In Bulgarije en Servië heerst een nieuwe trend: kinderen uit tehuizen worden teruggebracht naar hun eigen ouders of naar pleeggezinnen. Eindelijk! Maar zijn die nieuwe opvangouders daar wel klaar voor?

Wie de BBC-documentaire Bulgaria’s Abondoned Children ziet, over gehandicapte kinderen in Bulgaarse tehuizen, denkt meteen: die kinderen moeten daar weg. Ze zijn ondervoed, vastgeketend aan hun bed, slapen in hun eigen uitwerpselen. In het tehuis in Mogilo veranderen kinderen die ‘enkel’ doof of blind zijn in apathische wezentjes die de hele dag in een hoekje met hun hoofd zitten te knikken.
Tussen 2000 en 2010 stierven 166 Bulgaarse kinderen in tehuizen. Nodeloos, aldus het Bulgaars Helsinki Comité. Ook in buurland Servië bleek de situatie in tehuizen schrijnend: er was een gebrek aan hygiëne, voedsel en goede zorg.

Ommekeer
Sinds enkele jaren varen zowel de Servische als de Bulgaarse overheid een nieuwe koers. Ze willen dat ook gehandicapte kinderen bij hun ouders blijven, of anders worden opgevangen in pleeggezinnen. “Woonden er in 2007 ongeveer vijfduizend kinderen in tehuizen en duizend in pleeggezinnen, nu is het andersom”, zegt Zeljka Burgund, directeur van de Servische afdeling FICE, een netwerkorganisatie van en voor professionals die met jongeren werken. Met Nederlands en Europees geld werden sociale werkers getraind om de ouders en pleeggezinnen bij te staan. Mediacampagnes moesten Bulgaren en Serven warm maken om een pleegkind in hun gezin op te nemen.

Vergoeding
“De vraag is of mensen om de juiste reden een kind in huis nemen”, zegt Burgund. “Er is veel werkloosheid. Een gezin dat een pleegkind opvangt krijgt daarvoor een klein ‘salaris’ – zo’n 100 euro per maand.” Om de kans op succes zo groot mogelijk te  maken, heeft elke familie een eigen counselor die een vinger aan de pols houdt. “En we komen uit een slechte situatie”, benadrukt Burgund nog eens. “We proberen nu uit wat het beste is.”

In Bulgarije verloopt de overgang van tehuizen naar thuisopvang moeilijker. “De Bulgaarse autoriteiten realiseren zich dat individuele aandacht noodzakelijk is voor de gezondheid en de ontwikkeling van kinderen. En dat ze die aandacht in instituten niet krijgen”, zegt Bisser Spiroy van Lumos, de Bulgaarse organisatie die de ‘de-institutionalisering’ ondersteunt. “Helaas zijn er te weinig financiële middelen om ouders en pleegouders bij te staan. Er zijn ook weinig sociale werkers. Geen wonder, want zij verdienen maar 400 leva (200 euro) per maand.

Thuis met een baby
Zijn kinderen bij hun ouders altijd beter af dan in een tehuis? Roemjana Kraleva, directrice van het rehabilitatie- en integratiecentrum in Dalbok, een dorpje 200 kilometer van Sofia, denkt van niet. De vijfentwintig kinderen die zij opvangt krijgen wél aandacht en in het centrum is gezond eten en genoeg te doen.  Een deel van de kinderen woont in het centrum omdat hun ouders door armoede of psychische problemen niet voor hen kunnen zorgen. Toch worden die kinderen steeds vaker teruggeplaatst bij hun ouders.
“Dat geeft problemen, zeker als het om Roma-kinderen gaat”, zegt Kravela. De directrice herinnert zich een 13-jarige meisje uit een gezin van negen kinderen. “In de winter sliepen ze in gekraakte auto’s. Naar school gingen ze niet. Eenmaal in de opvang kon het meisje een opleiding volgen en bleek ze heel sociaal.” Vanwege de nieuwe politiek moest het meisje na twee jaar opvang terug naar huis. Kravela: “Nu zit ze thuis en heeft ze een baby.”

Bekijk hier de documentaire.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief