“Nu mogen jullie een servet uitzoeken en daarmee ga je dit flesje bekleden.” Een stuk of vijftien vrouwen schuifelt naar de tafel met stapels servetten in gezellige prints: bloemen, nautische symbolen, hartjes, theepotjes. De servetten zijn gloednieuw en de voorbewerkte flesjes zijn volgens mij ook niet uit de glasbak gevist.

Op de tafels liggen stapels scharen, tijdschriften, sjablonen, lijm en kwasten. In een hoek zit Abdulrahman, de enige man in het gezelschap. Ik vraag hem of hij graag knutselt. Hij blijkt de vertegenwoordiger van de winkel die vanavond de fröbelmaterialen ter beschikking heeft gesteld. Ik krijg een visitekaartje, voor als ik meer knutselmateriaal nodig heb. “Binnenkort komt de Martha Stewart-collectie binnen.”

De Martha Stewart-collectie doet bij mij niet direct een bel rinkelen, thuis maar even googelen. Daar zie ik dat de Amerikaanse lifestylegoeroe zich heeft herpakt na haar aandelenfraude en bijbehorende celstraf. Ze doet nu in bijna kant en klare prullaria waarop je alleen nog wat glitters hoeft te plakken, en voilà: je persoonlijke hartvormige hanger. Binnenkort ook verkrijgbaar in Koeweit.

Ik had me iets anders voorgesteld bij een recycle-workshop. Ik dacht dat we allemaal bij elkaar zouden komen rond een berg droog afvalmateriaal, waarvan elke Koeweiti dagelijks anderhalve kilo produceert, en dat we daar een kunstwerk van zouden maken. Met zijn allen, of individueel, net hoe onze pet zou staan.

Dat we bijvoorbeeld een gigantische druppel op een gloeiende plaat zouden maken. Of een gigantische voetafdruk. In elk geval iets gigantisch, met een verwijzing naar Koeweits afvalprobleem. En dat gigantische kunstwerk zou dan op de parkeerplaats van het cultureel centrum komen te staan, zodat tenminste drie bezoekers gedwongen zouden zijn te carpoolen.

Maar toen kwam die servettenopdracht. We hergebruiken hier vanavond geen afval, we produceren alleen maar meer afval. Ik moet er plotseling heel erg om lachen. Groepsleidster Hanan begrijpt het niet, maar is blij dat ik zo vreugdevol aan mijn plakproject begin. Tot ze ziet dat ik niet aan het plakproject ben begonnen.

Gedurende haar introductiepraatje, waarbij duidelijk werd dat iets gigantisch er die avond niet in zat, had ik iets anders bedacht. Een vrouw op haar kop, gemaakt van dat flesje, met benen van satéprikkers, gestoken in schoenen die ik uit mijn tijdschrift knip. De vrouw draagt een goudkleurige burka. Dat goud was uit nood geboren, want Abdulrahman had geen zwarte verf meegenomen.

Het idee van de op-haar-kopvrouw heeft verder niets met Koeweits ecologische problemen te maken, ik kon gewoon zo snel niets anders verzinnen. Toen dacht ik namelijk nog dat je iets zelf moest verzinnen. Ik realiseer me mijn interculturele fout. Knutselen maakt in deze regio geen deel uit van het schoolcurriculum of opvoeding. De vrouwen weten niet waar te beginnen en hebben aanwijzingen nodig. Het is te laat, ik moet nu doorzetten met mijn afwijkende project. Ik heb geen tijd meer om nog om te schakelen naar papier-maché, en ik vind er trouwens ook geen zak aan om een flesje met servetten te beplakken.

“Zij doet iets anders”, zegt Hanan een beetje angstig tegen de groep. Ik zeg dat ik plotseling enorme inspiratie had. Hanan beaamt dat je zoiets de ruimte moet geven in een knutselworkshop. De rest haalt de schouders op, zij gaan plakken. Ik zeg tegen mijn buurvrouw dat je gewoon de fles moet insmeren met behangsellijm, dan de servet erop, die ook weer insmeren met behangsellijm en klaar is kees.

Hanan grijpt in. Terecht, want je schijnt alleen de bovenste laag van de servet te moeten gebruiken, anders wordt het een klonterige boel. Dat zie ik nu ook in. Mijn buurvrouw is blij. Nu weet ze hoe ze dit thuis moet doen. Heeft ze zoveel lege flesjes dan? Nee, omdat het leuk is. Over de ecologische voetafdruk gaan we het vanavond niet hebben, dat is duidelijk.

Ik ben zelfs bang dat de ‘ready steady recycle’ workshop zijn doel volledig voorbij geschoten is. Ik hoor de vrouwen tegen elkaar zeggen dat ze die houten fruitkistjes, die Hanan had laten zien, ook zo mooi vinden. Ze hebben het erover dat ze morgen naar de supermarkt gaan om ze te kopen. De paar kilo appels die bij de kistjes horen, nemen ze op de koop toe. 

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Correspondent

Judith Spiegel is correspondent in de Golfregio, ze schrijft onder meer voor NRC, Elsevier en Hard Gras. Daarnaast doceert ze maritiem …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief

Advertentie

OneWorld-online_banner-600×500 + waaier