Maresa Oosterman is diplomate bij de Permanente Vertegenwoordiging van Nederland bij de Verenigde Naties in New York. Voor OneWorld blogt ze over Rio+20. “Na dagen en nachten onderhandelen moeten we slikken dat allerlei dingen waar we tot het eind aan toe voor gevochten hebben, niet in het slotdocument zitten.”

 

 

 

 

Na dagen en nachten onderhandelen en na uren wachten kwam Braziliëons om half drie ’s nachts uit ons lijden verlossen. De voorzitter kondigde aan dat ze een tekst  hadden om aan de top aan te bieden. Met als beeldende titel ‘The Future We Want’. Wij zouden die tekst om zeven uur in de ochtend krijgen en om tien uur kunnen bespreken.

 

We rekenden gauw uit dat we met een busrit van anderhalf uur voor de boeg nog maximaal viereneenhalf uur zouden kunnen slapen. We waren wel een beetje verbaasd en bezorgd, want er waren nog allerlei stukken tekst waar we het niet over eens waren. Wat zouden de Brazilianen daarmee gedaan hebben? Wat zouden we morgen nog kunnen veranderen?

 

Slikken

De volgende dag bleek dat veel onderwerpen die voor ons belangrijk waren niet in het document stonden. Maar de Brazilianen waren onvermurwbaar. Dit document gingen ze aan de regeringsleiders en ministers aanbieden, die de volgende dag allemaal op de stoep zouden staan. Wij moesten slikken dat allerlei dingen waar we als ambtenaren tot het eind aan toe voor gevochten hadden er niet in zaten.

 

Dus geen erkenning van het recht van vrouwen om over hun eigen voortplanting te beslissen, maar wel dat gezondheidszorg voor zwangere vrouwen belangrijk is. Wel redelijke teksten maar geen concrete actiepunten voor voedselzekerheid of water. Wel verwijzingen naar het belang van de private sector voor duurzame ontwikkeling maar geen concrete afspraken over de manier waarop die er beter bij betrokken kan worden.

Geen hoge VN-gezant die op kan komen voor het belang van toekomstige generaties, wel een verzoek aan Ban Ki-moon om te onderzoeken hoe zij een stem kunnen krijgen.

 

Huwelijk

Waarom is het toch zo moelijk om afspraken te maken die hard nodig zijn? Misschien willen we te snel. Het kan in een huwelijk tussen twee mensen al moeilijk zijn om goed te communiceren en afspraken te maken. En soms is dat toch nodig als je het gezellig wilt houden, als de rekeningen betaald moeten worden en als het huis een zwijnen stal dreigt te worden.

Eigenlijk is het een mirakel dat communicatie tussen bijna 200 overheden meestal beschaafd blijft en soms tot de nodige afspraken leidt. Overheden die allemaal op hun beurt rekening moeten houden met hun regionale groepen, hun parlementen en belangengroepen.

Dus laten we eens kijken of het glas ook half vol is. In dit document hebben we voor het eerst uitgebreid aandacht besteed aan groene economie. Een begrip dat tot voor kort onbespreekbaar was in de VN. Kom niet aan onze economie, is de reflex van veel landen. Dat een economie beter draait als water, voedsel en grondstoffen niet al te schaars en dus duur worden begint misschien door te dringen.

 

Bedrijven

Maar er wordt ook duidelijk gemaakt dat duurzame ontwikkeling niet alleen over milieu gaat, omdat het niet gaat lukken zonder redelijk werk voor mensen of als mensen buitengesloten worden van ontwikkeling. Om dat ook in cijfers te vertalen hebben we de VN gevraagd om te werken aan manieren om bij de bepaling van het Bruto Nationaal Product niet alleen de economie mee te tellen, maar ook het milieu en sociale omstandigheden.

We erkennen dat bedrijven een belangrijke rol kunnen spelen voor duurzame ontwikkeling, maar we vragen ze ook om te rapporteren over duurzaamheid, naast hun financiële rapportage. Vooruitstrevende bedrijven vragen ons zelfs om dat verplicht te stellen. Maar daarover later meer.

We hebben afgesproken dat we het VN systeem zo gaan verbeteren dat het  daadkrachtiger en efficienter aan duurzame ontwikkeling kan werken. We gaan zorgen dat doelen voor duurzaamheid onderdeel worden van een update van de doelen die we al voor ontwikkeling hebben (de ‘Millenium Development Goals’).

 

Taboe

We gaan een strategie voor financiering van duurzame ontwikkeling in ontwikkelingslanden maken. Daarmee is de deur op een kiertje gezet om niet alleen over hulp van rijke naar arme landen te praten. Dat is mooi, want wij willen het graag ook hebben over bijdragen van opkomende economieën en van grote filantropische instellingen, over investeringen van de private sector, en over de rol die ontwikkelingssamenwerking kan spelen om die stromen te stimuleren.

Staatssecretaris Knapen zei het eigenlijk heel treffend: minder dan gehoopt, meer dan verwacht. Want veel van deze onderwerpen waren tot nu toe zowat taboe. Beetje bij beetje is er echt iets aan het veranderen. China heeft bijvoorbeeld gisteravond in de nationale toespraak aangekondigd 6 miljoen dollar bij te gaan dragen aan het VN milieufonds.

Maar we zijn er nog niet. Al deze onderwerpen moeten we nu gaan uitwerken in New York. Dus ik moet aan de bak. Het ‘gevecht’ gaat door.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
Lonneke van Genugten

Over de auteur

publicist

Leest en schrijft het liefst over Congo, Rwanda en Guinee, maar ook over mondiale trends, beeldvorming, feminisme en duurzame lifestyle.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief