Aan mij werd niets gevraagd toen ik met mijn rugzak de elektronicawinkel binnenstapte. Aan mijn vriendin ook niet. Haar vriend werd vriendelijk doch streng op de aanwezige kluisjes gewezen: inleveren, jouw rugzak mag niet mee. Alsof Juan – toevallig of niet een jongeman van Colombiaanse afkomst – een potentiële crimineel is, en ik niet.

Toen ik nog geen kortingskaart voor de trein had, vroeg ik medereizigers of ik op hun OV-kaart mocht meeliften. Op goed vertrouwen kocht ik van tevoren al een kaartje met 40% korting. Als uitverkorene hoef je niets te doen om mij te helpen: ik zal zwijgend naast je zitten, verdiept in mijn eigen boek en zodra de conducteur om de hoek komt, geef ik een licht knikje in jouw richting en mompel iets als “hoor bij haar”. Leek me bovendien gezellig.

Het samenreizen ging minder makkelijk dan ik mij had voorgesteld. Mensen die ik aansprak keken mij verstoord, geïrriteerd en zelfs wantrouwend aan. Ik was teleurgesteld en schrok van mijn eigen gedachten: ik ben een blanke vrouw, Nederlands en zelfs ik word hier niet vertrouwd. Direct kreeg ik de neiging om met mensen in discussie te gaan en te wijzen op hun grove denkfout. Een denkfout die mij pijn deed, want ik wil niet als kwaadaardig gezien worden.

Wraak
Juan was net als ik niet echt van plan om telefoons en harde schijven te stelen bij de groothandel in gadgets en beeldbuizen. Toch werd hij van de argwanende behandeling zo verdrietig, dat wij alledrie de neiging kregen om de miljoenenzaak te beroven. Gewoon, om wraak te nemen. En omdat het niet de eerste keer was. Juan voelt namelijk vaak het juk van achterdocht op zijn schouders, en dat maakt hem nijdig.

Wie nog nooit iemand met een hoofddoekje heeft ontmoet, vreest waarschijnlijk dat er allerlei vreemds onder schuilgaat. Jammer dat we hierbij niet denken aan leuk, interessant, verrassend en vernieuwend. Zo maken we elkaar met valse verdenkingen eenzamer, bozer en gefrustreerd – en daarmee enger – dan we eigenlijk zijn. Zoals Juan het mooi verwoordt: op het moment dat je iets niet weet, ga je denken. En dat denken komt vaak neer op “invullen met angstige gedachten die voortkomen uit onwetendheid”.

Samen reizen
Ik stel voor dat we voortaan carpoolen, met trein, bus of metro. Bij het inchecken wordt je gekoppeld aan een willekeurige onbekende die ook op het perron staat te wachten – het liefst juist aan diegene die je het meest afschrikt – en voor de komende reis ben je tot elkaar veroordeeld. De persoon die bij aankomst nog steeds eng is, mag je laten lopen. De rest mag je knuffelen. Voor elk verloren vooroordeel ontvang je 40% korting.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Marieke ten Velde (1985) schrijft voor OneWorld over haar ontdekkingen als nieuwsgierige wereldburger en werkt in het onderwijs. 
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief