“Dat verschrikkelijke ligt altijd op de loer sinds er oorlog is. Maar we praten er niet over”, zegt Nyakuoth Turk Wich op zachte toon. Ze kijkt met een veelbetekenende blik naar de familieleden om haar heen. Dan richt ze haar aandacht op de pan met pruttelend vet waarin ze bolletjes deeg laat glijden. Zwijgend kijkt ze hoe de Zuid-Sudanese versie van oliebollen goudbruin kleuren.

Met het “verschrikkelijke” doelt ze op verkrachting. In het Nuer, de taal van het gelijknamige volk waartoe de 26-jarige behoort, bestaat er weliswaar een woord voor. Maar zelfs op het hardop uitspreken ervan, rust een taboe. Verkrachtingen als oorlogsmiddel zijn volgens hulpverleners aan de orde van de dag, sinds een machtsstrijd tussen president Salva Kiir en zijn voormalige vicepresident Riek Machar ontaardde in een bloedig en etnisch conflict. Kiir is een Dinka, het grootste volk in Zuid-Sudan, terwijl Machar een Nuer is.  

Nyakuoth Turk Wich woont met haar zeven kinderen, man, broer en zes andere familieleden in een rieten bouwsel met VN-blauw dekzeil als dakbedekking. Hun huis in het 9 kilometer verder gelegen Bentiu is verwoest en daarom zocht de familie een veilig heenkomen in het spontaan ontstane ontheemdenkamp naast de basis van UNMISS, de VN-missie in Zuid-Sudan. Er heeft geen registratie plaatsgevonden, maar er wordt aangenomen dat er zo’n 45.000 mensen leven.

Het onderkomen waar Wich nu woont is 6 bij 4 meter en staat vol met bedden. Regelmatig loopt de aangestampte vloer onder water omdat de overtollige regen niet snel genoeg zakt in de kleigrond. Het kookvuur staat vlakbij de ingang. Ze hoopt geld te verdienen met de oliebollen om extra voedsel te kopen, want ze komt niet rond van wat ze krijgt van hulporganisaties.

Hout sprokkelen
Brandhout is een groot probleem voor Wich en andere vrouwen in het kamp. Niet alleen is het meestal vochtig, maar ze moeten ook ver lopen om het te vinden. “Alles wat we buiten het kamp doen, is gevaarlijk. Een paar dagen geleden werd ik met enkele andere vrouwen aangehouden door soldaten. Dinka! Ze vroegen of we Nuer waren en ze zeiden lelijke dingen. Ze gooiden stenen naar onze kinderen om ze te verjagen. Later lieten ze ons naar huis gaan."

Zijn de vrouwen verkracht? Het is onmogelijk die vraag te stellen. En hij zou ook niet beantwoord worden. Bij de Nuer en bij de meeste andere volken in Zuid-Sudan brengt verkrachting niet alleen schande voor het slachtoffer, maar voor de hele familie. Vrouwen riskeren uitgestoten te worden. Wat er ook gebeurt, het moet een geheim blijven.

“Hout sprokkelen is vrouwenwerk. Toch heeft mijn broer aangeboden om het te doen. Maar voor hem zou het een doodsvonnis zijn. Hij zou direct worden gedood door de Dinka soldaten omdat hij een man is, een mogelijke rebel”, merkt Wich op terwijl ze oliebollen uit het vet vist. Er zit niet anders op dan met een grote groep vrouwen hout te zoeken en hopen geen militairen tegen te komen. Er moet ten slotte gegeten worden en zonder hout gaat dat niet.  

Erger dan elders
Mensenrechtenonderzoekers van de VN en andere hulporganisaties meldden dat Nuer vrouwen werden verkracht door regeringsmilitairen en strijders van JEM, een rebellengroep uit de Darfoerregio van het buurland Sudan, die het Zuid-Sudanese leger hielp Bentiu te veroveren. Toen later de opstandelingen van Machar het stadje heroverden, riepen ze via de lokale radiozender op om vrouwen van de vijand te verkrachten.

“Verkrachtingen hier zijn erger dan in Congo of waar dan ook”, meent Toby Lanzer, de humanitair coördinator van de VN in Zuid-Sudan. “Het gebeurt aan beide kanten van het conflict en overal in het land. Er zijn gruwelijke verhalen van bijvoorbeeld een patiënte in een ziekenhuis in Malakal. Ze was in haar bed verkracht en daarna gedood.”

Er zijn 800.000 Zuid-Sudanezen naar buurlanden gevlucht en een kleine anderhalf miljoen raakte ontheemd. Het officiële dodental is 10.000, maar ligt in realiteit waarschijnlijk veel hoger. Maar er is nauwelijks data over verkrachtingen tijdens het conflict. Onderzoek ter plekke doen is moeilijk. Het land is in het droge seizoen moeilijk te bereizen door het gebrek aan infrastructuur. In het huidige, half jaar durende, regenseizoen zijn vele gebieden niet of nauwelijks toegankelijk.

Indirecte signalen
“We kunnen wel aannemen dat seksueel misbruik op grote schaal plaatsvindt. Ondanks dat het een taboe-onderwerp is, zijn er tal van indirecte signalen die aangeven of een vrouw verkracht is”, vertelt de Amerikaanse Christine Heckman die met informatie van tal van organisaties probeert de misdaad in kaart te brengen.

Een indicatie is als een vrouw abrupt ophoudt borstvoeding te geven aan haar baby. In de cultuur van zowel Nuer als Dinka zijn borstvoeding en seks niet verenigbaar. Een vrouw die vreemde excuses aanvoert over waarom ze geen hout heeft gehaald en haar gezin hongerig naar bed moet, is een mogelijk andere aanwijzing. Ook worden volgens Heckman meer miskramen gemeld dan gewoonlijk. “Slechts een enkel slechtoffer durft seksueel misbruik te melden en hulp te zoeken. Het merendeel lijdt zwijgend en gaat  niet naar de dichtstbijzijnde kliniek om preventief aidsremmers te halen.”

Geruild voor koeien
Bij de Dinka en Nuer, beiden herdersvolken, hebben vrouwen beduidend minder rechten dan mannen, maar zijn wel uiterst waardevol voor de familie. Jonge meisjes worden uitgehuwelijkt voor enorme bruidsschatten, meestal in de vorm van koeien. De verkregen rijkdom komt de hele uitgebreide familie ten goede. Meisjes die geen maagd meer zijn verliezen enorm aan waarde voor de familie.

“In een land waar grote ongelijkheid bestaat tussen mannen en vrouwen is de kans op verkrachting als oorlogswapen groot”, merkt Christine Heckman op. “Het is belangrijk om te weten hoe erg het is. Data kunnen hulpverleners helpen om manieren te zoeken slachtoffers op te sporen en te helpen. Ook is het belangrijk voor eventuele pogingen tot strafvervolging.”

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
One-World2c-Ilona-Eveleens

Over de auteur

Freelance journalist

Ilona Eveleens is freelance journalist en woont meer dan twintig jaar in Kenia. Ze reist regelmatig naar diverse Afrikaanse landen waarover …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief