de economische crisis. Het is niet langer vanzelfsprekend om zonder zichtbare resultaten geld aan arme landen te geven, terwijl wij het hier met minder moeten doen. Wat zeker heeft bijgedragen is de economische groei elders in de wereld. Landen als India, Brazilië en landen in Afrika genieten ongekende economische groei. En op het internationale toneel laten nieuwe spelers van zich horen. Er zijn steeds meer mensen die opgeleid zijn, gezonder zijn en langer blijven leven. Dankzij zestig jaar ontwikkelingssamenwerking roepen sommigen. Ik weet het niet, het is in ieder geval nog niet aangetoond. Het moge duidelijk zijn;  de verhoudingen zijn aan het schuiven. De alom gehate en gevreesde China die hard werkt aan wegen, huizen en bruggen in Afrika. Met de inmenging van nieuwe spelers op het wereldtoneel ontstaat ook meer keuzevrijheid voor ontwikkelingslanden om hun ontwikkelingspartners te kiezen. Afrikanen zijn blij en roepen luid dat ze liever geholpen worden door de Chinezen dan door de Europeanen want die laten in ieder geval tastbare zaken achter. En ze zeuren niet over mensenrechten en de positie van vrouwen.

Eerlijke handel
Anticiperend op wat er komen gaat, namelijk dat wij op het terrein van ontwikkelingssamenwerking niet langer het alleenrecht hebben en moeten opboksen tegen nieuwe spelers, zetten wij voortaan in op handel. Dat is immers waar wij goed in zijn. Bovendien kunnen wij hiermee makkelijker uitleggen aan de kritisch geworden belastingbetaler dat ontwikkelingshulp nu direct bijdraagt aan onze eigen staatskas. Dat gebeurde voorheen ook al, maar nu zeggen we het zonder schaamte hardop. Het is goed dat het zo gebeurt. Het is transparant, eerlijk en het biedt nieuwe perspectieven. Ik heb nog een wens. Ik wil namelijk niet zozeer een minister van Handel en Ontwikkelingssamenwerking maar een  minister van Eerlijke Handel en Internationale Samenwerking. Dat betekent maximale inspanning voor eerlijke grondstofprijzen, openstelling van onze markt voor eindproducten uit ontwikkelingslanden en strijd tegen westerse multinationals die in ontwikkelingslanden geld verdienen, maar door handige constructies hun belastingplicht ontduiken. Internationale Samenwerking spreekt eigenlijk voor zich. We gaan handelen en hopen dat niet alleen wij, maar ook arme landen ervan profiteren  en dat zij daardoor zichzelf gaan ontwikkelen. Wij gaan het niet langer voor hen doen. Dat doen zij voortaan zelf.
 

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Amma Asante kwam in 1978 vanuit Ghana naar Nederland. Ze studeerde Politieke Wetenschappen aan de universiteit van Amsterdam, is …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief