De telefoon gaat. Wie belt er in hemelsnaam om drie uur ’s nachts? Er moet iets vreselijks zijn gebeurd. Geen nummervermelding, nog onrustbarender. Een onbekende stem aan de andere kant van de lijn. Met wie spreek ik? De vraag moet drie keer worden herhaald voordat er een antwoord komt in het Engels met een vet Nigeriaans accent: ‘Wie van je vrienden of familieleden in het buitenland zou je op dit tijdstip bellen?’

Ik verbreek de verbinding, de onhandige contactpoging van deze potentiële oplichter in de kiem smorend. Laat ik het maar eerlijk vertellen. Nigerianen hebben me behoorlijk teleurgesteld.

Waarschuwingen
Voordat ik voor het eerst naar dit land kwam, heb ik me ernstig verdiept in alle bekende oplichterspraktijken. Nigeria is het koninkrijk van de zwendel, was mij verteld. Bevreesde Europeanen verhaalden over de snaakse wijzen waarop Nigerianen de rest van de wereldbevolking weten te bedotten, meestentijds door mails te sturen waarin ze zich uitgeven voor wanhopige erven van vaders/echtgenoots/ooms met miljoenen en een dringende behoefte aan een tijdelijke Europese bankrekening. Stel je voor dat je je persoonlijk begeeft in dit land van meesteroplichters! Voordat je er erg in hebt, hebben ze je geld in handen of heb je contracten ondertekend waarin je afstand doet van je fortuin en dat van de drie generaties na jou–ten bate van een postbusonderneming op de Kaaiman Eilanden.

Vastbesloten niet voor de gek te worden gehouden, bereidde ik me voor op het ergste. Ik zou niet een van die blanke onnozelen worden. Ik nam me voor geen Nigeriaanse ziel te vertrouwen en was klaar voor de confrontatie.

Niet spotten met de wet
Hoezeer viel de realiteit me tegen toen ik eenmaal in Nigeria was aangekomen! Ik ontmoette vreemdelingen die waakten bij mijn ziekenhuisbed toen ik werd opgenomen met ernstige voedselvergiftiging. Ik maakte Lagosiaanse vrienden die ik inmiddels vertrouw met mijn reservehuissleutels. Een vriendin bood me aan haar Nigeriaanse bankrekening te gebruiken toen ik er zelf nog geen kon openen, en al die tijd is er geen euro van me verdwenen. Op de Sango markt in Ibadan, een grote stad ten noorden van Lagos, waar ik tomaten had gekocht zonder me te realiseren dat ik teveel had betaald, kwam de marktvrouw me achterna met mijn 20 naira (10 eurocent) wisselgeld: ‘Madam, ik kan uw geld niet stelen.’ En ik vond een tweekamerappartement op het vasteland van Lagos met een huisbaas die stond op een huurcontract volgens het boekje, getekend in het bijzijn van een onafhankelijke advocaat, omdat hij vond dat je niet moest spotten met de wet.

Ondertussen heeft niet één Nigeriaanse fraudeur gepoogd me op te lichten.

Talentloos bedriegen
De paar keer dat mensen hebben getracht me te beduvelen, zag ik het van mijlenver aankomen. In de ogen van de taxichauffeur stond duidelijk te lezen, ‘Zou ze erin trappen?’ toen hij het buitensporige bedrag van 5000 naira vroeg voor een kort ritje van het hoofdstedelijke vliegveld naar het kantoor van de immigratiedienst. De ober in de hotelbar waar ik wachtte op een contactpersoon draalde net iets te lang met de bankbiljetten om mij niet te alarmeren dat hij me maar de helft teruggaf van mijn wisselgeld. En het nachtelijke telefoontje van de vreemdeling was weer een voorbeeld van weinig indrukwekkend talent tot bedriegerij. Hoe had hij gehoopt dat het slachtoffer van zo’n oplichtingspoging zou reageren?

‘Maar als dat niet oom Henry in de VS is! Hoe gaat het ermee? U wilt me geld sturen? Dank u wel hoor, hier heeft u mijn bankrekening. O, ik moet eerst geld overmaken? Vlug, geef met het nummer, dan schrijf ik het meteen over.’

Serieus?

Onsuccesvol verdienmodel
Ik besefte voor het eerst dat internetfraude een behoorlijk onsuccesvol businessmodel moet zijn in mijn tijd op de campus van de Universiteit van Ibadan in 2009. Om mij mail te checken ging ik altijd naar een cybercafé op de begane grond van het Agbowo winkelcentrum, tegenover de campus. Het zat er vol met jonge mannen die duizenden berichten verstuurden aan westerlingen die ze hoopten te kunnen oplichten. De hele dag verstuurden ze e-mails. Elke dag van de week. Me realiserend dat dit ongetwijfeld niet de enige locatie in het land was waar zulke massale zwendelpogingen plaatsvonden, concludeerde  ik dat de strategie niet erg effectief kon zijn. Was ze dat wel, dan zouden veel grotere aantallen mensen erin moeten trappen dan nu het geval is.

Ik heb de Nigerianen door. Natuurlijk, zoals bij ieder volk, zijn er onder hen ook boeven. Je zou zelfs kunnen stellen dat hun aantal aanzienlijk is, omdat er zo veel Nigerianen rondlopen op de wereld–een op de vijf Afrikanen is Nigeriaan en het is het volkrijkste land van Afrika. Maar dat doet niets af aan het feit dat de overgrote meerderheid van de Nigerianen niet in de categorie van fraudeurs valt. En dat ik meer Nigerianen heb ontmoet die ik zou vertrouwen met mijn huissleutels, dan die hebben getracht me te belazeren.

De grootste oplichterij die Nigerianen hebben weten te voltrekken, is de wereld te doen geloven dat ze allemaal zulke meesteroplichters zijn.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Femke van Zeijl woont en werkt als freelance correspondent in Lagos, Nigeria. Zij is de enige Nederlandstalige journalist gevestigd in …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief