Op de dag van de vrijlating daalden we diep het bos in, om zo dicht mogelijk bij de basis van de gewapende groep te komen. Het plan was om de kinderen vanaf daar te begeleiden, heuvelopwaarts, naar de vrijheid. Het was een hete en vochtige middag. De commandant, gekleed in een gescheurd Bob Marley T-shirt, wachtte ons op in het midden van de open plek. Om hem heen stonden in lompen geklede kinderen, sommigen van hen pas zes of zeven jaar jong. Ze droegen traditionele camouflage gemaakt van bladeren, hun gezichten waren bedekt met zwarte modder. Ze zwegen. Op het signaal van de commandant moesten de kinderen zich ontdoen van hun traditionele kledij. Ze lieten hun messen op de grond vallen en begon te lopen. De commandant nam mijn hand: "Zie je dit kleintje," zei hij wijzend naar een jongetje, "hij is pas zeven. Ik geef hem aan jou. Maar je moet goed op hem passen, want … he knows how to kill." – Donaig Le Duc, UNICEF CAR (vrijlatingsceremonie, juli 2015)

Op 5 mei 2015, terwijl heel Nederland bevrijdingsdag viert, krijgen zes- tot tienduizend kindsoldaten in the Centraal Afrikaanse Republiek (CAR) hun vrijheid terug. Op papier althans: deze dag wordt een akkoord gesloten met de gewapende groepen in het land om alle kinderen in hun rangen vrij te laten. Dat zou gebeuren in de loop van dit jaar en begin volgend jaar.

Sindsdien worden kinderen in groepjes vrijgelaten. Tijdens de laatste ceremonie, op 28 augustus, kregen 163 kindsoldaten hun vrijheid terug. Een belangrijke mijlpaal is bereikt.

Vrij?
Toch zijn we er nog lang niet. Want vrijgelaten worden, is voor veel voormalig kindsoldaten niet hetzelfde als vrij zijn. De vrijgelaten kinderen worden nog lang achtervolgd door de verschrikkelijke dingen die ze hebben gezien en gedaan.

Vrijgelaten worden, is voor veel kindsoldaten niet hetzelfde als vrij zijn

Bovendien is niet makkelijk om terug te keren in de maatschappij. Voormalig kindsoldaat en UNICEF ambassadeur Ishmael Beah weet er alles van: “het was makkelijker om kindsoldaat te worden dan terug te keren naar de maatschappij”. Ook in CAR zullen de vrijgelaten kinderen worden gewantrouwd. Hun daden boezemen hun families en vrienden angst in. Waartoe zijn ze in staat? En wat als ze nog banden hebben met de milities? Angst en afschuw overheersen. Jongens worden gezien als onhandelbaar en meisjes, die vaak seksueel misbruikt zijn, als onrein.

Juist nu is het belangrijk om er op toe te zien dat deze kinderen ook daadwerkelijk vrij worden gelaten, dat ze de juiste zorg krijgen en, wanneer mogelijk, herenigd worden met hun families.

Eén belangrijke taak is het bemiddelen tussen kinderen en hun omgeving. Door gemeenschappen te stimuleren de kinderen weer op te nemen, kunnen de kinderen veilig terugkeren naar hun huis. Want wanneer kinderen niet goed worden opgevangen, of geen mogelijkheden hebben, bestaat de kans dat ze terugkeren naar de gewapende groepen.

Meisjes Als we aan ‘kindsoldaten’ denken, denken we gauw aan jongens. Toch is één op de vier kinderen geassocieerd met gewapende groepen een meisje. Deze meisjes worden ingezet als kok of hulpje en worden vaak seksueel misbruikt.

Vergeten land, vergeten kinderen
Hoewel hulporganisaties dit weten, is het moeilijk om aandacht en fondsen te vinden voor de opvang en re-integratie van de voormalig kindsoldaten. In de Centraal Afrikaanse Republiek speelt een groot deel van de oorlogsmisdaden zich af buiten het zicht van de camera’s. Veel media besteden maar mondjes maat aandacht aan de schendingen van mensen- en kinderrechten. Het land is een zogenaamde ‘donor-orphan’, een vergeten land dat niet interessant is voor investeerders.

In conflicten zoals in de Centraal Afrikaanse Republiek, zijn kinderen vaak de grootste verliezers. Daarom is het belangrijk dat er meer aandacht komt voor de problematiek rondom kinderen in gewapende conflicten. De internationale gemeenschap moet ervoor zorgen dat er nu voor eens en altijd een einde komt aan het rekruteren van kindsoldaten in de Centraal Afrikaanse Republiek. Want het mag toch niet zo zijn dat deze kinderen vergeten worden?

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Programmamedewerker bij Unicef.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief