Ruim driehonderd mensen wachten op hun beurt voor het registratiecentrum van UNHCR, de VN Vluchtelingenorganisatie, in Beirut. In de rij staan Irakezen, Soedanezen en, vooral, Syriërs die gevlucht zijn voor het al bijna vier jaar voortdurende geweld in hun land. Sommigen wachten een paar uur voordat ze naar binnen mogen, anderen de hele dag. Sinds kort staan er twee overkappingen op het ommuurde terrein. Hoewel een deel van de wachtende vluchtelingen daar op een stoel zit, staat een groot deel in de felle, brandende zon voor het loket. Achteraan op het stoffige terrein staat een kleurrijk gebouwtje. Als je dichterbij komt, wordt het geluid van lachende kinderen en kletterende duploblokken steeds luider.

Cijfers

  • Meer dan 50 procent van de Syrische vluchtelingen in Libanon is minderjarig.
  • Zo’n 40 procent van hen is 11 jaar of jonger.
  • Ongeveer de helft van de Syrische kinderen krijgt geen enkele vorm van scholing .

Binnen hangen posters en knutselwerkjes aan de muur. In deze ‘kindvriendelijke ruimte’ kunnen kinderen zich een paar uur uitleven met torens bouwen, tekenen en actieve spelletjes spelen. Ouders leunen op de vensterbank van de open ramen en kijken tevreden naar hun rondrennende kinderen. “Deze plek is fantastisch”, zegt een moeder, “de eerste keer dat ik hier kwam, was ik bang dat de kinderen in de stress zouden schieten. Dit centrum kan een erg stressvolle omgeving zijn.  Maar kijk ze nu eens genieten!” Op dat moment krijgt haar zoon een groot applaus van de groep voor zijn toren die hoger is dan hijzelf.

In Libanon huizen momenteel zo’n 1,5 miljoen Syrische vluchtelingen. Meer dan de helft daarvan is minderjarig. Veel van deze Syrische kinderen hebben geen speelgoed. Hun ouders konden het niet meenemen tijdens hun vlucht en geld voor nieuw speelgoed is er niet. Ook buitenspelen is vaak lastig. Veel kinderen wonen in drukke of onveilige buurten.

“Het is heel mooi om te zien hoe kinderen van allerlei verschillende achtergronden hier samen spelen en samenwerken,” vindt Hassan. Samen met Bedros werkt hij hier als animator voor War Child. De Libanese jongens halen veel voldoening uit hun werk. Zo geniet Bedros van de spelende kleine kinderen. “Ze zijn zo open en je kunt hen nog zoveel leren. Kleine kinderen vertrouwen je ook heel snel en geven je meteen al hun liefde. Het voelt alsof je even hun vader bent.” Hassan en Bedros proberen de kinderen tijdens de activiteiten ook wat bij te brengen. “Veel Syrische kinderen zijn hier alleen met hun moeder. Vaders zijn omgekomen, nog in Syrië of ergens anders in Libanon aan het werk. Daarom willen we een goed mannelijk rolmodel te zijn. We kunnen hun vader niet vervangen, maar we kunnen wel invloed hebben op het beeld dat kinderen van een ouderfiguur hebben,” aldus Bedros. Hassan vertelt dat het voor hemzelf vroeger heel anders was: “In mijn jeugd waren er veel regels en had ik weinig vrijheid om mezelf te uitten. Met deze kinderen herleef ik mijn eigen jeugd ook een beetje, op een positieve manier.”

Veel Syrische kinderen zijn hier alleen met hun moeder. Vaders zijn omgekomen, nog in Syrië of ergens anders in Libanon aan het werk.

Maar regels zijn er natuurlijk ook in de ‘kindvriendelijke ruimte’. Zo mogen kinderen niet roepen of slaan en worden ze aangemoedigd om beleefd tegen elkaar te praten. Omdat veel kinderen verschrikkelijke dingen hebben meegemaakt tijdens de Syrische oorlog, hopen Hassan en Bedros hen hier te leren om met al die emoties om te gaan. “Elk spel heeft daarom een doel. Mijn favoriet is het tekenspel waarin we de vier seizoenen afgebeeld hebben. Kinderen mogen alles tekenen wat zij daarmee associëren. Je krijgt daardoor een inkijkje in hun gedachten, ” aldus Hassan. Het is wel moelijk om de kinderen echt langdurig te volgen. Meestal komen ze hier alleen als de ouders papierwerk bij UNHCR moeten regelen. Het is daarom ook niet mogelijk om hen hier scholing te bieden.

“Tijd voor het gekke kippenspel!”, roept Hassan, doelend op de activiteit die is bedoeld om kinderen een uitlaatklep te geven voor hun boosheid of onrust. Terwijl Hassan en Bedros samen met de  vijfentwintig kinderen zo snel mogelijk met hun armen en benen in de lucht zwaaien, kijkt een vader lachend door het raam. Op zijn arm zit een meisje. Even later staan ze samen bij de deur, waar collega’s van Hassan en Bedros hen verwelkomen. Terwijl zijn dochtertje naar de groep loopt, zegt de man  met een flauwe glimlach: “Nu nog een oudervriendelijke ruimte.”

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Marit de Loojer zit momenteel voor een onderzoeksstage in Libanon. Ze neemt daar onder andere de vluchtelingenhuisvesting onder loep.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief